Genetische biomarkers urine kenmerkend voor acute afstoting nier

Door Merel Dercksen 

De standaardmethode om acute afstoting bij een getransplanteerde nier vast te stellen is nog altijd het nemen van een biopt en dat vervolgens in het laboratorium beoordelen. Maar elke biopsie brengt risco's met zich mee. Methodes om acute afstoting in de urine te herkennen zijn in ontwikkeling. Onderzoekers van het New York Presbyterian Hospital–Weill Cornell Medical Center en collega's hebben een set van drie genen geïdentificeerd op basis waarvan ze met behulp van de urine van een patiënt acute cellulaire afstoting kunnen aantonen.

Ze onderzochten 4300 urinemonsters van 485 getransplanteerde nierpatiënten die afgenomen waren vanaf 3 dagen tot 12 maanden na transplantatie. In de urine bepaalden de onderzoekers de hoeveelheid boodschapper-RNA (messenger RNA, mRNA), kopieën van DNA die als tussenstap dienen bij het vormen van eiwitten. Ze koppelden de hoeveelheden mRNA aan de afstotingsstatus, die van deze patiënten bekend was.

Op deze manier ontdekten ze een combinatie van verhoogd mRNA van drie genen die, wanneer die in de urine voorkomt, kenmerkend is voor acute cellulaire afstoting. Deze combinatie is niet alleen significant anders in de urine van patiënten bij wie een acute afstoting optreedt vergeleken met patiënten die geen last hebben van afstoting; de onderzoekers konden hiermee ook onderscheid maken tussen cellulaire en andere vormen van afstoting, zoals die waarbij antilichamen een sleutelrol spelen.

De aanwezigheid van urineweginfecties heeft geen invloed op de betrouwbaarheid van deze manier van testen. De hoeveelheid mRNA verandert al een aantal weken voordat de afstoting door middel van een biopsie is aan te tonen. Dat zou artsen de mogelijkheid geven om te reageren op het afstotingsproces nog voordat er echte schade aan de nier ontstaat.

De onderzoekers hopen ook dat op deze manier beter individueel te bepalen is hoeveel afweeronderdrukkende medicatie een patiënt nodig heeft: die kan met kleine stapjes naar beneden gebracht worden. Zolang de hoeveelheid mRNA afkomstig van de geïdentificeerde genen gelijkblijft, krijgt de patiënt nog voldoende. Zodra dit omhoog gaat, betekent dat dat er een afstotingproces op gang komt en moet de medicatie iets opgevoerd worden.

Gepubliceerd: maandag 08-07-2013
Bron: New England Journal of Medicine | Nog geen reacties

Reageer op dit artikel

    Recente artikelen

    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier


    NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
    Ons Pricaystatement vindt u hier