Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

'Minder eten beperkt groei cystenieren'

Door Merel Dercksen 

Als muizen met cystenieren op dieet gezet worden, groeien hun nieren dramatisch minder snel dan bij hun soortgenoten die zelf mogen weten hoe veel ze eten. Ook hun nierfunctie blijft beter behouden. Maar of dit ook bij mensen werkt, is de vraag.

Ondanks de stappen die gezet zijn, is cystenieren nog altijd een slecht te behandelen aandoening. Verschillende onderzoeken richten zich op het remmen van de cystegroei, om zo het ziekteproces te vertragen en eindstadium nierfalen uit te stellen. Bij zowel mensen als muizen met cystenieren is het eiwit mTOR, dat onder andere een rol speelt bij de celgroei, sterker actief dan normaal. Eerder hebben wetenschappers dan ook al geprobeerd om met medicijnen die mTOR remmen, geprobeerd de cystegroei te vertragen. Dat lukte bij muizen heel redelijk, maar de resultaten bij mensen waren teleurstellend. Onder andere vanwege de bijwerkingen van deze medicatie.

MTOR reageert ook op de mate van voedselaanbod. Daarom dacht een groep Amerikaanse onderzoekers: als we een groep muizen met cystenieren nu eens op dieet zetten, zouden we dan niet mTOR kunnen remmen en zo de cystegroei vertragen? Minder eten heeft in elk geval geen ernstige bijwerkingen, zolang je niet te weinig eet tenminste.

Een deel van de onderzoeksmuizen mocht eten wat ze wilden. De rest kreeg 23% minder eten dan dat. De onderzoekers hielden de muizen vervolgens zeven weken in de gaten, tot ze twaalf weken waren. Ze hadden dat moment gekozen omdat muizen zo kort leven dat de ziekte ook snel erger wordt. Zonder behandeling hebben muizen met cystenieren erg veel last van de ziekte als ze ouder dan twaalf weken zijn.

De onderzoekers komen tot de conclusie dat de vermindering in de hoeveelheid ingenomen voedsel, die zij mild noemen, er niet toe leidt dat de muizen afvallen, of dat ze ondervoed raakten. Wel had het dieet invloed op de cysten in de nieren: bij de dieetmuizen werden die tijdens de onderzoeksperiode 41% zwaarder. Dat lijkt nog veel, maar bij de controlemuizen die zelf mochten weten hoe veel ze aten, was dat 151%. Ook de nierfunctie van de dieetmuizen bleef veel beter behouden. Toen ze twaalf weken oud waren, waren ze niet in eindstadium nierfalen beland.

Op basis van markers die de onderzoekers bij de muizen gemeten hebben, denken ze dat een dieet misschien nog wel beter, want breder, kan werken dan mTOR-remmende medicijnen. Tegelijkertijd met dit onderzoek heeft een andere groep wetenschappers een vergelijkbare studie gedaan, met muizen die ook cystenieren hadden, maar dan door een andere genetische afwijking. Ook zij komen tot de slotsom dat vermindering van de hoeveelheid voedsel, de verergering van cystenieren bij muizen vertraagt.

Of dit ook bij mensen werkt, is nog de vraag. De onderzoekers hebben goede hoop, vooral ook omdat bij een dieet geen ernstige bijwerkingen te verwachten zijn, die nopen tot een lagere dosering. Maar voordat dit grootschalig bij mensen onderzocht kan worden, moet eerst duidelijk zijn of het effect het gevolg is van minder calorieën, of bijvoorbeeld van een lagere eiwit- of vetinname. Tegen de tijd dat het zo ver is volgt nog de moeilijkheid dat het heel lastig is mensen gedurende lange tijd minder te laten eten dan waartoe ze van nature geneigd zijn. Laat staan dat je dat goed kunt controleren, behalve dan door het gewicht in de gaten te houden.

sterren Gepubliceerd: maandag 01-02-2016
Bron: American Journal of Physiology - Renal Physiology | Nog geen reacties




Kinderen met cystenieren hebben vaak hoge bloeddruk

Hoge bloeddruk blijkt vaak voor te komen bij kinderen met cystenieren, zowel overdag als 's nachts. Ook bij kinderen die verder geen klachten hebben. Wel lijkt er een verband tussen hoe snel de cysten zich op de kinderleeftijd ontwikkelen en het risico op te hoge bloeddruk.

Cystenieren, specifiek ADPKD, is de meest voorkomende erfelijke nierziekte. Meestal geeft deze aandoening pas klachten als patiënten volwassen zijn. Maar soms treden er op kinder- of tienerleeftijd al symptomen op, zoals een hoge bloeddruk. Hoe vaak dat voorkomt is nog maar beperkt vastgelegd, omdat veel ouders die de aandoening zelf hebben, hun kinderen niet laten testen zolang die geen klachten hebben. De kinderen hoeven dan ook niet op te groeien in de wetenschap dat ze een ziekte hebben waar op dat moment niets aan te doen is.

Andere ouders laten hun kinderen juist wel testen, zodat ze er op tijd bij kunnen zijn als het kind klachten begint te krijgen. Van deze kinderen zijn dan vaak ook wel bloeddrukgegevens bekend. Een internationaal team onderzoekers heeft in 22 voornamelijk Europese behandelcentra gegevens verzameld van kinderen bij wie bevestigd was dat ze ADPKD hadden.

Lees meer »

Onderzoeksdeelnemers met cystenieren vooraf indelen voor meer effect »

Amerikaanse onderzoekers hebben een methode ontwikkeld om patiënten met erfelijke cystenieren in te delen naar ernst, op basis van beeldvormend onderzoek. Ze hebben deze methode getest op een groep patiënten uit een ander onderzoek. De indeling blijkt het mogelijk te maken die patiënten te selecteren bij wie de aandoening het snelst verergert, en bij wie daardoor ook het grootste effect van de onderzochte ingreep te zien is.

Lees meer »

Grotere kans op trombose bij verwijderen cystenieren tijdens transplantatie »

Met het oog op afstoting kan het geen kwaad in dezelfde operatie cystenieren te verwijderen en een donornier te plaatsen, zo blijkt uit recent Amerikaans onderzoek. Wel is er een hoger risico op trombose in de niervaten. Bij patiënten met polycysteuze nierziekte (Polycystic Kidney Disease - PCKD of ook wel PKD) ontstaan cysten (vochtblazen) in de nieren, die daardoor steeds slechter gaan functioneren. De ziekte is erfelijk.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier