Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Have we got a match?

Door Brenda de Coninck 

‘Dát is goed nieuws! Nee… dat moet je haar zelf vertellen’ zegt mijn tante in Hamilton, Canada, terwijl ze de trap afloopt naar de kelder, waar een tweede woning onder de grond huist. ‘Volgens mij is ze al onder de douche vandaan.’ Ze komt met een niet te verhullen glimlach de slaapkamer binnenlopen en steekt haar hand uit met daarin de telefoon. Eindelijk: dit is het bericht waar ik al vier dagen op wacht. ‘Sta je of zit je?’ zegt mijn man met ingehouden spanning. Aan de glimlach van mijn tante en de toon van zijn stem, vermoed ik dat er goed nieuws op komst is. ‘Ga maar even zitten’ zegt hij als hij hoort dat ik sta. Als ik braaf op het bed plaatsneem, kan hij het niet meer voor zich houden. ‘We hebben een match!’ zegt hij uitgelaten. ‘Meteen de eerste keer al!’

Mijn tante loopt discreet weg als ze de uitdrukking op mijn gezicht ziet. Ik ben blij en tegelijkertijd een beetje verdoofd, alsof het niet tot mij doordringt. ‘Ik werd om 13:00 uur gebeld door Victoria’ gaat mijn man verder. ‘Ze zei: het heeft lang geduurd, maar ik kom met goed nieuws: er is een match.’ Ik hoor de emotie in zijn stem terwijl hij de details van het gesprek verder uiteenzet. ‘Victoria zei dat de uitslag van de kruisproef tussen de 6 en 8 weken gaat duren omdat er zoveel donoren zijn deze keer. Ze houden waarschijnlijk een slag om de arm, want deze uitslag heeft ook langer geduurd dan de bedoeling was.’

Ik denk terug aan de afgelopen vier dagen. Op 17 januari zit ik met mijn telefoon aan in de klas en krijg bijna een hartverzakking als hij overgaat. Het is mijn man. ‘Dit is nou niet het meest ideale moment om te bellen’ zeg ik naar adem happend. ‘Ja sorry, maar ik moest je even hebben’ is zijn verontschuldigende antwoord. Op 18 januari vlieg ik voor 6 dagen naar Toronto om mijn tante te verrassen die 80 wordt. ‘Nou ja, Mam: als je landt op Toronto Airport, dan weet je het in ieder geval’ zegt mijn oudste geruststellend, aangezien de belofte van het ziekenhuis is: je hoort de uitslag op 17 of uiterlijk 18 januari. Als ik na het landen verwachtingsvol mijn telefoon aandoe, zakt mijn hart echter in mijn schoenen als ik in de groepsapp lees: ‘Nog steeds geen nieuws uit Groningen… Ik heb een email gestuurd met de vraag of ze mij morgen mobiel willen bellen als ze nieuws hebben.’ Maar ook op 19 januari horen we niets, tot verdriet en ergernis van mijn naasten.

Ik besluit de uitslag van mij af te zetten en te genieten van alle uitstapjes en bijeenkomsten. De aankomende festiviteiten rondom de 80e verjaardag van mijn tante helpen mij daarbij. Eigenlijk voelt het ook wel lekker zo, om te doen alsof de commotie in Nederland niet bestaat. Dat stopt het nerveuze gekriebel vanbinnen. ‘We merken het wel’ zeg ik tegen mezelf als Nederland af en toe mijn gedachten binnenloopt en laat het dan los, tot de ochtend waarop mijn tante jarig is en mijn man belt.

‘Hoe voel je je?’ vraagt mijn echtgenoot. ‘Tja….dit is geweldig nieuws natuurlijk’ zeg ik blij, ‘maar ik durf nog niet 100% blij te zijn. De kruisproef kan nog steeds roet in het eten gooien. Eigenlijk weten we pas over 6 tot 8 weken of het écht doorgaat.’ ‘Dat is waar’ is zijn reactie. ‘Maar als je nu ‘nee’ had gehoord, was je bijna een half jaar verder geweest voordat de uitslag van een tweede ronde definitief zou zijn. Dus is dit een mooie stap in de goede richting.’ Hij klinkt vaderlijk. ‘Daar heb jij weer gelijk in’ zeg ik, maar vanbinnen voelt het als een pingpong wedstrijd: het ene moment ben ik in de wolken, het andere moment verdoofd. Die kruisproef… waarom doen ze die er nou niet meteen achteraan, vraag ik mij af. Waarom moeten we nu opnieuw - 6 tot 8 weken - wachten? Kan dat nou niet anders?

‘De uitslag komt binnen op uw verjaardag!’ roep ik uitgelaten als in Nederland de hoorn op de haak wordt gelegd en mijn tante weer de slaapkamer inloopt. Ik pak haar bij haar schouders en feliciteer haar met een zoen en een knuffel. ‘Táchtig jaar!’ zeg ik met bewondering in mijn stem. Ze kijkt mij aan en slaat haar handen voor haar mond. ‘Isn’t that ameeeezing?!’ klinkt het tussen haar vingers door. ‘It all comes together now, doesn't it?’ Haar blik rust op mij. ‘Inderdaad tante, maar vandaag is het uw dag, uw feestje.’ ‘Oh well, we hebben gewoon nóg iets om te vieren’ is haar laconieke antwoord.

Om 11:00 uur worden we opgehaald door haar dochter en haar gezin en rijden we naar een prachtig hotel in een Victoriaans stadje nabij de Niagara-watervallen. Daar wacht een druk verjaardagsprogramma. Onderweg in de auto vraagt mijn nichtje mij de oren van het hoofd over het hoe, waar en wanneer van de volgende stappen. Ik vind het lief dat ze zo geïnteresseerd is, en tegelijkertijd ben ik bijna geneigd om van onderwerp te veranderen, want het voelt alsof ik met het vertellen over wat er staat te gebeuren de goden ‘verzoek’. Alsof mijn hoopvolle verwachtingen daardoor over 6 tot 8 weken de grond in zullen worden geboord, en ik weet niet of ik er snel bovenop zal komen als het toch een ‘nee’ wordt.

‘Positive thinking Brenda’ zegt mijn tante een beetje streng als ze hoort over de kruisproef. En ik snap wat ze bedoelt, wat mijn man bedoelt en wat alle andere mensen bedoelen als ze mij een hart onder de riem willen steken. Het is inderdaad een geweldige stap voorwaarts dat er een nier voor mij gevonden is. Het is bemoedigend en ik ben dankbaar, heel dankbaar. Er is een grote kloof overwonnen. Maar toch...

Als de volgende maar geen ravijn is.

sterren Gepubliceerd: vrijdag 27-01-2017 | Reacties (2)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Marjolein Bos, Amstelveen
    29-01-2017 11:56

    Lieve Brenda, stap 1 is gezet! Ik duim gewoon verder zodat de kruisproef ook het gewenste resultaat oplevert. Ben superblij voor jullie.

  • Vis Annette , Almere
    27-01-2017 18:22

    Fingers crossed.




Het lot is je niet altijd goed gezind

“Geachte mevrouw De Coninck,

Zojuist hebben we gerandomiseerd, en heeft de computer u helaas - waar u en wij al bang voor was/waren - in de TACrolimus-arm geloot. Daarom hoeft u morgen alleen te prikken, de bloeddruk, pols, gewicht, lengte en temperatuur worden gemeten en genoteerd, er wordt een volledig lichamelijk onderzoek gedaan, en daarna moet er nog een ECG gemaakt.”

‘Zie je wel. Ik zei het je toch?!’ ‘Wat is er?’ Mijn man kijkt vanaf zijn bureau naar die van mij en naar het scherm van mijn computer, waarop een bericht is binnengekomen vanuit het UMCG. ‘Ik ben in de tac-arm geloot. Ik wist het gewoon, het voelde al meteen niet goed.’ ’Aaaah, dat méén je niet!’ Ik kijk hem aan en ik ben heel…..tja, wat ben ik eigenlijk? Teleurgesteld? Uiteraard. Maar er is nog iets. Ik kijk hem aan en voel het: ik ben boos!

Lees meer »

Een onbestemd gevoel »

‘Je moet er niet door achteruitgaan hoor’ zegt mijn man. ‘Je bent destijds niet voor niets van de Prograft afgegaan en dan zou je dat nu weer moeten slikken? Je ben net lekker ingesteld.’ Ik zucht. We zitten in de huiskamer te relaxen en ik heb mij net hardop afgevraagd wat ik moet doen: wel of niet aan het onderzoek meedoen? Hij heeft gelijk: ik wil er niet onder hoeven ‘lijden’.

Lees meer »

De Tac-arm... »

‘Zullen we over drie maanden afspreken?’ vraag ik. Ik heb het gevoel dat het nu wel kan. Na twee jaar van zoeken, aanpassen, controleren en verfijnen, ben ik perfect ingesteld. Marnix kijkt mij in de spreekkamer aan. Hij zit aan de andere kant van de tafel en schuift even met zijn muis over zijn bureau, terwijl hij de uitslagen op het scherm controleert. ‘Dat wilde ik ook al voorstellen’ glimlacht hij. Mooi, denk ik.

Lees meer »


Have we got a match?





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier