Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Hiv-donornieren functioneren boven verwachting

Door Gerard Kok 

Relatief veel Zuid-Afrikaanse Hiv-patiënten die een donornier hadden ontvangen van een overleden Hiv-patiënt waren vijf jaar na de transplantatie nog in leven, en ook hun donornier was niet afgestoten. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd in Zuid-Afrika, waar men ongeveer tien jaar geleden begon met het transplanteren van nieren van Hiv-patiënten naar andere Hiv-patiënten.

Een infectie met het Hiv-virus, het Humaan immunodeficiëntievirus dat AIDS veroorzaakt, kan tegenwoordig vrij goed met medicijnen behandeld worden. De ziekte kan nog niet worden genezen. Zowel de ziekte zelf, als de medicijnen waarmee Hiv behandeld wordt, kunnen nierschade veroorzaken, waarvoor soms een transplantatie nodig is om de nierproblemen te behandelen.

Ongeveer tien jaar geleden stond Zuid-Afrika toe dat nieren van overleden Hiv-patiënten getransplanteerd konden worden naar andere Hiv-patiënten. Uit onderzoek blijkt nu dat de meeste van de Hiv-patiënten vijf jaar na de transplantatie nog in leven waren, en dat de donornier niet was afgestoten. Dat had ook anders kunnen uitpakken, omdat de stam van het Hiv-virus waarmee de ontvangende patiënt is besmet meestal niet dezelfde is als de stam van de donor. Daarmee loopt de ontvangende patiënt risico op een zogenaamde 'superinfectie'. De kans bestaat dan dat de medicijnen om Hiv te bestrijden tegen één van deze stammen niet goed werken. Superinfecties bleven echter uit.

Het risico op superinfecties bleek echter mee te vallen. Na vijf jaar was 83% van de getransplanteerden nog in leven, en 79% had een nog functionerende donornier. Ook was de 'viral load' (de mate waarin het Hiv-virus bij een patiënt aanwezig is) niet toegenomen. Deze getallen komen overeen met een eerdere studie uit de Verenigde Staten, waarbij Hiv-positieve patiënten een donornier ontvingen van een Hiv-negatieve donor. Pas sinds 2013 staan de VS toe dat Hiv-positieve patiënten donornieren ontvangen van overleden Hiv-positieve patiënten. In Europa is het sinds 2012 toegestaan. Recent werd ook de eerste niertransplantatie tussen levende Hiv-patiënten met succes uitgevoerd.

Het onderzoek laat zien dat het goed mogelijk is nieren van overleden Hiv-patiënten te gebruiken voor transplantatie. Dat is goed nieuws voor Hiv-patiënten die wachten op een donornier, omdat dat de wachttijd aanzienlijk zou kunnen verkorten.

sterren Gepubliceerd: donderdag 10-10-2019
Bron: The New England Journal of Medicine | Nog geen reacties




Huisdieren mogelijk bron van hepatitis E

Huisdieren zijn veel vaker dan gedacht besmet (geweest) met het virus dat hepatitis E veroorzaakt, en zouden daarmee wel eens een bron van besmetting voor mensen kunnen zijn. Dit is voor gezonde mensen over het algemeen niet gevaarlijk, maar kan dat wel zijn voor mensen die een verminderde afweer hebben, bijvoorbeeld getransplanteerden.

Vrij veel mensen hebben op enig moment in hun leven een infectie met het hepatitis E-virus, meestal niet ernstig. Maar wie een verminderde afweer heeft, bijvoorbeeld door de medicatie die transplantatiepatiënten gebruiken, kan er wel heel ziek van worden. Er zijn verschillende vormen van het virus: sommige komen alleen bij mensen voor, maar andere types circuleren ook onder wilde en gedomesticeerde dieren. De idee is dat mensen vooral besmet raken via varkens, of door (onvoldoende verhitte) varkenslever te eten. Maar Rotterdamse onderzoekers dachten dat er mogelijk nog een andere besmettingsweg is, omdat er zo veel mensen zijn die ooit besmet raken. Terwijl het virus niet makkelijk van mens tot mens wordt overgedragen.

Ze hebben, in samenwerking met de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en Wageningen Universiteit, het bloed van honden, katten en paarden onderzocht. Daaruit blijkt dat 15 tot 20% van deze huisdieren antistoffen tegen het virus in het bloed heeft, en dus ooit besmet is geweest. Waarschijnlijk doordat er varkenslever verwerkt is in het voer.

Lees meer »

Wisselingen in Maastricht »

Twee grote veranderingen bij de afdeling nefrologie in Maastricht: prof.dr. Karel Leunissen is met emeritaat gegaan en prof.dr. Jeroen Kooman is benoemd tot nieuwe directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie. Bij zijn afscheid van het Maastricht UMC+ is internist-nefroloog prof.dr. Karel Leunissen benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Tevens is hij onderscheiden met de Maastricht UMC+ penning.

Lees meer »

Wiskundig model maakt schatting van druk in nierfilters »

Door Rosa Wouda - Een interview met arts-onderzoeker Didier Collard over het onderzoek naar het meten van druk in de nierfilters in het Amsterdam UMC. Didier heeft een bachelor wiskunde en natuurkunde gedaan, gevolgd door een master mathematische fysica aan de Universiteit van Amsterdam. Via de zij-instroom is hij daarna geneeskunde gaan studeren en hij heeft inmiddels zijn opleiding tot arts afgerond.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier