Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Medicijnen die afweer onderdrukken hebben bij IgA weinig effect

Door Merel Dercksen 

Het aantal studies naar het gebruik van afweeronderdrukkende middelen bij patiënten met IgA-nefropathie is beperkt. Er lijkt een positief effect te kunnen zijn bij patiënten die onvoldoende reageren op de standaardbehandeling, maar het bewijs is niet erg sterk. Duitse wetenschappers hebben een studie gedaan waarin ze behandeling met en zonder afweeronderdrukkende medicijnen bekeken. Zij komen tot de conclusie dat deze medicijnen het eiwitverlies met de urine weliswaar vaker verminderen dan de standaardbehandeling, maar dat er geen verschil is in hoe snel de nierfunctie achteruitgaat.

De standaardbehandeling bij IgA-nefropathie (ziekte van Berger) bestaat uit het verlagen van de bloeddruk, met medicatie en dieet, en zo ook het eiwitverlies met de urine verminderen. Afhankelijk van de symptomen kan daar nog medicatie bij komen om het cholesterol te verlagen of om het risico op trombose te verminderen. Maar niet alle patiënten reageren daar goed op. Sommigen blijven meer dan een gram eiwit per dag verliezen. Of hun nierfunctie gaat snel achteruit. Voor die patiënten bevelen de richtlijnen, ook de Nederlandse, aan om afweeronderdrukkende medicatie te proberen. 

Duitse wetenschappers hebben onderzocht of dat nou zinvol is, die afweeronderdrukkende medicatie. Ze waren daarbij geïnteresseerd in het verminderen van het eiwitverlies, en het effect op de achteruitgang van de nierfunctie. Alle patiënten kregen in eerste instantie de standaardbehandeling. Van de patiënten die gedurende deze fase aan het onderzoek deelnamen, was er bij een groot deel na zes maanden nog sprake van een eiwitverlies van meer dan 0,75 gram per dag. Deze patiënten, die een verhoogd risico lopen op versnelde achteruitgang vergeleken met patiënten die wel goed op de eerste behandeling reageren, zijn vervolgens in twee groepen verdeeld. Een deel ging door met de standaardbehandeling, de rest kreeg daarnaast nog afweeronderdrukkende medicijnen. Welke, dat was afhankelijk van de nierfunctie van de patiënt, maar er zat altijd prednison bij. Dit deel van de studie duurde drie jaar.

Na deze periode bleek 5% van de patiënten met standaardbehandeling alsnog in remissie te zijn, wat betekent dat er geen eiwitverlies meer was. In de groep met afweeronderdrukkende medicatie waren dat er wat meer: 17%. In dat opzicht is er dus enig verschil. Maar toen de onderzoekers keken naar achteruitgang van de nierfunctie, zagen ze dat er in beide groepen evenveel patiënten waren van wie de nierfunctie met 15 ml/min of meer per jaar achteruitging. Er was geen verschil in de jaarlijkse achteruitgang van de nierfunctie tussen beide groepen. Maar de patiënten die afweeronderdrukkende medicatie gebruikten, hadden wel vaker last van bijwerking als ernstige infecties, prediabetes of een flinke toename van het gewicht. 

Het toevoegen van afweeronderdrukkende medicatie aan de behandeling van zogenaamde hoog-risico IgA-nefropathiepatiënten verbetert de uitkomsten volgens dit onderzoek nauwelijks, zeker niet waar het gaat om het vertragen van de achteruitgang van de nierfunctie. Maar er treden wel veel meer bijwerkingen op. 

sterren Gepubliceerd: woensdag 23-12-2015
Bron: New England Journal of Medicine | Nog geen reacties




Hogere sterfte niertransplantatiepatiŽnten die maagzuurremmers gebruiken

Door Rosa Wouda - Een interview met arts-onderzoeker Rianne Douwes en nefroloog Stephan Bakker van het UMCG over hun onderzoek naar het verband tussen het gebruik van maagzuurremmers en sterfte na niertransplantatie.

Rianne heeft geneeskunde gestudeerd aan de universiteit van Groningen. Tijdens haar studie was ze lid van het Prometheus-Nierteam, waardoor haar interesse in wetenschappelijk onderzoek en transplantatiegeneeskunde groeide. Haar laatste coschap heeft ze gedaan op de afdeling maag-, darm- en leverziekten. Sinds ruim drie jaar werkt zij als arts-onderzoeker voor de TransplantLines studie; een grootschalig onderzoek, langlopend onder in het UMCG getransplanteerde patiŽnten, onder leiding van prof. dr. Bakker. Passend bij haar interesse in de transplantatiegeneeskunde, alsmede het maagdarmstelsel, doet zij nu onderzoek naar het gebruik van maagzuurremmers bij patiŽnten met een niertransplantatie.

Lees meer »

Verfijndere behandeling ANCA-vasculitis stap dichterbij »

Van de Late Breaking Clinical Trials die tijdens het ERA-EDTA congres gepresenteerd zijn, hebben er twee betrekking op ANCA-vasculitis. Zowel met betrekking tot het terugdringen van een actieve aanval, als het voorkomen van een terugval is in Cambridge medicijnonderzoek gedaan dat een stap in de richting zet van meer op de patiënt afgestemde behandeling. Late Breaking Clinical Trials (LBCTs) zijn, zoals de naam al zegt, klinische studies, dus uitgevoerd onder patiënten.

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier