Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

"Samen beslissen; dat kan nog veel verder worden uitgewerkt"

Door Merel Dercksen en Jeroen van Setten 

Augustus 2019. Het kantoor van Hans Bart is vrijwel leeg. Een computer en een theeglas laten zien dat er nog wel wat gebeurt, maar de verder lege ruimte, ontdaan van alle persoonlijke spullen, maakt duidelijk: de directeur van de NVN is aan zijn laatste werkweek bezig.

Dat wil zeggen, naast zijn nieuwe baan bij de Patiëntenfederatie NPCF blijft hij nog een dag per week in dienst van de NVN, voor het onderwerp Patient Reported Outcomes (PROMs). Bart: 'ik word weer gewoon beleidsmedewerker, dus ik ga eigenlijk terug naar hoe ik ooit mijn loopbaan begonnen ben. Dat wordt een leuke oefening, maar daar ben ik niet bang voor.'

Dat gezegd hebbende: we komen om terug te kijken. Wat heeft acht jaar directeurschap opgeleverd? Heeft Hans Bart, de man die bij zijn aantreden 'niets van nieren wist', waar kunnen maken wat hij zich had voorgenomen?

'Het eerste wat ik geleerd heb is dat ik de palliatieve zorg, het veld waar ik vandaan kwam, helemaal niet achter me kon laten. Het kwam nog veel indringender dan eerder bij me binnen. De kwetsbaarheid van het leven, de toevalligheden. En ik heb ongelooflijk veel geleerd over de complexiteit van dat 'kleine rotorgaantje' zoals ik het wel eens liefdevol noem. Het heeft een enorme impact als daar wat mis mee is.'

Bij zijn aantreden constateerde Hans Bart dat 19% van de nierpatiënten lid was van de NVN en hij streefde naar een verdubbeling. Is dat gelukt? 'Nou nee, maar toen realiseerde ik me nog niet dat jaarlijks 4 tot 5% van onze leden overlijdt. We zijn in ledenaantal wel stabiel gebleven, dus dat betekent ook jaarlijks een aanwas van 4 tot 5%. En ik denk dat veel patiëntenverenigingen blij zouden zijn als ze dat haalden.'

De constructie van een groot fonds (Nierstichting) en een aparte patiëntenvereniging (NVN) is niet uniek in de Nederlandse zorgwereld, maar de samenwerking is dat wel: er is geen andere aandoening of orgaan waar het precies zo geregeld is als bij de nieren. Dat was acht jaar geleden wel anders.

'Toen ik binnenkwam was de relatie tussen de NVN en de Nierstichting een puur financiële. Er zat letterlijk een deur tussen (beide organisaties huizen in hetzelfde pand – red.). Dat is veranderd; in eerste instantie zijn we de discussie aangegaan: wie moet nu wat doen, en waar moeten we samen optrekken? Dat heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat we van het deel algemene preventie, voorlichting voor het brede publiek, hebben gezegd dat het goed is dat het bij de Nierstichting ligt. Maar eigen regie, dat is weer typisch iets voor een patiëntenvereniging.'

'Op het gebied van informatievoorziening zijn we veel samen gaan doen, met een gezamenlijke folderlijn en het oprichten van een aparte stichting, nieren.nl. En wat je nu ziet, is dat de bezoekersaantallen van onze website ontzettend zijn gekelderd. Dat is logisch, want veel informatie staat nu op nieren.nl – wat overigens heel goed bezocht wordt. We zitten nog midden in het proces om de zichtbaarheid van onze vereniging te vergroten. Dat moet echt nog beter en dat kan ook beter.'

Als ik niet meer zou werken met de mensen om wie het wezenlijk gaat, zou het volgens mij niet kloppen.

'Ik denk dat de winst die we de afgelopen jaren als NVN geboekt hebben is dat we heel zichtbaar zijn geweest zowel in het nefrologen- als in het onderzoeksveld. Er lopen nog maar heel weinig onderzoeken in de nefrologie waarin niet eerst aan de NVN wordt gevraagd: willen jullie een patiëntenbeoordeling geven hierop?'

Hans Bart profileerde zich bij zijn aantreden als verbinder. Waar is nou de afgelopen acht jaar uit gebleken dat hij dat ook voor het nierveld is geweest? 'Ik denk dat wij nu veel meer verbonden zijn met de medische hoek van de nefrologie, voor mijn tijd was dat veel meer hap snap en toevallig. Maar ook in de patiëntenwereld: wij waren geen lid van de Patiëntenfederatie, nu wel sinds een aantal jaar en we hebben daarbinnen een verbindende rol.'

'Het meest trots ben ik op de 170 ervaringsdeskundigen die overal bij betrokken zijn. Ik noem ze wel eens de kaderleden. Die hebben werkelijk een behoorlijke stem in hoe wij als NVN opereren. De verbreding van de groep ervaringsdeskundigen beschouw ik als mijn grootste succes van de afgelopen acht jaar. Ook dat is verbinding: binnen de vereniging.'

Een vereniging heeft zijn waarde in de manier waarop je aan zingeving kunt bijdragen voor de mensen die er onderdeel van zijn.

'Dingen als samen beslissen, dat is iets wat nog veel verder uitgewerkt kan worden. Maar het zijn wel ontwikkelingen die de afgelopen vier, vijf jaar in gang zijn gezet. Het is nu niet meer alleen weggelegd voor de heel mondige patiënt. Het is een maatschappelijke ontwikkeling, en een ontwikkeling in het nefrologische veld waar wij fors aan bijgedragen hebben.'

Een van de eerste dingen die Hans Bart deed, was het opheffen van de commissies die binnen de NVN bestonden. 'Die commissies zorgen voor het opknippen van de vereniging. Ik ben er nog absoluut van overtuigd dat het goed is geweest ze op te heffen. Geen zachtaardige manier, en ook geen populair makende manier, maar ik vond het heel belangrijk om het gevoel neer te zetten dat de NVN één vereniging is. En dat betekent soms dat je schotten moet afbreken.'

'Ik hoop dat de brugfunctie die we als NVN hebben in het veld tussen onderzoekers, zorgverleners, politiek, zorgverzekeraars, dat we die verbindende factor kunnen blijven. Maar ik zou graag nog op de barricades gaan als het gaat om de financiering van patiëntenorganisaties. Ik vind dat Den Haag daar echt grove fouten in maakt. We eisen van alles van patiëntenorganisaties, maar we betalen er geen stuiver voor. En dat klopt niet.'

Wat is er niet gelukt? 'Het zittend ziekenvervoer!! Dat is acht jaar lang een pain in my ass geweest. Het is niet gelukt om daar wat in te verbeteren en wat ik nu zie gebeuren, en dat is best heftig, is dat de taxibedrijven niet meer willen intekenen. Ik ben er eigenlijk heel blij mee, want het zet het allemaal heel erg op scherp. Er is geen groep die zo veel gebruik maakt van deze voorziening als de dialysepatiënten. Ik heb er steeds voor gepleit een aparte regeling voor dialysepatiënten te maken en: kijk naar de kwaliteit van het vervoer, in plaats van alleen maar op de centen te letten. En misschien dat wat er nu gebeurt, kan leiden tot een oplossing.'

sterren Gepubliceerd: maandag 16-09-2019 | Nog geen reacties




Huisdieren mogelijk bron van hepatitis E

Huisdieren zijn veel vaker dan gedacht besmet (geweest) met het virus dat hepatitis E veroorzaakt, en zouden daarmee wel eens een bron van besmetting voor mensen kunnen zijn. Dit is voor gezonde mensen over het algemeen niet gevaarlijk, maar kan dat wel zijn voor mensen die een verminderde afweer hebben, bijvoorbeeld getransplanteerden.

Vrij veel mensen hebben op enig moment in hun leven een infectie met het hepatitis E-virus, meestal niet ernstig. Maar wie een verminderde afweer heeft, bijvoorbeeld door de medicatie die transplantatiepatiënten gebruiken, kan er wel heel ziek van worden. Er zijn verschillende vormen van het virus: sommige komen alleen bij mensen voor, maar andere types circuleren ook onder wilde en gedomesticeerde dieren. De idee is dat mensen vooral besmet raken via varkens, of door (onvoldoende verhitte) varkenslever te eten. Maar Rotterdamse onderzoekers dachten dat er mogelijk nog een andere besmettingsweg is, omdat er zo veel mensen zijn die ooit besmet raken. Terwijl het virus niet makkelijk van mens tot mens wordt overgedragen.

Ze hebben, in samenwerking met de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en Wageningen Universiteit, het bloed van honden, katten en paarden onderzocht. Daaruit blijkt dat 15 tot 20% van deze huisdieren antistoffen tegen het virus in het bloed heeft, en dus ooit besmet is geweest. Waarschijnlijk doordat er varkenslever verwerkt is in het voer.

Lees meer »

Wisselingen in Maastricht »

Twee grote veranderingen bij de afdeling nefrologie in Maastricht: prof.dr. Karel Leunissen is met emeritaat gegaan en prof.dr. Jeroen Kooman is benoemd tot nieuwe directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie. Bij zijn afscheid van het Maastricht UMC+ is internist-nefroloog prof.dr. Karel Leunissen benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Tevens is hij onderscheiden met de Maastricht UMC+ penning.

Lees meer »

Wiskundig model maakt schatting van druk in nierfilters »

Door Rosa Wouda - Een interview met arts-onderzoeker Didier Collard over het onderzoek naar het meten van druk in de nierfilters in het Amsterdam UMC. Didier heeft een bachelor wiskunde en natuurkunde gedaan, gevolgd door een master mathematische fysica aan de Universiteit van Amsterdam. Via de zij-instroom is hij daarna geneeskunde gaan studeren en hij heeft inmiddels zijn opleiding tot arts afgerond.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier