Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Antistoffen voorspellen terugkeer FSGS na niertransplantatie

Door Albert de Vreede 

Terugkeren van de nierziekte focale segmentale glomerulosclerose (FSGS) in een getransplanteerde nier kan tot gevolg hebben dat de nier versneld verloren gaat. Het lijkt er op dat antistoffen tegen lichaamseigen eiwitten een rol spelen bij het ontstaan van FSGS. Om te onderzoeken welke antistoffen bij dit proces betrokken zijn, heeft een groep onderzoekers verschillende antistoffen steeds verder geselecteerd totdat er uiteindelijk zeven antistoffen overbleven. Die zeven antistoffen samen kunnen met een grote (92%) nauwkeurigheid voorspellen of FSGS na transplantatie weer terugkomt. Antistoffen tegen CD40, een eiwit dat deel uitmaakt van het afweersysteem, zijn de meest belangrijke voorspeller. Er zijn diverse mogelijkheden om de werking van de antistoffen tegen CD40 te blokkeren. Studies om te onderzoeken welke van die mogelijkheden de meest effectieve is om de terugkeer van FSGS te voorkomen, zijn nu nodig.

FSGS is een ziekte die de podocyten, cellen van de nierfilters (glomeruli) aantast, veroorzaakt dat er veel eiwit in de urine komt, en uiteindelijk tot nierfalen kan leiden. Het is een ziekte die terug kan komen in de getransplanteerde nier. Dat is het geval bij 20 tot 40% van de FSGS-patiënten in het eerste transplantaat en bij tot 80% in het tweede transplantaat.

Mogelijk zijn het eiwit oplosbaar urokinase receptor (suPAR) en antistoffen tegen lichaamseigen eiwitten betrokken bij de terugkeer van FSGS in de getransplanteerde nier. Een team van onderzoekers uit Frankrijk, België, en de Verenigde Staten heeft geprobeerd om te bepalen welke antistoffen de belangrijkste zijn die FSGS terug laten keren in de getransplanteerde nier.

Selectie van antistoffen
Ze hebben twintig patiënten met FSGS onderzocht die een transplantatie hadden ondergaan. Tien van de patiënten hebben binnen een jaar weer FSGS in de getransplanteerde nier gekregen en tien niet. De onderzoekers hebben eerst antistoffen tegen meer dan 9000 eiwitten getest om te kijken of die al dan niet verhoogd zijn in patiënten die opnieuw FSGS ontwikkelen. Uiteindelijk hebben ze zeven antistoffen geïdentificeerd die echt belangrijk zijn. Als die zeven antistoffen voor de transplantatie in relatief grote hoeveelheden aanwezig zijn, is de kans groot dat FSGS na transplantatie binnen een jaar terug komt. Antistoffen tegen het eiwit CD40 hebben de best voorspellende waarde voor het terugkomen van FSGS na transplantatie.

Aantasting nierfilter
Uit nader onderzoek naar CD40 is gebleken dat dit eiwit voorkomt in cellen (podocyten) van het nierfilter. In celkweek blijkt de toevoeging van antistoffen tegen CD40 die uit het bloed van FSGS-patiënten zijn gehaald, de structuur van de cellen van de nierfilters te veranderen. Het lijkt er op dat de verandering van de structuur een samenwerking is met de oplosbare urokinase receptor. Ook blijkt dat bij muizen die worden ingespoten met antistoffen tegen CD40 uit het bloed van FSGS-patiënten, de nierfilters niet meer goed werken en ze eiwit in de urine krijgen.

Veelbelovend
Dit alles wijst op een grote rol van antistoffen tegen CD40 in het ontstaan van FSGS. De interactie tussen antistoffen van FSGS-patiënten en CD40 zou op een aantal manieren te manipuleren kunnen zijn. Daarvoor zijn zijn bijvoorbeeld monoclonale antistoffen (ASKP1240 en lucatumumab) tegen CD40 beschikbaar. En de hoeveelheid antistoffen tegen CD40 kan verminderd worden door behandeling met immunoadsorptie. Of deze nieuwe strategieën voor de behandeling van FSGS werken, zal uitgezocht moeten worden in nog uit te voeren studies. Eerdere hoopgevende ontdekkingen die de sluier over het ontstaan van FSGS leken op te lichten, bleken uiteindelijk toch niet wat men ervan verwachtte. Enige terughoudendheid is dus geboden bij deze nieuwe bevindingen, maar veelbelovend zijn de nu bekend geworden gegevens wel.

sterren Gepubliceerd: dinsdag 21-10-2014
Bron: Science Translational Medicine | Nog geen reacties




Beterschappen start Gecombineerde Leefstijlinterventie gericht op nierpatiënten

Dat een gezonde leefstijl (gezonde voeding, voldoende beweging, slaap en ontspanning, stoppen met roken en alcohol matigen) belangrijk is, weten we al een tijd. Maar juist nu, tijdens deze COVID pandemie, is een gezonde leefstijl belangrijker dan ooit. De boodschap is 'Zorg goed voor jezelf. Gezond leven houdt je weerstand op peil. Je wordt minder snel ziek en bent beter beschermd tegen ziekmakende bacteriën en virussen, zoals het coronavirus. En als je toch ziek wordt, herstel je meestal sneller.' Tal van wetenschappelijke onderzoeken laten dit ook zien.

Voor wie zelf dit jaar ook een start wil maken met een gezondere leefstijl start Beterschappen met een leefstijlprogramma, de gecombineerde leefstijlinterventie (GLI). Speciaal voor nierpatiënten met een redelijke nierfunctie (30% of hoger) die een te hoog gewicht hebben (BMI van 25 of hoger) en graag willen afvallen. Het programma duurt twee jaar en je krijgt gedurende het gehele programma advies en begeleiding bij het aanleren van een gezonde leefstijl. Onder intensieve begeleiding van leefstijlcoach-diëtist Femke en fysiotherapeut Marieke werk je aan je gezondheid.

Lees meer »

Drijvende kracht achter donorwet publiceert boek: ‘Dat bepaal je zelf’ »

Vandaag, 5 februari 2021 verschijnt het boek ‘Dat bepaal je zelf’. Een onthullend boek over de tien jaar durende strijd voor een nieuwe Donorwet. ‘Dat bepaal je zelf' is geschreven door Ed van Eeden vanuit de ervaringen van Menno Loos. Van Eeden interviewde vele betrokkenen, onder wie Pia Dijkstra, Bruno Bruins, Frank de Grave en vele anderen.

Lees meer »

Verandering van symptomen belangrijk voor start dialyse »

Wat is het beste moment om te starten met dialyseren? Over deze vraag boog Cynthia Janmaat zich in haar promotie-onderzoek. Op 25 november j.l., verdedigde ze haar proefschrift waarin ze beschrijft hoe ze dichter bij een antwoord komt. In de praktijk blijkt regelmatig dat er patiënten zijn met een heel slechte nierfunctie, die daar nog nauwelijks last van hebben. Terwijl andere patiënten met een minder slechte nierfunctie juist meer symptomen ervaren.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier