Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Een wonder

Door Brenda de Coninck 

Na een paar uur rijden wijzen borden aan het einde van een hobbelige weg naar links. Als we tussen twee houten gebouwtjes door rijden, doemt vanaf rechts een deel van de Atlantische oceaan op. Aan de overkant van zo’n 300 meter water ligt Valentia Island - het meest westelijk deel van Europa – te blakeren in de zon. Als we met z’n vieren de deuren van onze gehuurde auto opendoen, ruiken we een muur van ziltheid. ‘Wow!’ roept één van ons. ‘Dat ruik je goed!’ ‘Wat sprookjesachtig mooi’, zeg ik vol bewondering, terwijl ik kijk naar wat een klein kerkje lijkt, omringd door pittoreske huisjes. We hebben onderweg al zóveel moois gezien: dit uitzicht doet daar nog een schepje bovenop.

We hebben al een druk vakantieprogramma van een paar dagen achter de rug. Via Dublin, waar we uiterst gastvrij worden ontvangen door de familie van onze Ierse vriend en een avond vol Ierse gezelligheid meemaken, rijden we door naar Cobh. Daar komen we alles te weten over de emigratie van Ieren naar Amerika tijdens de grote hongersnood van de vorige eeuw. In een verderop gelegen museum ervaren we hoe het moet zijn geweest aan boord van de Titanic, die vanuit Cobh zijn eerste en tevens laatste reis maakte.

Daarna rijden we door naar Kinsale, waar we logeren in een schilderachtig hotel(letje) en mijn man ‘verliefd’ wordt op Guinness in één van de vele gezellige pubs die het land rijk is. Het is eigenlijk overal gezellig: Ieren blijken supervriendelijk, voorkomend, beleefd en behulpzaam. En nee, niet alleen in hotels en restaurants, maar overal. In het verkeer is het zo anders dan hier: we horen geen enkele claxon, waarschuwing, of andere uiting van agressie. Iedereen rijdt rustig, laat anderen voorgaan, waardoor je wordt ‘aangestoken’ om hetzelfde te doen. ‘Daar kunnen ze in Nederland nog een puntje aan zuigen,´ zegt mijn man, terwijl hij stopt om iemand over te laten steken.

Vanuit Kinsale bereiken we op dag 5 de ‘Ring van Kerry’. En wat we dan zien, is eigenlijk onbeschrijfelijk. Elke bocht biedt uitzicht op a d e m b e n e m e n d e panorama´s van bergen, bedekt met verschillende tinten groen, een lichtblauwe Atlantische oceaan, en schitterende huizen, in de voor Ierland kenmerkende kleuren geel, groen, rood, blauw en soms paars of grijs/wit. ‘Nou’, zeg ik meer tegen mezelf dan tegen de anderen: ‘hier zou ik wel willen wonen.’ ‘Ik ook’ zegt Patrick op de achterbank. Hij is voor de liefde van zijn leven naar Nederland gekomen, maar houdt nog altijd zielsveel van zijn land. Maar ja, denk ik ietwat mistroostig, ook al zou ik dat willen: ik word niet toegelaten in een ander land. Met mijn medische achtergrond wil een ander land mij vast niet hebben.

Ik luister naar de stilte in mijn hoofd die volgt en kijk een beetje weemoedig naar buiten. In plaats van deze gedachte meteen weg te drukken, laat ik hem er even zijn. Het heeft geen zin om het te ontkennen: ook al wil ik helemaal niet weg uit Nederland, het feit blijft dat ik dat ook niet kán. En dat is toch wel een gek gevoel. Alsof mijn nieren mij afsnijden van iets wezenlijks: vrijheid. Vrijheid om te kunnen kiezen waar je wilt zijn.

Het pontje brengt ons binnen 10 minuten met auto en al naar de overkant. Daar aangekomen is Valentia Island precies wat het vanuit de verte leek: een sprookje. De tijd heeft hier stilgestaan. Het eiland waar 600 mensen wonen heeft in dit deel een SRV-achtig winkeltje waar je basisboodschappen kunt doen, twee pubs, één restaurant en een cadeaushop. Ons vakantiedorp - Knightstown - lijkt een straat zoals alle andere straten. Hier zullen we één week blijven, af en toe een heerlijke rustdag nemen, maar vooral veel uitstapjes maken.

‘Wat is het hier veranderd’ roept Sander als we op plekken aankomen die hij en zijn man een aantal jaren geleden al hebben bezocht. ‘Het is allemaal veel drukker geworden. Waar je 10 jaar geleden nog overal naartoe kon gaan en nauwelijks iemand tegenkwam, is het nu gewoon drúk geworden. Ik vraag mij af hoe het er over 10 jaar zal uitzien’ zegt hij later vanaf de achterbank.

‘Ik ook’, zeg ik. ‘Als ik er dan nog ben.’ ‘Ach ja’ zegt Sander ietwat bedremmeld. Want ook al weet niemand van ons of we er over 10 jaar nog zijn, bij mij liggen de zaken toch nét even anders. Ik heb nog een aardige hobbel te nemen voordat ik 10 jaar verder ben. Zou dit (voorlopig) mijn laatste vakantie zijn? De verpleegkundig specialist van het UMCG zei het de vorige keer al: ‘We merken op de nierfalenpoli dat veel mensen nog even gauw een vakantie boeken.’ Tja…ik snap het, denk ik. Nog even genieten voordat een ander groot avontuur begint waarvan je niet 100% zeker weet wat de uitkomst is.

En ineens besef ik hoe magisch het eigenlijk is om een lichaam te hebben dat je de vrijheid geeft om te doen wat je wilt. Dat het niet minder dan een wonder is dat je van alles en nog wat in je lijf kunt stoppen, met de zekerheid dat het allemaal verwerkt wordt, opgeruimd, of gebruikt om je te voeden en te laten functioneren. Aangestuurd door een onzichtbare bron die ervoor zorgt dat je ’s nachts weer oplaadt en verfrist wakker wordt.

‘We really take it for granted’ denk ik: onze gezondheid, onze vrijheid. Nu mijn vrijheden zachtjes aan het slinken zijn, begrijp ik het pas ten volle: als je gezond bent, heb je duizend wensen.

Als je ongezond bent, maar één.

sterren Gepubliceerd: vrijdag 08-07-2016 | Reacties (4)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Hans Dijkstra, Stiens
    11-07-2016 11:24

    Lieve Brenda, om terug te komen op jouw laatste zin, zo is het natuurlijk wel, maar ik wil je wel meegeven dat het ongezonde deel van jou er ook voor zorgt dat jij van onschatbare waarde bent voor veel meer dan duizend mensen. Ook ik die mijzelf als redelijk gezond mag bestempelen heb al zoveel van jou commentaren en beschouwingen geleerd! Relativeren, ontroeren, houden van, af en toe alle ellende maar even toelaten, dan weer sterk zijn...en ga zo maar door. Als ik het vandaag nog in kon ruilen voor een gezonde Brenda zou ik het meteen doen, maar voor nu en wat nog komen gaat Brenda, heeel veel dank en blijf ons leren. x.

  • Steffie
    08-07-2016 15:24

    Lieve Brenda,
    Dank je wel dat je je gedachten met ons wilt delen. Je manier van schrijven blijft mij ontroeren.
    Ik wens je toe dat ook jij en Sjaak (opnieuw) de ruimte krijgen voor jullie duizend wensen.

  • Brenda de Coninck, Lelystad
    08-07-2016 15:19

    Wat lief! Dank je wel Margot :-)

  • Margot
    08-07-2016 12:55

    Lieve dierbare vriendin, die laatste zin.....
    Wat weet je de spijker weer keihard op zijn kop te slaan!!
    Tranen biggelen al weer over mijn wangen...
    We gaan er voor meis, jij en ik worden wel weer beter, die transplantaties gaan er gewoon komen, linksom, rechtsom, maakt niet uit.
    Als we alles achter de rug hebben, gaan we het vieren en het leven weer omarmen en lief hebben als nooit te voren!
    De wereld is nog niet van deze 2 powerladies af!!
    Dikke kus! Margot




Het lot is je niet altijd goed gezind

“Geachte mevrouw De Coninck,

Zojuist hebben we gerandomiseerd, en heeft de computer u helaas - waar u en wij al bang voor was/waren - in de TACrolimus-arm geloot. Daarom hoeft u morgen alleen te prikken, de bloeddruk, pols, gewicht, lengte en temperatuur worden gemeten en genoteerd, er wordt een volledig lichamelijk onderzoek gedaan, en daarna moet er nog een ECG gemaakt.”

‘Zie je wel. Ik zei het je toch?!’ ‘Wat is er?’ Mijn man kijkt vanaf zijn bureau naar die van mij en naar het scherm van mijn computer, waarop een bericht is binnengekomen vanuit het UMCG. ‘Ik ben in de tac-arm geloot. Ik wist het gewoon, het voelde al meteen niet goed.’ ’Aaaah, dat méén je niet!’ Ik kijk hem aan en ik ben heel…..tja, wat ben ik eigenlijk? Teleurgesteld? Uiteraard. Maar er is nog iets. Ik kijk hem aan en voel het: ik ben boos!

Lees meer »

Een onbestemd gevoel »

‘Je moet er niet door achteruitgaan hoor’ zegt mijn man. ‘Je bent destijds niet voor niets van de Prograft afgegaan en dan zou je dat nu weer moeten slikken? Je ben net lekker ingesteld.’ Ik zucht. We zitten in de huiskamer te relaxen en ik heb mij net hardop afgevraagd wat ik moet doen: wel of niet aan het onderzoek meedoen? Hij heeft gelijk: ik wil er niet onder hoeven ‘lijden’.

Lees meer »

De Tac-arm... »

‘Zullen we over drie maanden afspreken?’ vraag ik. Ik heb het gevoel dat het nu wel kan. Na twee jaar van zoeken, aanpassen, controleren en verfijnen, ben ik perfect ingesteld. Marnix kijkt mij in de spreekkamer aan. Hij zit aan de andere kant van de tafel en schuift even met zijn muis over zijn bureau, terwijl hij de uitslagen op het scherm controleert. ‘Dat wilde ik ook al voorstellen’ glimlacht hij. Mooi, denk ik.

Lees meer »


De haven van Valentia vanaf de noordkust van Valentia Island. Bron: Wikipedia





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier