Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Binnen regent het zonnestralen

Door Brenda de Coninck 

'Sta je of zit je?' vraagt mijn man. 'Ik lig,' zeg ik nieuwsgierig, terwijl ik kijk naar het plafond van mijn kleine kamertje in conferentieoord De Poort waar ik een vijfdaagse training volg. 'Mooi zo. Want je zult dit niet geloven,' zegt hij op een toon die mij alert maakt. 'Wat dan?' Mijn linkeroor spitst zich. 'Steffie belde mij net op met het verhaal dat ze jou een nier had willen geven, maar dat jullie geen match zijn.' Ik frons mijn voorhoofd en trek daarna mijn wenkbrauwen omhoog. 'Een nier had willen geven? Geen match? Hoe weet ze dat?' Mijn hersenen lijken in slow-motion achter dit bericht aan te reizen.

'Ze heeft op de middag van de boekpresentatie jouw nefroloog aan zijn jasje getrokken en gevraagd hoe ze dat aan moest pakken als ze jou haar nier wilde geven. Die zal haar wel hebben doorverwezen naar het UMCG.' 'Dat méén je niet!' roep ik uit en sla mijn rechterhand voor mijn mond. Alles in de kamer bestaat even niet meer. 'Ja. Ze vertelde dat ze contact heeft gehad met drie donatiecoördinatoren en dat ze vandaag gebeld is met de uitslag. Ik wist niet wat me overkwam toen ze belde, het overviel mij behoorlijk.' Zijn woorden klinken rationeel, maar kunnen de emotie erachter niet verbloemen. 'Hoe bedoel je?' 'Nou, het is toch raar dat iemand zich kan aanmelden zonder dat wij daarvan op de hoogte worden gebracht? Wat als jullie wel hadden gematcht?' 'Nou, dan had ik daar toch wel serieus over nagedacht,' antwoord ik vlot. 'Dat bedoel ik.' Zijn stem wordt vierkant. 'Wij bespreken en overwegen elke kleine stap die we maken. We hebben besloten op de cross-over transplantatielijst te gaan staan omdat ik bij het proces betrokken wil zijn en dan belt Steffie met dit bericht. Hou me ten goede: ik vind het ongelofelijk mooi van haar dat ze heeft willen helpen, daar gaat het niet om. Maar ik merk dat ik bijna boos word als ik denk aan hoe dit gegaan is.'

'Hmmm… ik snap wat je bedoelt. Het is ook vreemd dat we niet geïnformeerd worden door het ziekenhuis dat een donor zich heeft gemeld. Ik snap het ook wel weer van Steffie: die wilde natuurlijk eerst weten of ze met mij matchte, voordat ze überhaupt aan mij zou voorstellen haar nier te geven. We hebben nogal het één en ander te verduren gehad de laatste tijd en ze wilde ons vast een extra teleurstelling besparen. Maar ja: ons niet informeren heeft toch ook een behoorlijke impact, blijkt nu.' 'Precies,' beaamt mijn eega. 'Weet je wat het is Brenda, stel je nou eens voor dat Matt zich zou aanmelden omdat hij jou een nier zou willen geven. Zou je die dan willen?' 'Nee,' reageer ik bijna reflexmatig. 'Moet er niet aan denken.' De relatie met Steffie is een goede, mijmer ik, maar die met Matt om moverende redenen niet. En als je donor lééft, gaat die een rol spelen in je leven. Je gaat mee naar onderzoeken, bespreekt dingen met elkaar, houdt een levenslange band - intensief of minder intensief - maar er gebeurt wel degelijk iets bijzonders tussen een bekende donor en een dankbare ontvanger. 'Maar als het zo gaat zoals met Steffie, dan kan hij dat gewoon zomaar doen en staan wij voor een voldongen feit als hij belt,' gaat mijn man verder. 'We zouden toch op zijn minst moeten weten wanneer een donor zich meldt?' Ik knik op afstand. 'Tja: misschien hebben ze hier nog geen protocol voor?'

'Zou het? Nou, ik vind dat ze dan op z'n minst een formulier moeten ontwikkelen, waarbij als de donor zich meldt, dat na het invullen ondertekend moet worden door jou. Of dat een ziekenhuis iemand eerst doorverwijst naar jou. En heeft iemand weleens gedacht wat het met mij doet? Ik word voor m’n gevoel zomaar aan de kant gezet. Ik ben ook geen auto hoor…' Hij heeft gelijk. Ik weet dat als iemand zich zou melden met een perfecte nier, hij onmiddellijk een stap achteruit zou doen, omdat hij voor mij het beste wil. Maar dat is mentaal een stevig proces, dat een soepele overgang verdient. Niet zoals het nu is gegaan: als een donderslag bij heldere hemel.

Als mijn man ophangt, lig ik verdoofd op mijn bed. Beelden van Steffie dansen in mijn hoofd. Hoe kan ik haar ooit duidelijk maken hoe mooi het is wat ze voor mij heeft willen doen? Het plafond slaat mijn overpeinzingen geduldig gade. Een paar dagen later heb ik haar aan de lijn. En wat ik dacht, klopt: ze heeft eerst willen weten of we een match waren, alvorens ze mij zou vertellen wat ze van plan was. 'Ik wilde zo graag zèlf met goed nieuws bij jullie komen, dat ik aan het ziekenhuis gevraagd heb of ze het stil wilden houden. Toen ik geen match bleek, wilde ik dat jullie het alsnog van mij zouden horen. Het leek mij een heel naar idee dat jullie er pas achter zouden komen als er een brief van de verzekering op de mat zou vallen met een declaratie voor een kruisproef. Dus belde ik je man om een afspraak met jullie samen te maken, maar jij was een paar dagen weg en hij hoorde meteen dat er iets gaande was... uiteindelijk heb ik het dus aan hem verteld.'

'Wat heeft je bewogen mij een nier te willen geven?' vraag ik tegen het einde van ons gesprek. 'Drie jaar geleden heb ik een operatie gehad waarbij iets misging en waar ik bijna in gebleven ben,' is haar onverwachte antwoord. 'Er stond toen een heel team klaar om mij opnieuw te opereren, mijn leven te redden en mij een tweede kans te geven. Ik ben zo dankbaar dat ik er nog ben, en ik gun jou zo'n zelfde kans als ik heb gehad. En daarbij: Ik ken jullie en ik wil zo lang mogelijk genieten van de magie die ik tussen jullie tweeën zie. Weet je Brenda: jullie zijn fantastisch samen en Sjaak is een fantastische trainer, maar hij is nog zoveel beter met jou, dan alleen.'

Ze ziet ze niet, ze hoort ze niet: een paar stille tranen rollen over mijn wangen, terwijl de implicatie van wat ze vertelt tot mij doordringt. Wauw: dit komt wel aan. Als ik ophang en naar buiten kijk, valt de voorjaarsregen met harde striemen naar beneden.

Het geeft niet: binnen regent het zonnestralen.

sterren Gepubliceerd: zaterdag 16-04-2016 | Reacties (4)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Anima Sibeijn , Groningen
    20-04-2016 21:57

    Beste Breda,

    Vorige week werd ik gebeld wat onze huispostcode was en ik weet nu waarom. Vanochtend vond ik jouw boek in mijn postvakje. Ik ben tijdens het scannen direct begonnen met lezen en heb het in één stuk uit gelezen. Ik moet hierbij even kwijt dat ik de keren dat ik je op de MRI mocht ontmoeten erg leuk vond. Er komt altijd een gezellige goedlachse dame de trap naar beneden. Nu heb ik een beetje inzicht gekregen in wat voor ziekte jullie als patiënten hebben. Natuurlijk had ik mij er tijdens de studie wel meer in verdiept en weet je een beetje wat voor ziekte het is. De beelden ken ik natuurlijk, doordat ik ze vaak heb gezien. Ik ben blij jouw boek te hebben gekregen, nu wordt het plaatje nog completer!
    Ik moet zeggen dat ik al respect had voor de patiënten, die is na het lezen alleen maar vergroot.
    Ik wens je alle sterkte en kracht toe en hoop dat er snel een donor gevonden wordt!

  • Monique Stoop, Deventer
    18-04-2016 10:19

    Wat heb je weer een supermooie column geschreven!
    Geweldig, hoe je diverse menselijke dilemma's rondom orgaandonatie in 1 verhaal weet weer te geven!

  • Robin
    17-04-2016 09:10

    Wauw mam, wat heb je dit mooi omschreven! Echt een goed verhaal. En wat ontzettend lief van Steffie dat ze dit heeft gedaan. Een super mooi gebaar met een prachtige intentie. Ik snap dat het jullie heeft overvallen en ik snap ook zeker dat je in het vervolg over dit soort dingen geïnformeerd wilt worden. Juist omdat het zo'n impact heeft. Zou goed zijn als het ziekenhuis gaat kijken naar dit proces en er lering uit trekt.

  • Michaël van Groeningen, Almere
    16-04-2016 18:30

    In dit verhaal komt prachtig het verschil tussen het inhouds- en het betrekkingsaspekt naar voren. Ze zijn altijd onafscheidelijk samen in elke communicatie.
    Het lijkt heel simpel, maar het is zo moeilijk om dit verschijnsel goed door te krijgen. Ik heb nooit een goed voorbeeld kunnen bedenken. Dankzij deze situatie heb ik nu een perfekt voorbeeld, waarin ook nog verschillende combinaties tegelijkertijd aan de orde zijn.




Het lot is je niet altijd goed gezind

“Geachte mevrouw De Coninck,

Zojuist hebben we gerandomiseerd, en heeft de computer u helaas - waar u en wij al bang voor was/waren - in de TACrolimus-arm geloot. Daarom hoeft u morgen alleen te prikken, de bloeddruk, pols, gewicht, lengte en temperatuur worden gemeten en genoteerd, er wordt een volledig lichamelijk onderzoek gedaan, en daarna moet er nog een ECG gemaakt.”

‘Zie je wel. Ik zei het je toch?!’ ‘Wat is er?’ Mijn man kijkt vanaf zijn bureau naar die van mij en naar het scherm van mijn computer, waarop een bericht is binnengekomen vanuit het UMCG. ‘Ik ben in de tac-arm geloot. Ik wist het gewoon, het voelde al meteen niet goed.’ ’Aaaah, dat méén je niet!’ Ik kijk hem aan en ik ben heel…..tja, wat ben ik eigenlijk? Teleurgesteld? Uiteraard. Maar er is nog iets. Ik kijk hem aan en voel het: ik ben boos!

Lees meer »

Een onbestemd gevoel »

‘Je moet er niet door achteruitgaan hoor’ zegt mijn man. ‘Je bent destijds niet voor niets van de Prograft afgegaan en dan zou je dat nu weer moeten slikken? Je ben net lekker ingesteld.’ Ik zucht. We zitten in de huiskamer te relaxen en ik heb mij net hardop afgevraagd wat ik moet doen: wel of niet aan het onderzoek meedoen? Hij heeft gelijk: ik wil er niet onder hoeven ‘lijden’.

Lees meer »

De Tac-arm... »

‘Zullen we over drie maanden afspreken?’ vraag ik. Ik heb het gevoel dat het nu wel kan. Na twee jaar van zoeken, aanpassen, controleren en verfijnen, ben ik perfect ingesteld. Marnix kijkt mij in de spreekkamer aan. Hij zit aan de andere kant van de tafel en schuift even met zijn muis over zijn bureau, terwijl hij de uitslagen op het scherm controleert. ‘Dat wilde ik ook al voorstellen’ glimlacht hij. Mooi, denk ik.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier