Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Op weg naar de biologische kunstnier

Door Shanty Sterke 

De biologische kunstnier komt steeds een stapje dichterbij. Daarover vertelde Roos Masereeuw, hoogleraar experimentele farmacologie aan de Universiteit Utrecht, op de najaarsvergadering van de Nederlandse Federatie voor Nefrologie. Samen met onderzoekers van de Universiteit Twente heeft zij een nierbuisje ontwikkeld met menselijke niercellen dat in staat is afvalstoffen uit het bloed te halen die een dialyse-apparaat niet kan verwijderen. Tot nu toe is de biologische kunstnier vooral in het laboratorium ontwikkeld. Maar nu zijn de onderzoekers zo ver dat ze het model op grotere schaal willen brengen. Masereeuw heeft laten zien welke stappen ze hebben genomen om zover te komen.

Het celsysteem, dat de basis is voor de biologische kunstnier, is al een jaar of tien geleden ontwikkeld. 'De cellen hebben we oorspronkelijk uit urine gehaald van een gezonde vrijwilliger', legt Masereeuw uit. Door de cellen genetisch wat aan te passen blijven ze zichzelf continu delen bij 33 graden. 'Maar op het moment dat we die cellen naar 37 graden zetten, verandert die eigenschap en gaan de cellen zich, wat wij noemen, differentiëren en nemen ze het volwassen celtype aan. Je moet het zo zien: met 33 graden zijn het als het ware stamcellen en bij 37 graden zijn het echte niercellen'.

Verschillende soorten niercellen
In het Leids Universitair Medisch Centrum kweken ze ook nierstamcellen. Werken de universiteiten dan samen of zijn ze beide het wiel aan het uitvinden? 'We proberen zeker wel samen te werken', zegt Masereeuw. 'In Leiden kweken ze cellen volgens een heel ander principe. Daar maken ze van een volwassen cel weer een stamcel, ook door deze genetisch aan te passen. Die vervolgens in een bepaald kweekmedium kan differentiëren in verschillende typen niercellen. Wij hebben ons gericht op maar één type cel, namelijk de cel die betrokken is bij de actieve uitscheiding van lichaamseigen afvalstoffen en proberen daarvan zo goed mogelijk de functie te begrijpen'.

Buiten het lichaam
De biologische kunstnier is eigenlijk niets anders dan het dialysesysteem maar dan aangevuld met niercellen. Het blijft dus vooralsnog een systeem dat buiten het lichaam zal worden aangesloten en niet iets wat geïmplanteerd wordt in de patiënt. Dat is echt nog toekomstmuziek en Masereeuw weet niet of we dát ooit gaan halen. De biologische kunstnier werkt wel veel beter dan het huidige dialysesysteem. 'Juist omdat je de biologische component mist, is de dialyse in feite zo beperkt in zijn mogelijkheden. Er wordt niet voor niets gezegd: dialyse is geen leven maar overleven. Met dialyse raak je nog steeds maar twintig procent van je afvalstoffen kwijt.' De rest blijft achter in het bloed en hoopt zich langzaam op, waardoor hart- en vaatproblemen kunnen ontstaan. 'Tachtig procent van de afvalstoffen blijft dus achter. Wij richten ons met name op die tachtig procent en proberen daar een enorme stap in te maken'.

Op de vraag hoelang het duurt voordat de biologische kunstnier in menselijke proefpersonen getest kan worden, kan Masereeuw geen antwoord geven. 'Nee, we willen nu eerst de stap maken om het in proefdieren te testen. En als dan blijkt dat het veilig en efficiënt is, gaan we kijken of we het verder kunnen ontwikkelen naar de mens'. Zover is het dus voorlopig nog niet en het is ook niet gegarandeerd dat het zover komt. 'Als blijkt dat het geen haalbare zaak is om dit naar de kliniek te brengen dan zullen we uiteindelijk moeten beslissen dat het systeem het niet gaat redden. Maar vooralsnog ben ik wel hoopvol gestemd hoor. Want ook onze recente proeven wijzen nu uit dat het systeem heel veilig lijkt te zijn. Dus ik maak me wat dat betreft niet zoveel zorgen. Maar we moeten wel aantonen dat het echt in staat is om voldoende afvalstoffen uit te kunnen scheiden om een aanzienlijke verbetering voor nierpatiënten te gaan geven.'


Dit artikel verscheen eerder in de papieren uitgave van NierNieuws ter gelegenheid van de Wetenschapsdag 2017.

sterren Gepubliceerd: woensdag 18-10-2017 | Nog geen reacties




Risico op hoge bloeddruk stijgt na nierdonatie

Donoren van een nier lopen een hoger risico hypertensie te ontwikkelen dan vergelijkbare, gezonde niet-donoren. Dit blijkt uit een recent onderzoek, uitgevoerd aan de Johns Hopkins universiteit (Baltimore, VS, iets ten noordoosten van Washington DC).

De onderzoekers bekeken de gegevens van 1295 levende donoren, gemiddeld 6 jaar na hun nierdonatie, en zetten die af tegen de gegevens van 8233 gezonde niet-donoren. Uit deze gegevens bleek dat donoren over het geheel genomen 19% meer kans liepen hypertensie (hoge bloeddruk) te krijgen. Voor zwarte donoren was dit getal zelfs 27%. Daarnaast ging de eGFR (filtratiesnelheid, maat voor de nierfunctie) van donoren niet meer omhoog nadat was vastgesteld dat ze hypertensie hadden ontwikkeld.

Normaal gaat de GFR van een donor onmiddellijk na de donatie omlaag (want er is minder nierweefsel om de nierfunctie te vervullen), om daarna langzaam maar zeker weer te stijgen; hoewel ik ook bronnen kan vinden die claimen dat de eGFR van donoren langzaam daalt als gevolg van het normale verouderingsproces (na de initiële daling na de donatie). Maar volgens deze onderzoekers hoort de eGFR van donoren langzaam maar gestaag weer te stijgen, en vlakte deze stijging af bij donoren die hoge bloeddruk kregen.

Lees meer »

Nierfunctie ernstig zieke kinderen beter meten »

Door Anne Schijvens - Een interview met arts-onderzoeker Nori Smeets uit het Radboudumc in Nijmegen over haar onderzoek naar de nierfunctie bij kritisch zieke kinderen. Nori is, na haar studie geneeskunde aan de Radboud Universiteit, in april 2018 gestart met haar promotieonderzoek bij de afdeling Farmacologie & Toxicologie in het Radboudumc. Zij voert haar onderzoek uit onder begeleiding van prof. dr. Saskia de Wildt, kinderarts-intensivist & klinisch farmacoloog en dr.

Lees meer »

Hiv-donornieren functioneren boven verwachting »

Relatief veel Zuid-Afrikaanse Hiv-patiënten die een donornier hadden ontvangen van een overleden Hiv-patiënt waren vijf jaar na de transplantatie nog in leven, en ook hun donornier was niet afgestoten. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd in Zuid-Afrika, waar men ongeveer tien jaar geleden begon met het transplanteren van nieren van Hiv-patiënten naar andere Hiv-patiënten.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier