Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Meer ijzer en minder EPO net zo veilig

Door Gerard Kok 

Het behandelen van bloedarmoede bij hemodialysepatiënten met meer ijzer en minder EPO dan tot voor kort gebruikelijk kan geen kwaad. Belangrijke redenen voor deze koerswijziging zijn dat het goedkoper is en dat minder EPO ook minder bijwerkingen betekent. Dit blijkt uit de Engelse PIVOTAL studie onder hemodialysepatiënten in het eerste jaar van hun dialyse.

Patiënten met ernstige nierschade krijgen vaak te maken met bloedarmoede, omdat er te weinig rode bloedcellen in het bloed aanwezig zijn om zuurstof te vervoeren. Enerzijds hebben deze patiënten vaak een eiwitbeperkt dieet, waardoor ze te weinig ijzer binnen krijgen, en ijzer is nodig voor de aanmaak van rode bloedcellen. Anderzijds maken de nieren, omdat ze niet goed meer werken, te weinig erytropoëtine (EPO) aan. Dit hormoon regelt de aanmaak van rode bloedcellen. Bloedarmoede tast kwaliteit van leven aan; de meeste mensen met bloedarmoede zijn moe en lusteloos, en hebben geen energie. Behandelen van deze bloedarmoede is dus belangrijk om patiënten een betere kwaliteit van leven te geven.

De standaard behandeling tegen deze bloedarmoede is om te proberen zowel ijzer als EPO aan te vullen, daarbij zo min mogelijk gebruikmakend van bloedtransfusies, want die zijn riskant met het oog op een eventuele transplantatie. Er zijn biologische aanwijzingen zijn dat het toedienen van te veel ijzer gevaarlijk is, en daarom was men tot nu toe terughoudend met de dosis ijzer die patiënten kregen toegediend. Epidemiologisch bleek deze angst echter ongegrond; hogere doseringen ijzer bleken bij minder patiënten dan verwacht complicaties met zich mee te brengen. Langzaamaan verschoof de behandeling dus naar iets meer ijzer, iets minder EPO. Dat had als voordelen dat het goedkoper was (geen wereldschokkende bedragen, ik schat een paar honderd euro per jaar per patiënt), en dat EPO minder bijwerkingen veroorzaakte.

Het Engelse PIVOTAL onderzoek bekeek of deze behandeling veilig was en succes had bij 2.141 Engelse hemodialysepatiënten, in het eerste jaar van hun dialysebehandeling. De behandeling met meer ijzer en minder EPO was inderdaad veilig en succesvol. Het risico op cardiovasculaire complicaties (zoals een beroerte) was zelfs wat lager dan bij de oude behandeling, en er waren evenveel andere complicaties.

Al met al ondersteunt dit onderzoek een trend die in Amerika al wat langer gaande is: bloedarmoede bij nierpatiënten behandelen met meer ijzer en minder EPO is veilig en werkt. De onderzoekers merken wel op dat de uitkomsten van het onderzoek niet zomaar kunnen worden gegeneraliseerd naar alle nierpatiënten; dit onderzoek ging alleen over hemodialysepatiënten in het eerste jaar van hun dialysebehandeling. Ook of een verschuiving naar nog meer ijzer en minder EPO zinvol is, is ook onduidelijk. Er is dus nog genoeg te onderzoeken, maar dit is een veelbelovend resultaat.

sterren Gepubliceerd: donderdag 25-07-2019
Bron: Clinical Journal of the ASN | Nog geen reacties




Botmetabolisme blijft ook na transplantatie vaak afwijkend

Op het eerste gezicht zijn botten de meest stabiele onderdelen van je lichaam, maar zelfs botweefsel wordt eens in de zoveel tijd vervangen. Bij gezonde volwassenen wordt sponsachtig botweefsel eens per drie jaar vervangen, en compact bot eens per tien jaar. Bij patiënten met nierschade verloopt dit proces, 'botremodellering', slechter. Uit Fins onderzoek blijkt dat het daarbij niet zo veel uitmaakt of patiënten getransplanteerd worden, of blijven dialyseren; de mate waarin bot wordt vervangen gaat in beide gevallen langzaam achteruit.

Als gevolg van nierschade kunnen de botten in je lichaam zwakker worden, waardoor je meer kans hebt op botbreuken, en het ook langer duurt voordat breuken weer zijn genezen. Er zijn een aantal mogelijke oorzaken, maar ze komen meestal neer op een verstoorde mineraal- en hormoonhuishouding, omdat de nieren er niet meer in slagen deze stoffen op het juiste niveau te houden. Omdat er zo veel verschillende oorzaken zijn, is behandeling en preventie maatwerk.

Het Finse onderzoek bekeek 56 dialyserende patiënten, waarvan er 37 uiteindelijk een niertransplantatie kregen. De overige 19 bleven dialyseren. Na twee jaar bleek in beide groepen het aantal patiënten met een normale of lage botvervangingssnelheid hoger te zijn geworden, en het aantal patiënten met een hoge snelheid lager dan bij aanvang van het onderzoek.

Lees meer »

Mantelzorgers zwaarder belast bij oudere dialysepatiŽnten »

Er zijn steeds meer aanwijzingen dat starten met dialyseren op hogere leeftijd niet per se leidt tot een langer leven. Daarentegen kan het wel problemen met zich meebrengen, zowel voor de patiënt als voor de mantelzorger. Ouderen moeten een weloverwogen keuze kunnen maken tussen wel of niet starten met dialyse op basis van hun persoonlijke voorkeur, vindt Namiko Goto. Zij is geriater in opleiding en doet onderzoek naar de geriatrische problemen bij oudere patiënten met nierfalen.

Lees meer »

Shunts uit het laboratorium weer stap verder »

Drie jaar geleden publiceerde het Amerikaanse bedrijf Humacyte over shunts die ze in het lab gekweekt hadden en waarmee de eerste studies bij mensen waren afgerond. Inmiddels is het bedrijf verder. De ontwikkeling van 'nieuwe' bloedvaten heeft hemodialysepatiënten met slechte vaten als doelgroep, maar ook bijvoorbeeld patiënten die een ernstig ongeluk hebben gehad. Het bedrijf maakt gebruik van mallen: kleine buisjes van biologisch afbreekbaar materiaal.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier