Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Minuscule kunststof bolletjes geven medicijn direct in de nier af

Wanneer: woensdag 06-01-2016

Door het ontwikkelen van een 'slim' polymeer waarin bepaalde medicijnen zijn ingesloten, kan in de toekomst mogelijk bij ontsteking van de nier, schade voorkomen worden. Door het polymeer onder het nierkapsel te injecteren kunnen medicijnen het nierweefsel binnendringen en schade tegengaan. Het uiteindelijke doel is om medicijnen lokaal in de nier gedoseerd af te geven binnen het ontstoken nierweefsel. Op deze wijze kunnen medicijnen direct hun werking doen daar waar nodig, en kunnen ze minder bijwerkingen veroorzaken in de rest van het lichaam. Jurjen Zandstra heeft in het kader van zijn promotie onderzoek gedaan naar zulke polymeren.

Als polymeervorm is gekozen voor een 'microsfeer', omdat microsferen makkelijk te injecteren zijn en gecontroleerd een medicijn kunnen afgeven. Zandstra en zijn collega's hebben eerst onderzocht welke polymeren het meest in aanmerking komen, door na te gaan hoe giftig ze zijn voor verschillende celtypen. Vervolgens hebben ze een verschillend aantal microsferen met verschillende chemische en fysieke samenstellingen in de rug van een rat geïnjecteerd om de vreemdlichaamreactie te bestuderen. Dat is de manier waarop het lichaam reageert op een indringer (vreemd lichaam) van buitenaf. Deze vreemdlichaamreactie moet zo mild mogelijk verlopen.

In de volgende stap is het noodzaak om te onderzoeken of microsferen überhaupt wel onder het nierkapsel geïnjecteerd kunnen worden, en zo ja, of ze dan de nier niet beschadigen, maar wel medicijnen afgeven. Zandstra ontdekte dat niet alleen de chemie van de microsferen invloed heeft op de vreemdlichaamreactie, maar dat ook de grootte ertoe doet. Kleine microsferen (5 µm in diameter) worden als het ware opgegeten (gefagocyteerd) en de grote (30 µm) niet. Daarnaast veroorzaken de kleine microsferen een sterkere ontstekingsreactie en kapselvorming (dit laatste is een manier van het lichaam om het vreemde object af te schermen van de rest van het lichaam). Blijkbaar is het dus beter om een groter afgiftemolecuul te gebruiken.

Vervolgens zijn de microsferen voorzien van een medicijn (rapamycine, sirolimus) waarvan bekend is dat veel patiënten die het gebruiken, negatieve bijeffecten ervaren. Bij de ratten die Zandstra gebruikte blijken de microsferen in staat om gecontroleerd rapamycine af te geven in de tijd. Ook leidt deze afgifte tot minder ontsteking, tot zeker twee weken na injectie onder het nierkapsel. Daarnaast is er minder collageendepositie, wat een belangrijke oorzaak is in het ontstaan van fibrose.

Het laatste onderdeel van het onderzoek van Zandstra betrof het bestuderen van de afgifte van medicijnen in een echt ziektemodel. Dat heeft hij bestudeerd in ratten waarbij een nierontsteking was opgewekt door de bloedtoevoer naar de nieren tijdelijk af te klemmen. Bij injectie van de met rapamycine gevulde polymeren werd rapamycine effectief lokaal afgegeven. Dit lokaal afgegeven rapamycine verminderde de ontsteking. Hetzelfde onderzoek heeft Zandstra herhaald bij ratten met andersoortige nierschade. Ook hier is sprake van een versterkt therapeutisch effect wanneer rapamycine lokaal wordt afgegeven in plaats van systemisch, en zijn er dan minder systemische bijeffecten.

Promotie J. Zandstra: woensdag 6 januari 2016, 11:00 uur
Titel proefschrift: Microspheres for local drug delivery

Promotor: prof.dr. R.A. Bank

Locatie: Aula Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

sterren Gepubliceerd: maandag 21-12-2015
Bron: Rijksuniversiteit Groningen | Nog geen reacties




Hogere sterfte niertransplantatiepatiŽnten die maagzuurremmers gebruiken

Door Rosa Wouda - Een interview met arts-onderzoeker Rianne Douwes en nefroloog Stephan Bakker van het UMCG over hun onderzoek naar het verband tussen het gebruik van maagzuurremmers en sterfte na niertransplantatie.

Rianne heeft geneeskunde gestudeerd aan de universiteit van Groningen. Tijdens haar studie was ze lid van het Prometheus-Nierteam, waardoor haar interesse in wetenschappelijk onderzoek en transplantatiegeneeskunde groeide. Haar laatste coschap heeft ze gedaan op de afdeling maag-, darm- en leverziekten. Sinds ruim drie jaar werkt zij als arts-onderzoeker voor de TransplantLines studie; een grootschalig onderzoek, langlopend onder in het UMCG getransplanteerde patiŽnten, onder leiding van prof. dr. Bakker. Passend bij haar interesse in de transplantatiegeneeskunde, alsmede het maagdarmstelsel, doet zij nu onderzoek naar het gebruik van maagzuurremmers bij patiŽnten met een niertransplantatie.

Lees meer »

Verfijndere behandeling ANCA-vasculitis stap dichterbij »

Van de Late Breaking Clinical Trials die tijdens het ERA-EDTA congres gepresenteerd zijn, hebben er twee betrekking op ANCA-vasculitis. Zowel met betrekking tot het terugdringen van een actieve aanval, als het voorkomen van een terugval is in Cambridge medicijnonderzoek gedaan dat een stap in de richting zet van meer op de patiënt afgestemde behandeling. Late Breaking Clinical Trials (LBCTs) zijn, zoals de naam al zegt, klinische studies, dus uitgevoerd onder patiënten.

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »


Minuscule kunststof bolletjes geven medicijn direct in de nier af





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier