Niet alle HLA-antilichamen zorgen voor afstoting

Door Merel Dercksen 

Antilichamen tegen een transplantatienier verhogen het risico op afstoting. Maar uit Frans onderzoek blijkt dat niet alle anti-HLA-antilichamen dit doen. Het risico op falen van de nieuwe nier wordt alleen groter wanneer de antilichamen in staat zijn aan eiwitten van het complementsysteem te binden. Sommige patiënten maken wel antilichamen tegen het donorweefsel aan, maar die zijn niet in staat het complementsysteem te activeren. Deze patiënten lopen geen grotere kans op nierfalen dan getransplanteerde patiënten zonder antilichamen.

Als een getransplanteerde nierpatiënt antilichamen ontwikkelt tegen specifieke eiwitten van de donornier (HLA, humaan leukocyten antigeen), kan dat leiden tot afstoting. Bij dit proces is het complementsysteem betrokken, een deel van het immuunsysteem. De anti-HLA-antilichamen activeren het complementsysteem, en daardoor ontstaat een afweerreactie. Maar niet alle anti-HLA-antilichamen zijn in dezelfde mate in staat om aan een factor uit het complementsysteem te binden. Franse wetenschappers hebben onderzocht of de complementbindende capaciteit van antilichamen tegen donor-HLA een rol speelt bij het verloren gaan van de getransplanteerde nier.

De deelnemers aan hun onderzoek zijn patiënten die in de jaren 2005 tot en met 2010 in Parijs getransplanteerd zijn. De onderzoekers screenden hen op de aanwezigheid van donor-specifieke antilichamen tegen HLA, en bepaalden de mate waarin die antilichamen konden binden aan een complementfactor. Ook hielden ze bij of de getransplanteerde nier schade opliep, of er daarbij sprake was van antilichaam-geïnduceerde afstoting en, indien van toepassing, hoe lang het duurde voor een nier verloren ging.

De onderzoekers hebben de ruim duizend patiënten ingedeeld in drie groepen: met complementbindende antilichamen tegen donor-HLA, met antilichamen tegen donor-HLA die niet in staat zijn het complementsysteem te activeren, en zonder donorspecifieke antilichamen. Het blijkt dat het aantal patiënten dat vijf jaar na transplantatie nog een functionerende donornier heeft, in de laatste twee groepen vergelijkbaar hoog is. Maar de patiënten die antilichamen tegen donor-HLA hebben die in staat zijn het complementsysteem te activeren, krijgen veel vaker te maken met antilichaamgemedieerde afstoting en lopen een ruim vier keer zo groot risico hun nier in die eerste vijf jaar te verliezen.

Voorspellende modellen die patiënten die een groot risico op verlies van de getransplanteerde nier lopen moeten identificeren, scoren beter als daar de aanwezigheid van complementbindende anti-donor-HLA antilichamen als variabele aan wordt toegevoegd.

Gepubliceerd: dinsdag 01-10-2013
Bron: New England Journal of Medicine | Nog geen reacties

Reageer op dit artikel

    Gerelateerde artikelen

    Recente artikelen

    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier


    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier