Onderzoeksdeelnemers met cystenieren vooraf indelen voor meer effect

Door Merel Dercksen 

Amerikaanse onderzoekers hebben een methode ontwikkeld om patiënten met erfelijke cystenieren in te delen naar ernst, op basis van beeldvormend onderzoek. Ze hebben deze methode getest op een groep patiënten uit een ander onderzoek. De indeling blijkt het mogelijk te maken die patiënten te selecteren bij wie de aandoening het snelst verergert, en bij wie daardoor ook het grootste effect van de onderzochte ingreep te zien is. Zo kan een effectievere selectie van onderzoeksdeelnemers gemaakt worden.

Patiënten met dominant overervende cystenieren (ADPKD) kunnen een heel verschillend ziekteverloop hebben. Als degenen bij wie de nierfunctie langzaam daalt meedoen aan een onderzoek, is het effect van de onderzochte ingreep bij hen minder goed zichtbaar dan bij degenen van wie de nierfunctie zonder ingreep snel daalt. Daardoor kan het zijn dat er in een grote groep gemengde deelnemers geen significant effect gevonden wordt, terwijl dat er voor een subgroep wel is. Klinische trials kunnen daarom effectiever zijn als er voor deelname patiënten geselecteerd worden van wie de verwachting is dat hun aandoening sneller verslechtert.

Een groep Amerikaanse wetenschappers heeft eerder een methode ontwikkeld waarin ze patiënten met ADPKD op basis van beeldvormend onderzoek indelen in twee categorieën: met een normale of een atypische verdeling van de cysten. De eerste groep delen ze nog verder in in klasses A tot en met E, op basis van het totale niervolume ten opzichte van de lengte van de betreffende patiënt.

Deze methode hebben ze nu getest bij deelnemers aan een ander, eerder uitgevoerd, onderzoek, waarbij het effect van strikte bloeddrukverlaging bij patiënten in een vroeg stadium van ADPKD onderzocht werd. Dit onderzoek keek naar het effect dat deze ingreep had op afname van de nierfunctie en op toename van het totale niervolume.

Twee onderzoekers hebben de 551 deelnemers ingedeeld in een van de zes categorieën. Toen bleek dat toename van het totale niervolume en afname van de nierfunctie tijdens het eerdere onderzoek groter werden naarmate de classificering toenam: bij de patiënten die op grond van het beeld van hun nieren waren ingedeeld in 1E was de achteruigang groter dan bij de patiënten die waren ingedeeld in 1A. Uit de oorspronkelijke studie was gebleken dat strikte bloeddrukcontrole wel met een vertraging in de toename van het niervolume samenging, maar niet met een significant effect op de nierfunctieafname. In deze acherafanalyse zagen de onderzoekers een sterker voordelig effect bij patiënten uit de klasses 1D en 1E, ook op afname van de nierfunctie.

Hiermee concluderen ze dat het mogelijk is om deelnemers met ADPKD aan klinische studies van tevoren te classificeren. En dat dit ook toegepast zou moeten worden om zo het effect van de studie duidelijker zichtbaar te maken en de kosten te verlagen.

Gepubliceerd: maandag 20-11-2017
Bron: Nephrology Dialysis Transplantation | Nog geen reacties

Reageer op dit artikel

    Gerelateerde artikelen

    Recente artikelen

    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier


    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier