Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Zoektocht naar genen die matching beÔnvloeden duurt voort

Door Gerard Kok 

Door een combinatie van immuunsysteemonderdrukkende medicijnen en HLA-matching, zijn de overlevingskansen van donornieren de laatste jaren gestegen, maar zelfs bij een perfecte HLA-match tussen donor en ontvanger blijven immuunsysteemonderdrukkende medicijnen noodzakelijk. Dit suggereert dat er tussen donor en ontvanger genetische verschillen bestaan die een belangrijke rol spelen in afstoting van de donornier. Door een aantal studies naast elkaar te leggen, hoopten Engelse en Ierse artsen vat te krijgen op de voor niertransplantatie mogelijk cruciale genetische verschillen.

Genetische factoren spelen een belangrijke rol bij het overleven van een donornier, wat duidelijk blijkt uit de slagingspercentages bij transplantaties tussen eeneiige tweelingen: die zijn onverminderd hoog. Bij anderen blijkt de slagingskans hoger naarmate het Humaan LeukocytenAntigeen (HLA) tussen donor en ontvanger beter overeenkomt. Het Humaan LeukocytenAntigeen is een stukje chromosoom dat de blauwdruk vormt voor hoe ons immuunsysteem opereert. Maar zelfs bij een perfecte HLA-match zijn nog immuunsysteemonderdrukkende medicijnen nodig.

Eigenlijk is de mate van HLA-matching al een genetische factor die van invloed is op het resultaat van een transplantatie, maar ontdekkingen bij andere ziektebeelden de afgelopen jaren doen dus vermoeden dat er nog meer zijn. Om die factoren op het spoor te komen, onderzochten de artsen bijna 8000 donor-ontvangerparen uit Engeland en de rest van Europa, uit diverse kleinere studies. Helaas kwamen daaruit geen andere genetische factoren naar voren die het risico op afstoting zouden kunnen verklaren.

De artsen gaan uitvoerig in op de oorzaken van het niet vinden van deze andere factoren. Zij vermoeden dat de kwaliteit van de data beter had gekund; sommige studies waren van een aantal jaar terug, toen de stand van de techniek misschien niet was wat het nu is; of er zijn verschillen in hoe de diverse studies zijn opgezet en aangepakt die zich, onbedoeld, toch uiten in de resultaten. De belangrijkste oorzaak is echter dat de onderzochte studies te klein waren van opzet, waardoor het statistisch lastig is om heldere conclusies te trekken. Daarom hebben zij nu hun hoop gevestigd op een vergelijkbaar onderzoek, dat echter gegevens verzamelt van heel de wereld, in plaats van alleen Europa.

sterren Gepubliceerd: donderdag 07-06-2018
Bron: American Journal of Transplantation | Nog geen reacties




Amerikaanse onderzoekers leiden afweer ontvanger om de tuin

Ontvangers van donororganen moeten de rest van hun leven medicijnen slikken die hun immuunsysteem onderdrukken, omdat het lichaamsvreemde orgaan anders wordt afgestoten. Het langdurig onderdrukken van het immuunsysteem brengt echter wel een verhoogd risico op infecties en sommige vormen van kanker met zich mee, en daarnaast slaagt het immuunsysteem er na verloop van jaren vaak toch in om het donororgaan af te stoten. Een methode om het immuunsysteem het nieuwe orgaan te laten accepteren als lichaamseigen zou dus een ideale oplossing vormen. Amerikaanse onderzoekers zijn wellicht zo'n methode op het spoor.

Lees meer »

Leuvense test toont afstoting door antilichamen aan zonder biopt »

Onderzoekers uit Leuven en enkele andere Europese centra hebben een manier gevonden om afstoting van een getransplanteerde nier waarbij antistoffen een rol spelen, te herkennen zonder dat er een biopt genomen hoeft te worden. De methode is nog niet zo ver ontwikkeld dat die direct in de praktijk ingezet kan worden. Afstoting van een getransplanteerde nier kan op verschillende manieren plaatsvinden: langs een weg waarbij de T-cellen betrokken zijn (cellulaire afstoting), of door antilichamen.

Lees meer »

Botmetabolisme blijft ook na transplantatie vaak afwijkend »

Op het eerste gezicht zijn botten de meest stabiele onderdelen van je lichaam, maar zelfs botweefsel wordt eens in de zoveel tijd vervangen. Bij gezonde volwassenen wordt sponsachtig botweefsel eens per drie jaar vervangen, en compact bot eens per tien jaar. Bij patiënten met nierschade verloopt dit proces, 'botremodellering', slechter.

Lees meer »


Zoektocht naar genen die matching beÔnvloeden duurt voort





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier