Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Een goede voedingstoestand: van levensbelang!

Door Redactie - Ingezonden mededeling 

Door Anneke van Egmond en Wesley Visser - Dialyse is een levensreddende behandeling maar heeft grote negatieve gevolgen voor de voedingstoestand. Ondervoeding is een probleem bij dialysepatiënten. Protein Energy Wasting (PEW) is de term om de toestand van afgenomen spier- en vetmassa bij chronische nierziekte te beschrijven. Dit is een hyperkatabolische toestand die leidt tot spiermassaverlies.

PEW komt voor bij 20 tot 70% van de chronische hemodialysepatiënten, met een gemiddelde van 40%. Met de progressie van chronische nierziekte is er een spontane daling van de eiwitinname en 35 tot 70 procent van de patiënten met terminale nierziekte heeft een slechte eetlust. Bovendien kan een vochtbeperking om gewichtstoename tussen twee dialysesessies in te minimaliseren, leiden tot een afname van de calorie-inname.

De dialyseprocedure zelf heeft ook een katabool effect als gevolg van verminderde eiwitsynthese en het verlies van aminozuren in het dialysaat. Andere factoren die leiden tot spiermassaverlies bij dialysepatiënten zijn acidose, inflammatie, comorbiditeit, gebruik van corticosteroïden en een inactieve levensstijl. Allemaal redenen die ondersteunen dat een goede voedingstoestand heel belangrijk is. Spiermassa lijkt de beste parameter te zijn voor het verband tussen voedingstoestand en (klinische) uitkomsten.

Het bepalen van de voedingstoestand
Het systematisch beoordelen van de voedingstoestand en voedingsbehoefte, wordt ook wel Nutritional Assessment (NA) genoemd. NA is onderdeel van het diëtistisch onderzoek en helpt bij het vaststellen van de diëtistische diagnose en het behandelplan. Nadat het risico op ondervoeding is vastgesteld met behulp van een screeningsinstrument, kan de diëtist met NA de ondervoeding diagnosticeren. NA geeft informatie over de ziektetoestand en aanvullende informatie over het type ondervoeding. De oorzaak van de ondervoeding bepaalt ook de oplossing. NA is dus essentieel in goede diagnostiek en behandeling. In het begeleiden van een patiënt en het evalueren van de (dieet)behandeling biedt NA objectieve gegevens om de behandeling al dan niet aan te passen. NA kan worden toegepast bij alle groepen en verschillenden vraagstellingen zoals kinderen, volwassenen, ouderen, onder- en overgewicht en sport.

Samengevat worden er op een gestructureerde wijze (subjectief en objectief) metingen gedaan die in te delen zijn in drie domeinen:

  1. voedselinname, verbruik en verliezen;
  2. lichaamssamenstelling en nutriëntenreserves;
  3. functionele parameters.

Nutritional assessment en patienten met nierfalen
Van oudsher wordt gewicht(sverloop) gebruikt als parameter voor de lichaamssamenstelling. Zeker bij patiënten met nierfalen blijkt gewicht geen goede maatstaf. Door het vasthouden van vocht, wordt het verlies van spiermassa gemaskeerd. Het bepalen van spiermassa kan op meerdere manieren. Directe manieren gebeuren nauwelijks, dit is namelijk kadaveranalyse en In Vivo Neutronen Activatie Analyse (IVNAA). Indirecte methoden worden gezien als de gouden standaarden, hieronder wordt verstaan DEXA, CT-scan, MRI-scan en Bodpod. Daarnaast zijn er ook dubbel indirecte methoden, die afgeleid zijn van de indirecte methoden, denk hierbij aan huidplooimetingen, omtrekmaten en bio-impedantie analyse.

Bio-impedantie
Bio-impedantie analyse werkt met weerstand (Z) die wordt gemeten wanneer een wisselstroom door het lichaam wordt geleid. Hierbij zijn twee componenten belangrijk, namelijk de weerstand (R) vergelijkbaar met gelijkstroom en de reactantie (Xc), die wordt opgewekt door de celmembranen die zich gedragen als condensatoren. Bio-impedantie analyse valt in te delen in 3 methoden; single frequency, multi frequency (meestal 4 frequenties) en bio-impedantie spectroscopie (BIS) die meet met 50 frequenties.

Een belangrijke aanname bij het meten van lichaamssamenstelling middels bio-impedantie analyse is dat het lichaam een normale vochtstatus heeft. Voor patiënten met nierfalen klopt deze aanname niet. Het is voor patiënten met nierfalen dus essentieel dat het (overtollige) vocht gescheiden kan worden van de spiermassa. Gebeurt dit niet, dan wordt het te veel aan vocht gezien als spiermassa. Dit maakt dat het meten van de lichaamssamenstelling bij patiënten met nierfalen / overvulling wel kan, maar dan alleen met de BIS die meet op meerdere frequenties. Deze methode is ook gevalideerd voor dialysepatiënten.

Er zijn ook methodes die nog minder worden toegepast, maar absoluut veelbelovend zijn. Een van de belangrijkste op het gebied van spiermassa is echografie. Hiermee kan vocht veel beter gedetecteerd worden en niet alleen de spiermassa, maar ook de spierkwaliteit beoordeeld worden. Deze methode is nog minder onderzocht binnen de nierziekten, maar wordt in onderzoeksverband wel toegepast, zo ook binnen het Erasmus MC.

Wesley Visser en Anneke van Egmond, diëtisten Erasmus MC, schreven dit artikel namens Diëtisten Nierziekten Nederland. De organisatie levert twee keer per jaar een artikel voor publicatie op NierNieuws, vanuit de expertise van de aangesloten diëtisten: rond World Kidney Day en ter gelegenheid van de dag van de diëtist op 19 september.

Spiermassa meten en vervolgen!
In alle fasen van nierziekte is het belangrijk om een zo goed mogelijke voedingstoestand te behouden. Zo blijkt dat de voedingstoestand voor transplantatie van invloed is op de uitkomsten na transplantatie. Pre-transplantatie ondervoeding is geassocieerd met slechtere transplantaatoverleving en overleving van de patiënt. Daarom is behoud van een optimale voedingstoestand bij alle patiënten op de wachtlijst voor transplantatie belangrijk. De voedingstoestand en lichaamssamenstelling zijn ook nauw verbonden met morbiditeit, mortaliteit en kwaliteit van leven. Dus ook wanneer niertransplantatie niet meer mogelijk is, is het voor de patiënt van essentieel belang om in een zo goed mogelijke voedingstoestand te blijven.

Ondanks dat er al wel aandacht is voor de voedingstoestand van nierpatiënten, verdient het meten van spiermassa dus een veel grotere plaats binnen de behandeling. Niet alleen voor de huidige situatie van de patiënt, maar zeker ook voor het verloop van de ziekte.

sterren Gepubliceerd: maandag 11-03-2019 | Nog geen reacties




Bladgroente verlaagde bloeddruk Vierdaagsewandelaars

Elk jaar voert het team van prof. Maria Hopman van het Radboudumc onderzoek uit onder deelnemers aan de Nijmeegse Vierdaagse. Dit jaar richtte een van deze onderzoeken zich op de bloeddruk. Uit de eerste resultaten blijkt dat nitraatrijke groenten de bloeddruk verlagen, beter dan bietensap.

Wandelaars met een verhoogde bloeddruk kregen gedurende twaalf weken voorafgaand aan de Vierdaagse een voedingsinterventie. Een deel van de wandelaars dronk dagelijks bietensap, dat net als bijvoorbeeld spinazie rijk is aan kalium en aan nitraat. De tweede groep werd gecoacht om meer nitraatrijke groente te eten. Tot slot was er een controlegroep die niets veranderde in het voedingspatroon.

De eerste resultaten van het onderzoek laten zien dat bij een 24-uurs bloeddrukmeting de bovendruk (systolische bloeddruk) met 1 mmHg afneemt in de bietensapgroep, er een afname van 2,6 mmHg werd gemeten in de groentegroep, terwijl de controlegroep een toename van 3,8 mmHg liet zien. Deze voorlopige resultaten suggereren dat het eten, dus niet drinken, van nitraatrijke groente het meest effectief is voor het verlagen van de bloeddruk.

Meer fruit zorgt voor minder hartproblemen bij dialysepatiŽnten »

Voor hemodialysepatiënten is het net zo belangrijk als voor gezonde mensen om voldoende groente en fruit te eten. Dit blijkt uit onderzoek van de wetenschappelijke afdeling van Diaverum, een onafhankelijke aanbieder van nierzorg die in veel landen actief is, hoewel niet in de Benelux. Doorgaans wordt hemodialysepatiënten afgeraden veel groente en fruit te eten, omdat deze vaak veel kalium bevatten.

Lees meer »

Merendeel horeca zegt zout in de ban te doen »

Op jaarbasis eten Nederlanders per persoon een kilo te veel zout. Koninklijke Horeca Nederland (KHN) onderzocht onder haar leden of horecaondernemers bezig zijn met zoutreductie. Uit de resultaten blijkt dat ongeveer 65% van de ondernemers één of meer maatregelen neemt om zout te verminderen. Gezondheid is een belangrijk thema in de horeca en veel horecaondernemers zijn bezig met een gezonder aanbod voor hun gasten. Bewuster omgaan met zout is daarbij een belangrijk speerpunt.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier