Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Eenzaamheid

Door Brenda de Coninck 

Ik heb een beetje last van een writer’s block. Er gebeurt zóveel, dat het eigenlijk niet meer bij te benen is. Hoe breng je iets onder woorden, waar geen woorden voor bestaan? ‘Hoe is het met Sander?’ vraagt mijn man elke ochtend, gevolgd door ‘Ik ga vanavond even naar hem toe.’ ‘Even naar hem toe’ is in dit geval letterlijk. Onze vrienden wonen aan de overkant van de straat. Nog maar drie maanden geleden was er nog niets aan de hand. ‘We waren een gewoon stel, net als jullie’ zegt Patrick op een dag in de keuken, terwijl zijn man boven ligt te slapen. Door de pas aangeschafte babyfoon kan hij elk geluid in de slaapkamer horen. ‘Soms zit ik beneden en is het stil in huis. Dan denk ik: dit is mijn toekomst. Eenzaamheid.’

Vanaf het moment dat Sander te horen krijgt dat hij terminaal ziek is, zien we hem veranderen. De woorden van de oncoloog hebben veel invloed op hem. ‘Ik geef u weken tot maanden, zeker geen jaar’ had hij voorspeld. ‘Het was een hele aardige man hoor, maar hij wond er geen doekjes om. Hij was gewoon eerlijk’ zegt Sander een paar dagen na deze verwoestende mededeling. Ik kijk hem aan en weet niet wat ik moet zeggen. Toevallig stuit ik vlak daarna op internet op een zevendelige - per aflevering anderhalf uur durende - documentaire over non-invasieve alternatieve oncologiebehandelingen die ondersteund worden door evidence based practice. Ik bekijk ze allemaal in de hoop dat ik hem daarmee kan helpen. Maar Sander wil er niet van horen. ‘Daar word ik alleen maar depressief van’ zegt hij verdrietig. Het kost mij moeite, maar ik besluit te respecteren dat hij zijn eigen weg volgt.

De pijn in zijn lijf neemt toe. Hij wordt in de loop van de weken magerder en bleker. Op mijn verjaardag voelt hij zich niet lekker - misselijk - maar wil toch per se naar ons toekomen om bij mijn aangepaste feestje aanwezig te kunnen zijn. Hij houdt het anderhalf uur vol. Kletsend met onze meiden lijkt hij zelfs een beetje op te fleuren. Zo nu en dan lacht hij. Ik hoop dat hij daardoor zijn situatie heel even vergeet. Na anderhalf uur gaat hij naar huis, kapót. ‘Ik neem geen afscheid hoor, daar heb ik een hekel aan’ zegt hij beslist.

De werelden van onze vrienden en die van ons, lopen parallel aan elkaar, maar staan tegelijkertijd ver van elkaar af. Niemand kan invoelen wat het betekent als je weet dat je stervende bent en je alles wat je dierbaar is, moet achterlaten. Onze gesprekken krijgen aan de rand van zijn bed een diepgang die ik met Sander niet eerder heb gekend. Bescheiden en op de achtergrond zoals hij altijd is geweest, praat hij nu meer vrijuit. ‘Gek hč’ zegt hij. ‘Als ik hier zo lig, dan komen allerlei beelden van vroeger bij mij op, zelfs van toen ik klein was. Dingen waar ik nooit meer aan heb gedacht. Dan denk ik, heb ik het wel goed gedaan? Had ik het niet beter moeten doen?’ Dat er 150 kaarten beneden op het dressoir staan, er elke week een enorme bos bloemen door zijn werkgever wordt gestuurd, er tientallen mensen bellen om te vragen of ze bij hem op bezoek mogen komen, lijkt geen antwoord te zijn op zijn fundamentele vraag. De reflectie op zijn leven en het onderwerp ‘ben ik goed genoeg geweest?’ is er een die niet door derden kan worden beďnvloed.

Zijn twijfel raakt mij. Ik gun hem zoveel meer. Het is nu bijna twee jaar geleden dat ik een tweede leven heb gekregen. En hoewel mijn medicatie nog steeds een kleine bron van zorg is (spiegel te laag/te hoog/trillende handen) realiseer ik mij intenser dan ooit dat ik niet meer wil twijfelen. Daar is het leven te mooi en te kostbaar voor. Ik weet dat ik in het verleden fouten heb gemaakt en er zullen er in de toekomst nog wel een paar bijkomen, maar ik doe de dingen met de wijsheid van nu. Als ik toen beter had geweten, had ik het beter gedaan. Zo simpel is het. Dat ontslaat je niet van reflectie, maar dat is wat anders dan jezelf neersabelen. Een beetje vergevingsgezindheid jegens jezelf geeft het leven meer lucht. Ook Sander zal fouten hebben gemaakt, maar hij is niet zijn fouten. Hij is zoveel méér. En zo zit ik bij het bed te mijmeren en zou wel van alles willen zeggen. Dat hij een geweldige vriend is, attent en zorgzaam. Hoe geliefd hij is bij zijn collega’s. Wat een gat hij zal achterlaten bij zijn familie en vrienden. Laat staan wat het voor Patrick betekent dat hij de liefde van zijn leven gaat verliezen. En dat hij helemaal niet hoeft te twijfelen. Hij oogst nu wat hij altijd al heeft gezaaid: liefde.

Als ik hem aankijk, zie ik dat het onbeschrijfelijke steeds dichterbij komt. Sander zal niet lang meer onder ons zijn. Binnenin mij strijden twee gevoelens om voorrang. Ik wil hem niet kwijt, maar hoop tegelijkertijd dat hij niet lang hoeft te lijden. En dat doet hij helaas wel.

Eerst verhuist hij van de tweede etage naar de eerste, omdat hij geen trappen meer kan lopen. Nu kan hij niet eens meer uit bed komen, zelfs niet om even te douchen of naar het toilet te gaan. Afgelopen weekend was de grens bereikt. ‘Het is niks zo. Ik wil niet meer.’

Op zijn verzoek komt de huisarts meteen langs. Hij biedt hem een aantal scenario’s aan waaruit hij mag kiezen. Het palliatieve team dat hem dagelijks bezoekt, voert nu zijn keuze uit. In heel langzame stappen, zal hij uiteindelijk geen pijn meer hoeven voelen en gaan slapen.

En worden wij wakker in een andere wereld.

Noot: Sander is op 1 juni 2019 om 04:40 uur overleden.

sterren Gepubliceerd: donderdag 30-05-2019 | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Patty Teeuwen, Veldhoven
    31-05-2019 11:44

    Lieve Brenda,

    Wat een heftig verhaal. Mooi, intens en integer geschreven.
    Ik wens jullie heel veel sterkte met het verwerken van dit grote verdriet en ik hoop dat jullie een grote steun kunnen en mogen zijn voor Patrick.

    Patty




Werken als dialyseverpleegkundige tijdens covid-19

Hoe is de situatie in het ziekenhuis waar u momenteel werkt?
Ivon Lijten, dialyseverpleegkundige: 'Er is veel onderling veel contact met andere dialyseverpleegkundigen op verschillende locaties en het is opvallend dat er weinig nierpatiënten en weinig dialyseverpleegkundigen besmet zijn met het coronavirus. In het begin waren de patiënten angstig en onzeker, maar de rust is inmiddels teruggekeerd. Waar de patiënten wel last van hebben, is het feit dat ze geen bezoek mogen ontvangen. Ik behandel voornamelijk ouderen en ze voelen zich alleen. Ze missen het bezoek van de familie en van de thuiszorg. Aan de andere kant zijn mijn patiënten al lange tijd niet meer werkzaam, dus op dat gebied is er niet veel veranderd. Daarnaast was hun levensstijl, voordat corona uitbrak, al vrij rustig door het tekort aan energie. Dat betekent dat het 'meer thuis moeten zijn' al bekend terrein is.'

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »

Nieren coronapatiënt ook kwetsbaar »

Het wordt steeds duidelijker dat een infectie met Covid-19 (corona), niet 'alleen maar' een ernstige longontsteking kan veroorzaken. Uit een onderzoek in New York blijkt dat van de patiënten die zo ziek worden dat ze moeten worden opgenomen in het ziekenhuis, ruim een derde acuut nierfalen ontwikkelt. In een aanzienlijk deel van de gevallen is dat zelfs matig tot zeer ernstig.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier