Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Verschillen binnen VS in acceptatie donornieren

Door Gerard Kok 

In de Verenigde Staten blijken nieren van overleden donoren relatief vaak te worden afgedankt als ze als minder ideaal materiaal voor transplantatie worden gezien, terwijl met deze donornieren patiënten hadden kunnen worden gered. Uit Amerikaans onderzoek blijkt nu dat er grote variatie is in de hoeveelheid donornieren die transplantatiecentra afkeuren, en dat centra die donornieren minder snel afkeuren, uiteindelijk nierpatiënten sneller transplanteren.

In Amerika overlijden jaarlijks ongeveer 5.000 patiënten die op de wachtlijst voor een donornier (van een overleden donor) staan. Jaarlijks worden ook ongeveer 3.500 donornieren van overleden donoren afgedankt, omdat ze niet helemaal geschikt zijn voor transplantatie. Deze nieren zijn bijvoorbeeld van een donor ouder dan 70, of van een donor met hepatitis C, waardoor het risico dat er wat mee mis gaat hoger is dan bij donornieren die uitermate geschikt zijn voor transplantatie. Het wrange is natuurlijk, dat deze 3.500 donornieren in theorie nog goed hadden kunnen worden ingezet om een deel van de 5.000 patiënten te redden.

Het doel van het onderzoek was om te zien of regionale verschillen waren in opvatting over het gebruik van minder ideale nieren. Die bleken er te zijn, sommige transplantatiecentra dankten beduidend meer donornieren af dan andere. De redenen om nieren af te slaan zijn divers; zo noemen de onderzoekers bijvoorbeeld dat sommige centra liever nog wachten in de hoop op een betere donornier, dan nu een donornier van mindere kwaliteit te accepteren. Uit het onderzoek kwam ook naar voren dat patiënten sneller getransplanteerd worden bij transplantatiecentra die eerder geneigd zijn minder ideale donornieren te accepteren.

In Nederland worden donornieren van overleden donoren op een iets andere manier toegewezen dan in de Verenigde Staten (Eurotransplant bepaalt hier met behulp van een rekenmodel wie een donornier krijgt toegewezen en de regio is groter). Dan kan een ziekenhuis zelf nog besluiten de nier uiteindelijk niet te accepteren voor transplantatie. Ik kan niet vinden hoeveel minder ideale donornieren er in Nederland worden afgekeurd. Maar het is de onderzoekers in ieder geval wel duidelijk dat het in Amerika beter kan, en dat het helder laten zien dat er een probleem is de eerste stap is op weg naar verbetering.

sterren Gepubliceerd: maandag 28-10-2019
Bron: Clinical Journal of the ASN | Nog geen reacties




Huisdieren mogelijk bron van hepatitis E

Huisdieren zijn veel vaker dan gedacht besmet (geweest) met het virus dat hepatitis E veroorzaakt, en zouden daarmee wel eens een bron van besmetting voor mensen kunnen zijn. Dit is voor gezonde mensen over het algemeen niet gevaarlijk, maar kan dat wel zijn voor mensen die een verminderde afweer hebben, bijvoorbeeld getransplanteerden.

Vrij veel mensen hebben op enig moment in hun leven een infectie met het hepatitis E-virus, meestal niet ernstig. Maar wie een verminderde afweer heeft, bijvoorbeeld door de medicatie die transplantatiepatiënten gebruiken, kan er wel heel ziek van worden. Er zijn verschillende vormen van het virus: sommige komen alleen bij mensen voor, maar andere types circuleren ook onder wilde en gedomesticeerde dieren. De idee is dat mensen vooral besmet raken via varkens, of door (onvoldoende verhitte) varkenslever te eten. Maar Rotterdamse onderzoekers dachten dat er mogelijk nog een andere besmettingsweg is, omdat er zo veel mensen zijn die ooit besmet raken. Terwijl het virus niet makkelijk van mens tot mens wordt overgedragen.

Ze hebben, in samenwerking met de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en Wageningen Universiteit, het bloed van honden, katten en paarden onderzocht. Daaruit blijkt dat 15 tot 20% van deze huisdieren antistoffen tegen het virus in het bloed heeft, en dus ooit besmet is geweest. Waarschijnlijk doordat er varkenslever verwerkt is in het voer.

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »

Advies voor afweeronderdrukkers tijdens corona »

De richtlijncommissie van de Nederlandse Federatie voor Nefrologie (NFN) heeft een advies opgesteld voor de behandeilng met medicijnen van nier(transplantatie)patiënten tijdens de coronacrisis. De titel van het advies is 'Starten en aanpassen van immuunsuppressie voor nefrologische aandoeningen tijdens SARS-CoV2-epidemie'.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier