Zeven vragen aan dialyseverpleegkundige Marcel Klaver

Door Redactie NierNieuws 

Marcel Klaver (1959) werkt in het Westfries- gasthuis in Hoorn als dialyseverpleegkundige.  Vanaf 1981 in de zorg, eerst als groepsleider in de geestelijk gehandicaptenzorg, vanaf 1990 in een algemeen ziekenhuis en vanaf 1999 op een dialyseafdeling. 

Waarom is uw werk zo’n mooi vak 
Ik mag met mensen omgaan en daar leer ik veel van. Vooral doe ik mensenkennis op, maar ik leer ook mezelf beter kennen. Mijn vak heeft verschillende kanten, het technische aspect van de machine en het begeleiden van patiënten om ze zich ‘thuis’ te laten voelen. Daarnaast is het aanprikken, aansluiten van groot belang en steeds weer een uitdaging om goed te doen. Het is een vak dat nog steeds in ontwikkeling is, zeker door de innovatieve kracht van het bedrijfsleven. Ik vind het heerlijk om met collega’s samen te werken, om elkaar te stimuleren de beste zorg te verlenen. Iedere dag is anders.  

Wat maakt u het meest en wat het minst gelukkig in uw werk
Ik word gelukkig van waardering van mijn patiënten en mijn collega’s voor wat ik inbreng in mijn werk. En het minst? Als mijn goede bedoelingen verkeerd worden geïnterpreteerd.

Welke gebeurtenis heeft in uw loopbaan de meeste indruk op u gemaakt
Het plotseling overlijden van een patiënt, die door een CVA niet meer kon praten, en waar ik een heel speciale persoonlijke band mee had. Zij stierf in mijn armen. Maar ook een vrij jonge dialysepatiënt die wegkwijnde door een hersentumor heeft veel indruk op mij gemaakt. 

Op welke prestaties in uw werk bent u het meest en het minst trots
Ik ben er trots op dat heel veel patiënten mij graag zien. Maar ik heb eens een fout gemaakt en daarbij het vertrouwen van een patiënt geschonden door er laconiek op te reageren. Een blunder van de eerste orde, die ontstond doordat mijn gedachten bij een werkconflict waren. 

Waar zou meer en juist minder onderzoek naar gedaan moeten worden
Wat mij betreft mag er meer onderzoek gedaan worden naar het ontstaan van polyneuropathieën bij dialysepatiënten, omdat dit heel vervelende klachten geeft waar weinig aan gedaan kan worden. Ook kan er nog meer onderzoek gedaan worden naar transplantaties door de bloedgroepen heen en transplantatie van non-heartbeating nieren. Er zouden minder onderzoeken moeten worden gedaan die veel teveel in details treden waardoor het belang ervan voor patiënten bijna nihil is.   

Als u minister van Volksgezondheid was, wat zou u dan als eerste veranderen
Ik zou dan als eerste de marktwerking in de zorg afschaffen en tevens meer controle op te hoge salarissen in de zorg uitvoeren met sancties erop. Er moet meer controle komen op de noodzaak van zorg. Daar kunnen betere criteria voor komen.

Ten slotte: waar bent u en wat doet u over tien jaar
Ik ben nu 54 jaar jong, dus ik mag nog 13 jaar arbeid verlenen. Waarschijnlijk doe ik over 10 jaar nog hetzelfde werk maar dan mogelijk door innovatie een andere invulling van mijn functie. Mijn wens is om langzaam mijn werk af te bouwen en dan meer vrijwilligerswerk te gaan doen. 


Dit is een artikel in een serie visies op het werkveld van professionals in de nierzorg. De artikelen verschijnen onregelmatig. Meewerken aan de serie? Mail naar redactie@niernieuws.nl

Gepubliceerd: donderdag 24-10-2013 | Nog geen reacties

Reageer op dit artikel

    Recente artikelen

    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier


    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier