Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Leuvense test toont afstoting door antilichamen aan zonder biopt

Door Merel Dercksen 

Onderzoekers uit Leuven en enkele andere Europese centra hebben een manier gevonden om afstoting van een getransplanteerde nier waarbij antistoffen een rol spelen, te herkennen zonder dat er een biopt genomen hoeft te worden. De methode is nog niet zo ver ontwikkeld dat die direct in de praktijk ingezet kan worden.

Afstoting van een getransplanteerde nier kan op verschillende manieren plaatsvinden: langs een weg waarbij de T-cellen betrokken zijn (cellulaire afstoting), of door antilichamen. In het laatste geval maakt de ontvanger antilichamen aan die binden aan eiwitten op de donornier, waardoor het afweersysteem van de ontvanger de nier als vreemd herkent en 'onschadelijk' probeert te maken. Acute cellulaire afstoting is tegenwoordig vrij goed onder controle. Antilichaam-gemedieerde afstoting is lastiger. Om dit te herkennen is het namelijk nodig een biopt van de nier te nemen, en dat wil je niet te vaak doen. Als afstoting waarbij antilichamen een rol spelen in een vroeg stadioum herkend wordt, is dat vaak toevallig omdat het proces net op gang is gekomen als er een routinematige biopsie wordt uitgevoerd.

In de door de EU gefinancierde BIOMARGIN studie heeft een consortium van onderzoekscentra uit België, Duitsland en Frankrijk steeds bloed afgenomen bij patiënten die een biopsie van hun getransplanteerde nier ondergingen. Hierin hebben ze onderzocht welke genen tot expressie komen bij patiënten die een afstoting doormaken, terwijl die dat niet of anders doen bij patiënten die geen afstoting doormaken. Op deze manier hebben ze een combinatie van acht genen gevonden, waarvan de activiteit bepaald kan worden door mRNA te meten in het bloed van de patiënt.

De onderzoekers hebben hun test gecontroleerd bij 387 andere getransplanteerde patiënten. Het blijkt dat de test goed aangeeft of een patiënt in een proces van afstoting door antilichamen zit. Het maakt voor de nauwkeurigheid van de test niet uit of de functie van de getransplanteerde nier nog goed is, of niet meer. De combinatie van genen die de onderzoekers nu gevonden hebben vertoont een verband met ontstekingsprocessen op het niveau van de kleinste bloedvaatjes, en met schade aan de nierfilters. Maar niet met de schade die gezien wordt bij cellulaire afstoting.

De test lijkt voldoende gevalideerd te zijn om gebruikt te kunnen worden om afstoting door antilichamen te bepalen met behulp van een buisje bloed. Nu moet de test nog zo gestandaardiseerd worden, dat hij in bulk produceerbaar is en routinematig ingezet kan worden. Dat zou uiteindelijk betekenen dat getransplanteerde nierpatiënten veel minder vaak een biopsie hoeven te ondergaan.

sterren Gepubliceerd: woensdag 14-08-2019
Bron: EBioMedicine | Nog geen reacties




Amerikaanse onderzoekers leiden afweer ontvanger om de tuin

Ontvangers van donororganen moeten de rest van hun leven medicijnen slikken die hun immuunsysteem onderdrukken, omdat het lichaamsvreemde orgaan anders wordt afgestoten. Het langdurig onderdrukken van het immuunsysteem brengt echter wel een verhoogd risico op infecties en sommige vormen van kanker met zich mee, en daarnaast slaagt het immuunsysteem er na verloop van jaren vaak toch in om het donororgaan af te stoten. Een methode om het immuunsysteem het nieuwe orgaan te laten accepteren als lichaamseigen zou dus een ideale oplossing vormen. Amerikaanse onderzoekers zijn wellicht zo'n methode op het spoor.

Lees meer »

Botmetabolisme blijft ook na transplantatie vaak afwijkend »

Op het eerste gezicht zijn botten de meest stabiele onderdelen van je lichaam, maar zelfs botweefsel wordt eens in de zoveel tijd vervangen. Bij gezonde volwassenen wordt sponsachtig botweefsel eens per drie jaar vervangen, en compact bot eens per tien jaar. Bij patiënten met nierschade verloopt dit proces, 'botremodellering', slechter.

Lees meer »

Doorzichtige organen als tussenstap naar printen »

Onderzoekers in München zijn erin geslaagd organen doorzichtig te maken met behulp van een oplosmiddel. Doordat dit oplosmiddel de cellen wel laat zitten, kunnen ze vervolgens het orgaan op celniveau in beeld brengen. Dit beeld gebruiken ze om nieuwe organen te printen. De onderzoekers beginnen met een pancreas en hopen over vijf tot zes jaar nieren te kunnen printen op basis van deze techniek.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier