Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Meer zorgvuldigheid bij voorschrijven kaliumbinders?

Door Merel Dercksen 

Een kaliumbinder die werkt door calcium uit te ruilen tegen magnesium, geeft zoveel calcium af in het spijsverteringskanaal, dat dat effect heeft op andere processen. Niet per se negatief, bij nierpatiënten met een te hoog fosfaat werkt het bijvoorbeeld in een moeite door als fosfaatbinder. Maar het is wel een aandachtspunt bij het gebruik.

Een manier om te zorgen dat een te hoog gehalte aan kalium in het bloed van nierpatiënten daalt, is een kaliumbinder te gebruiken. Deze middelen zijn 'ionenwisselaars': ze ruilen de ene stof uit tegen de andere, in dit geval kalium. Vanouds bekend is natriumpolystyreensulfonaat, op de markt als Resonium en onder patiënten ook wel bekend als zand. Er zijn ook andere middelen, die geen natrium als wisselstof gebruiken, maar calcium. Een daarvan is Patiromer, waarover het Geneesmiddelenbeoordelingscomité CHMP al wel positief geadviseerd heeft, maar dat (nog) niet in Nederland in het vergoedingssysteem is opgenomen.

Dit medicijn wordt niet door het lichaam opgenomen en ruilt in het maagdarmkanaal calcium uit tegen kalium. De werkzaamheid voor het primaire doel, kalium in het bloed verlagen, is eerder al getest. Nu vroegen Amerikaanse onderzoekers zich af wat nou eigenlijk het effect is van dat extra calcium dat de patiënt op deze manier binnen krijgt. Heeft dat effect op de calcium-fosfaathuishouding en de botstofwisseling?

Om dit te achterhalen hebben ze gebruikgemaakt van gegevens uit een eerdere studie (de TOURMALINE studie) naar de werkzaamheid van het middel. Die hebben ze geanalyseerd op het effect op de hoeveelheid fosfaat en calcium in het bloed, vitamine D en magnesium en enkele hormonen die betrokken zijn bij de genoemde processen in het lichaam.

Op de hoeveelheid calcium in het bloed lijkt dit calciumbevattende medicijn geen effect te hebben. Wel zagen ze veranderingen in fosfaat, in de urine bij alle patiënten en ook in het bloed bij patiënten die een te hoog fosfaat hadden. De onderzoekers vermoeden dat dit komt doordat een deel van het vrijgekomen calcium in de darm werkt als een fosfaatbinder. Daarnaast zal ook een deel van dit calcium worden opgenomen, wat weer kan verklaren dat de concentraties van een bepaalde vorm van vitamine D en van intact bijschildklierhormoon daalden. En tot slot lijkt het erop dat een deel van het calcium niet wordt uitgewisseld tegen kalium uit de voeding, maar tegen magnesium. Zo selectief is het medicijn namelijk niet. Dit heeft weer tot gevolg dat de hoeveelheid magnesium in het bloed bij gebruikers wat daalt.

sterren Gepubliceerd: maandag 05-11-2018
Bron: Clinical Journal of the ASN | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Tony de Ronde, Amsterdam
    29-11-2018 15:31

    Deze en ook andere studies maken duidelijk dat bij gebruik van deze nieuwe kaliumbinder behalve calcium en fosfaat (dat gebeurt meestal standaard) ook regelmatig de hoeveelheid magnesium in het bloed gecontroleerd zal moeten worden. Waar nodig zal magnesium aangevuld moeten worden met een tablet met magnesium.
    Langzaam maar zeker lijkt het duidelijk te worden dat het beter is om bij nierpatiŽnten, of in ieder geval dialysepatiŽnten, te streven naar een hoog normaal magnesium in het bloed (zie bijvoorbeeld de presentatie van Anique ter Braake op de wetenschapsdag: site NVN, activiteiten, terugblik op themadagen, wetenschapsdag, 1e presentatie).




Inspirerende dag over therapietrouw

Wat een inspirerende dag hebben de Nierstichting en de Nierpatiënten Vereniging Nederland georganiseerd, zoals elk jaar onder de noemer 'Samen Sterk'. Zorgverleners en onderzoekers hebben gesproken over hoe belangrijk therapietrouw is en hoe het gestimuleerd kan worden. Het grootste deel van het publiek bestond uit mensen met chronische nierproblemen of die een niertransplantatie hebben ondergaan.

Op deze dag is gekozen voor het onderwerp 'therapietrouw', omdat 50-75% van de patiënten, ongeveer zes maanden na de start van de behandeling, in meer of mindere mate therapieontrouw is. Deze cijfers zijn zorgelijk, want door therapieontrouw is het effect van de behandeling niet optimaal en de gevolgen kunnen ernstig zijn. Uit onderzoek is gebleken dat er verschillende redenen voor therapieontrouw zijn:

Lees meer »

Schommeling medicijnspiegel beÔnvloedt afweercellen na transplantatie »

Patiënten hebben zelf aardig wat invloed op een goede afloop na een niertransplantatie door hun medicijnen elke dag trouw in de dezelfde dosis en op hetzelfde tijdstip in te nemen. Als ze dat niet doen, dan kunnen schommelingen in de bloedwaardes van de afweeronderdrukkende medicijnen ertoe leiden dat de nieuwe nier minder goed werkt en in het ergste geval wordt afgestoten. Maar ook patiënten die hun medicijnen wel altijd netjes op tijd innemen kunnen schommelende bloedwaardes hebben.

Lees meer »

Oplossing voor BK-virus in getransplanteerd orgaan kan op mensen getest gaan worden »

Het bedrijf Hybridize Pharma, door de oprichters in het gesprek ingekort to Hybridize, is een farmaceutische spin-off van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) die in september van 2019 is gestart. De missie van Hybridize is het ontwikkelen van innovatieve op RNA (= eiwit) gebaseerde therapieën die specifiek gericht zijn op virussen die worden gereactiveerd bij personen met een verzwakt immuunsysteem.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier