Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Nierverkalking na transplantatie

Door Gerard Kok 

Patiënten die net een donornier hebben ontvangen, lopen risico op een verhoogd calciumniveau in het bloed. Deze verhoogde calciumspiegel kan negatieve consequenties hebben; er kan bijvoorbeeld tubulo-interstitiële calcificatie (verkalking van het weefsel tussen de nierfilters en van de nierbuisjes) optreden, wat het risico op afstoting van de donornier verhoogt. Uit Turks onderzoek blijkt dat niergetransplanteerden met een langdurig verhoogde calciumspiegel ook het meeste risico lopen op tubulo-interstitiële calcificatie.

Het onderzoek werd uitgevoerd aan de Ege universiteit van Izmir, in het westen van Turkije. Het gehele onderzoek omvatte 247 patiënten die net een niertransplantatie hadden ondergaan. Bij alle patiënten werd drie keer de hoogte van de calciumspiegel, en de mate van tubulo-interstitiële calcificatie gemeten: meteen na de transplantatie, na een half jaar en na een jaar.

Bij 28 patiënten vonden de onderzoekers na een half jaar een verhoogde calciumspiegel ('hypercalciëmie'), alsook een zekere mate van tubulo-interstitiële verkalking. Acht van deze patiënten hadden na een jaar weer een normale calciumspiegel, en bij sommigen van hen was de calcificatie in de donornier ook wat teruggelopen. De andere 20 hadden 'persistente' hypercalciëmie, en bij slechts twee van hen was na een jaar geen sprake van tubulo-interstitiële calcificatie. De lengte van de dialyse voorafgaand aan de transplantatie bleek een goede voorspeller van persistente hypercalciëmie.

Samengevat blijkt een verhoogde calciumspiegel best vaak op te treden na een transplantatie. De patiënten die een permanent verhoogd calciumniveau hebben lopen ook een hoger risico op tubulo-interstitiële calcificatie, en deze is dan ook vaak ernstiger. Het kan mogelijk zin hebben de verhoogde calciumspiegel te verlagen, ook bij patiënten met enige mate van calcificatie, maar het onderzoek is te klein opgezet om daar een harde uitspraak over te doen.

sterren Gepubliceerd: donderdag 01-09-2016
Bron: International Urology and Nephrology | Nog geen reacties




Amerikaanse onderzoekers leiden afweer ontvanger om de tuin

Ontvangers van donororganen moeten de rest van hun leven medicijnen slikken die hun immuunsysteem onderdrukken, omdat het lichaamsvreemde orgaan anders wordt afgestoten. Het langdurig onderdrukken van het immuunsysteem brengt echter wel een verhoogd risico op infecties en sommige vormen van kanker met zich mee, en daarnaast slaagt het immuunsysteem er na verloop van jaren vaak toch in om het donororgaan af te stoten. Een methode om het immuunsysteem het nieuwe orgaan te laten accepteren als lichaamseigen zou dus een ideale oplossing vormen. Amerikaanse onderzoekers zijn wellicht zo'n methode op het spoor.

Lees meer »

Leuvense test toont afstoting door antilichamen aan zonder biopt »

Onderzoekers uit Leuven en enkele andere Europese centra hebben een manier gevonden om afstoting van een getransplanteerde nier waarbij antistoffen een rol spelen, te herkennen zonder dat er een biopt genomen hoeft te worden. De methode is nog niet zo ver ontwikkeld dat die direct in de praktijk ingezet kan worden. Afstoting van een getransplanteerde nier kan op verschillende manieren plaatsvinden: langs een weg waarbij de T-cellen betrokken zijn (cellulaire afstoting), of door antilichamen.

Lees meer »

Botmetabolisme blijft ook na transplantatie vaak afwijkend »

Op het eerste gezicht zijn botten de meest stabiele onderdelen van je lichaam, maar zelfs botweefsel wordt eens in de zoveel tijd vervangen. Bij gezonde volwassenen wordt sponsachtig botweefsel eens per drie jaar vervangen, en compact bot eens per tien jaar. Bij patiënten met nierschade verloopt dit proces, 'botremodellering', slechter.

Lees meer »


Nierverkalking na transplantatie





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier