Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

'Nauwelijks vooruitgang in overleving getransplanteerde nier'

Door Merel Dercksen 

'Er worden geen grote stappen meer gezet als het gaat om het langer mee laten gaan van getransplanteerde nieren'. 'Twintig, dertig jaar geleden is er veel verbeterd in het tegengaan van afstoting op korte termijn, maar nu lopen we tegen de langetermijnproblemen aan en daar hebben we nog onvoldoende oplossingen voor'. Dit soort opmerkingen kun je regelmatig opvangen onder zorgverleners in de transplantatiegeneeskunde. Gevoelsmatig is de tijd van grote vooruitgang voorbij. Klopt dat?

Volgens onderzoekers van de KU Leuven en enkele collega's uit Frankrijk en Duitsland, zijn de overlevingskansen van getransplanteerde nieren door de tijd heen nooit goed onderzocht in de context van veranderende donor- en ontvangerprofielen. Dat hebben zij nu gedaan, in een cohort bestaande uit meer dan honderdduizend mensen die tussen 1986 en 2015 een nier van een hersendode donor hebben ontvangen, verdeeld over 135 ziekenhuizen in 21 Europese landen.

De onderzoekers hebben gekeken naar het risico op nierfalen na transplantatie. Daarbij zagen ze dat tussen 1986 en 1999 de verbetering vooral zat in de overlevingskansen op korte termijn: in deze periode is het risico op nierfalen een jaar na transplantatie met maar liefst 64% afgenomen. Dat is ook terug te zien in het functioneren vijf jaar na transplantatie: deed in de periode 1986-1996 75% van de nieren het nog na vijf jaar, twintig jaar later is dat gestegen naar 84%.

Deze eeuw zijn het juist de overlevingskansen op langere termijn die verbeterd zijn. Die veranderingen staan los van dat donoren en ontvangers ouder zijn geworden, melden de onderzoekers. Het is een weerslag van de evolutie in de transplantatiezorg. Maar als de onderzoekers corrigeren voor de veranderende karakteristieken van donoren en ontvangers, zien ze dat de stijgende lijn op de korte termijn, sinds 2000 naar beneden is afgebogen.

Op de site van de KU Leuven noemt hoofdonderzoeker Maarten Naesens het 'frappant' dat de vooruitgang gestagneerd is terwijl er op andere domeinen in de geneeskunde juist zoveel vooruitgang is geboekt de afgelopen vijftien jaar. Hij heeft er wel een verklaring voor: "De medicatie die we nu nog altijd gebruiken om afstoting van een nier te voorkomen, dateert uit de jaren '90 van de vorige eeuw. Uiteraard is onze wetenschappelijke kennis de laatste 15 jaar toegenomen, maar dat heeft zich niet vertaald in betere medicijnen. Dat betekent dat er duidelijk nood is aan innovatie op het vlak van niertransplantatie."

sterren Gepubliceerd: maandag 06-08-2018
Bron: Kidney International | Nog geen reacties




VENI 2019: kleinste bloedvaatjes en acute nierschade

NWO heeft 166 veelbelovende jonge wetenschappers een Veni-financiering van maximaal 250.000 euro toegekend. Hiermee kunnen de laureaten gedurende drie jaar hun eigen onderzoeksideeën verder ontwikkelen. Twee van deze onderzoeken richten zich direct op de nieren, een aantal andere zijn algemener maar kunnen een resultaat opleveren dat ook in de nefrologie van toegevoegde waarde kan zijn.

De Veni wordt jaarlijks door NWO toegekend. In totaal dienden in deze Veni-ronde 1151 onderzoekers een ontvankelijk onderzoeksvoorstel in voor financiering. Daarvan zijn er nu 166 gehonoreerd. De eerste onderzoeker binnen het nierveld die met een VENI-subsidie aan de slag kan is dr.ing. Charissa van den Brom (Amsterdam UMC, Locatie VUmc, afdeling Anesthesiologie). Haar onderzoek richt zich op slechte doorbloeding van de allerkleinste bloedvaten in ernstig zieke patiënten, omdat dit de nieren kan beschadigen door zuurstoftekort. Van den Brom gaat de rol van de beschadigde binnenbekleding van deze haarvaten bestuderen om behandelingen gericht tegen het lekken van haarvaten te ontwikkelen en schade aan de nieren te voorkomen.

Lees meer »

Rituximab net zo goed als ciclosporine bij membraneuze nefropathie »

B-cellen (een bepaald type witte bloedcel) spelen een rol bij het ontstaan van de nierziekte membraneuze nefropathie (MN). Omdat het medicijn rituximab specifiek op B-cellen aangrijpt, leek het Amerikaanse onderzoekers niet onvoorstelbaar dat dit net zo goed werkt voor patiënten met MN als ciclosporine. Ze hebben dit onderzocht in de MENTOR-studie.

Lees meer »

Mantelzorgers zwaarder belast bij oudere dialysepatiënten »

Er zijn steeds meer aanwijzingen dat starten met dialyseren op hogere leeftijd niet per se leidt tot een langer leven. Daarentegen kan het wel problemen met zich meebrengen, zowel voor de patiënt als voor de mantelzorger. Ouderen moeten een weloverwogen keuze kunnen maken tussen wel of niet starten met dialyse op basis van hun persoonlijke voorkeur, vindt Namiko Goto. Zij is geriater in opleiding en doet onderzoek naar de geriatrische problemen bij oudere patiënten met nierfalen.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier