Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Niercellen maken littekenvorming zelf erger

Door Gastredacteur 

Door Koen Groeneweg – Een interview met onderzoeker Jenny Eymael uit het Radboudumc over haar onderzoek naar littekenvorming bij nierziektes. Dit onderzoek is in december 2017 gepubliceerd in Kidney International en is hier te vinden.

Jenny Eymael heeft Biomedische Wetenschappen gestudeerd en zij werkt nu sinds 2,5 jaar aan promotie-onderzoek op de afdelingen Pathologie en Nierziekten, onder leiding van hoofdonderzoekers Bart Smeets en Johan van der Vlag. Met haar onderzoek wil ze meer te weten komen over de oorzaak van littekenvorming in de nier en de rol daarin van een bepaald type cellen, genaamd Pariëtale Epitheelcellen.

Pariëtale epitheelcellen (PE-cellen)
Elke nier bevat ongeveer 1 miljoen nierfilters (glomeruli), waarin verschillende afvalstoffen uit het bloed worden gefilterd. In deze nierfilters bevinden zich onder andere pariëtale epitheelcellen (PE-cellen). Zolang deze cellen niet actief zijn ondersteunen ze de nier in het uitoefenen van de normale functies. Wanneer deze cellen echter actief worden, blijken ze één van de drijvende krachten te zijn achter littekenvorming (sclerose) in de nier. In het littekengebied is een deel van de gezonde nierfiltercellen verdwenen (zie afbeelding). 'Bij veel nierziektes speelt deze littekenvorming in de nierfilters een belangrijke rol en zorgt deze voor een verslechtering van de nierfunctie', legt Jenny uit.

Het eiwit CD44
Wanneer de PE-cellen in de nier actief worden gaan ze een bepaald eiwit, genaamd CD44, aanmaken. Dit eiwit heeft verschillende functies in het lichaam. Zo speelt het een rol in het afweersysteem en in de aanleg van nieuwe bloedvaten. Het komt op meerdere plaatsen voor in het lichaam, maar in de nier wordt dit eiwit normaal gesproken in een gezonde situatie niet geproduceerd. Of dit eiwit zelf ook één van de oorzaken is van de littekenvorming was eerder niet bekend. Dat is Jenny met haar onderzoek verder gaan uitzoeken.

Links: gezond nierfilter met PE-cellen (rood)
Rechts: litteken in nierfilter met actieve
PE-cellen (rood) en ontbreken van
gezonde filtercellen (groen)

Een muis zonder CD44
'Om erachter te komen of CD44 zelf ook de littekenvorming verergert hebben we verschillende groepen muizen met elkaar vergeleken; een groep muizen die geen CD44 kunnen aanmaken en een groep normale muizen. Door het toedienen van de stof NTS (nefrotoxisch serum) aan de muizen hebben we een bepaalde nierziekte (crescentische glomerulonefritis) nagebootst, waarbij littekenvorming een belangrijk probleem is en zorgt voor veel nierschade. De muizen die geen CD44 konden aanmaken bleken in de nieren minder schade te ontwikkelen en minder eiwit uit te plassen (eiwit in de urine kan een teken van nierschade zijn). Ook waren minder nierfilters in de nier beschadigd.'

In een tweede experiment werd bij andere muizen met dezelfde eigenschappen als bij het eerste experiment een antistof tegen Thy1.1 toegediend. Deze antistof zorgt normaal gesproken binnen een paar uur voor nierschade en het uitplassen van eiwit, dat ook kan worden gezien bij de nierziekte Focale en Segmentale Glomerulosclerose (FSGS). De muizen die geen CD44 konden aanmaken hadden minder eiwit in de urine en hadden minder van de nadelige geactiveerde PE-cellen in de zeeflichaampjes.

Muizen die niet het eiwit CD44 kunnen aanmaken blijken dus minder uitingen van nierschade te krijgen bij het nabootsen van een nierziekte waar littekenvorming een grote rol speelt. Deze uitkomsten maken het waarschijnlijk dat CD44 dus niet alleen aangemaakt wordt bij schade, maar dat deze stof ook zelf de littekenvorming verergert.

Minder nierschade door het ontbreken van een bepaald eiwit, dat klinkt veelbelovend
Jenny vertelt dat het nog veel te vroeg is om stappen te zetten naar een behandeling. 'Het eiwit CD44 is niet alleen werkzaam in de nier, maar heeft functies in het hele lichaam. Als je de stof zou kunnen uitschakelen veroorzaakt dit waarschijnlijk heel andere problemen elders in het lichaam. Het eiwit CD44 zal zelf dus vermoedelijk nooit het aangrijppunt worden van een behandeling tegen nierschade. Een behandeling die door het blokkeren van bepaalde eiwitten nierschade kan verminderen is daarom nog toekomstmuziek.'

Hoe ziet die toekomst er precies uit?
'De vervolgstappen die we willen zetten hebben met name te maken met andere eiwitten die samenwerken met CD44. Het is waarschijnlijk dat CD44 niet zelfstandig de verergering van de nierschade veroorzaakt, maar hier alleen toe in staat is wanneer andere eiwitten aangemaakt worden. Als we die andere eiwitten kunnen bestuderen, vinden we misschien een eiwit dat alleen in de nier werkt en minder verschillende functies heeft. Het zou heel mooi zijn als die stof dan een startpunt kan zijn om te zoeken naar manieren om de littekenvorming in de nier af te remmen.'

sterren Gepubliceerd: maandag 16-04-2018 | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • A van Gurp, Domburg
    16-04-2018 08:56

    Is dit n vernieuwd onderzoek of is dit t onderzoek wat ook al in 2014 bekend was ?




Wisselingen in Maastricht

Twee grote veranderingen bij de afdeling nefrologie in Maastricht: prof.dr. Karel Leunissen is met emeritaat gegaan en prof.dr. Jeroen Kooman is benoemd tot nieuwe directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie.

Bij zijn afscheid van het Maastricht UMC+ is internist-nefroloog prof.dr. Karel Leunissen benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Tevens is hij onderscheiden met de Maastricht UMC+ penning. Leunissen is sinds 1984 tot aan zijn emeritaat in juni 2020 in dienst geweest van het academisch ziekenhuis Maastricht en de Universiteit van Maastricht. Hij is begonnen als jonge internist-nefroloog, waarbij hij nog nauw betrokken is geweest bij het opzetten van het niertransplantatieprogramma in Maastricht. Vervolgens is hij bevorderd tot universitair hoofddocent en later tot vakhoogleraar en opleider Nefrologie. Vanaf 1998 was hij, binnen de afdeling Interne geneeskunde van het Maastricht UMC+, hoofd van de onderafdeling Nefrologie.

Naast zijn vakinhoudelijk werk heeft Leunissen zich uitgebreid bezig gehouden met onderwijs. Zo was hij bijvoorbeeld vice-decaan en portefeuillehouder onderwijs van de (toenmalige) Faculteit der Geneeskunde, en directeur van het Stafdirectoraat Zorg en Leren. Een andere nefroloog met onderwijsbloed is prof.dr. Jeroen Kooman. Hij is per 1 september benoemd tot nieuwe directeur van EDLAB, het UM-instituut voor onderwijsinnovatie.

Lees meer »

Wiskundig model maakt schatting van druk in nierfilters »

Door Rosa Wouda - Een interview met arts-onderzoeker Didier Collard over het onderzoek naar het meten van druk in de nierfilters in het Amsterdam UMC. Didier heeft een bachelor wiskunde en natuurkunde gedaan, gevolgd door een master mathematische fysica aan de Universiteit van Amsterdam. Via de zij-instroom is hij daarna geneeskunde gaan studeren en hij heeft inmiddels zijn opleiding tot arts afgerond.

Lees meer »

Weer grote prijs voor Martin de Borst »

De Groningse nefroloog Martin de Borst, ontving zaterdag 6 juni de Stanley Shaldon Award for Young Investigators van de ERA-EDTA, de European Renal Association-European Dialysis and Transplant Association. De prijs, die bestaat uit onder andere een bedrag van 10.000 euro, werd uitgereikt tijdens het jaarlijkse ERA-EDTA congres dat dit jaar, vanwege de corona-pandemie, online plaatsvond in plaats van in Milaan.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier