Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Zijn medicijnen tegen botafbraak zinvol bij nierpatiŽnten?

Door Shanty Sterke 

Patiënten met chronisch nierfalen hebben een grotere kans op een botbreuk. Maar het is nog maar de vraag of het voor hen zin heeft om medicijnen te gebruiken die de botafbraak tegen gaan. Dit schrijven Amerikaanse onderzoekers in een overzichtsartikel in Annals of Internal Medicine.

De auteurs analyseerden dertien studies, waaraan bij elkaar bijna 10 000 patiënten meededen. Ze keken naar de veiligheid en effectiviteit van medicijnen tegen osteoporose bij nierpatiënten.

Bij osteoporose is de balans tussen de botopbouw en de botafbraak verstoord. Dat leidt tot een verlaagde botdichtheid en een verminderde botkwaliteit. Hierdoor is het bot brozer en kan het makkelijker breken. Osteoporose komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Dat komt omdat na de menopauze de botdichtheid snel afneemt. Maar ook botafwijkingen die voorkomen bij nierpatiënten (renale osteodystrofie) kunnen osteoporose veroorzaken.

Voor de behandeling van osteoporose zijn zogenoemde bisfosfonaten de medicijnen van eerste keuze. De onderzoekers vonden dat het verlies aan botdichtheid bij patiënten die een transplantatie hadden ondergaan en bisfosfonaten kregen weliswaar minder was dan bij patiënten die een placebo (neppil) kregen. Echter, als ze keken of bisfosfonaten ook een botbreuk konden voorkomen dan vonden ze dat er in de groep patiënten die een bisfosfonaat kregen minder botbreuken waren dan in de groep die een placebo kreeg. Maar dat verschil was niet significant. Met andere woorden, het kan net zo goed toeval zijn. Datzelfde gold voor de groep patiënten met nierfalen stadium drie of vier. Ook in die groep was er onvoldoende bewijs dat bisfosfonaten verlies aan botdichtheid en botbreuken kunnen verminderen.

Van de andere middelen tegen osteoporose kwam raloxifeen er nog het best vanaf. Patiënten met nierfalen stadium drie tot vijf die raloxifeen kregen braken minder vaak een wervel. Of teriparatide en denosumab botbreuken kunnen voorkomen bij patiënten met chronisch nierfalen blijft onduidelijk, volgens de onderzoekers. Terwijl patiënten die deze laatste twee middelen slikten wel vaker last hadden van bijwerkingen zoals infecties, diarree, teveel of te weinig calcium in het bloed.

De auteurs waarschuwen dat we hun bevindingen met een kleine korrel zout moeten nemen. Ze stellen dat hun resultaten maar beperkt van toepassing zijn op alle patiënten met chronisch nierfalen. Dit komt omdat aan een groot deel van de studies alleen vrouwen die de menopauze al achter de rug hadden meededen. Bovendien was het niet duidelijk of er ook patiënten met diabetes meededen aan de studies. Dat zou de resultaten namelijk beïnvloeden stellen de onderzoekers omdat diabetes vaak voorkomt bij mensen met chronisch nierfalen en een belangrijke risicofactor is voor een botbreuk.

sterren Gepubliceerd: maandag 01-05-2017 | Reacties (2)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Redactie
    01-05-2017 09:59

    Het is heel goed dat wetenschappers de beperkingen van een onderzoek inzien en die ook duidelijk melden in hun artikel. Maar al te vaak verdwijnen dergelijke nuanceringen, die aan vrijwel elk onderzoek kleven, in de berichtgeving in de algemene media uit beeld. Daardoor wordt bij het grote publiek een schijn van zekerheid gewekt die vrijwel nooit werkelijk aanwezig is. Onze redacteur meldt de beperkingen wel. Dat vinden wij een heel goede keuze die het belang van de resultaten er zeker niet minder om maakt.

  • Carla Boon, ANNA PAULOWNA
    01-05-2017 09:42

    Gezien de kwaliteit van dit onderzoek, die door uzelf in dit artikel aan de kaak gesteld wordt, zijn de uitslagen van dit onderzoek de moeite van het vermelden niet waard. Waarom plaatst u dit dan tůch ?




Moeilijk transplantabel? Nieuwe opties in zicht

Een klein deel van de nierpatiënten is hoog geïmmuniseerd. Dat betekent veel antistoffen in het bloed en daarmee nauwelijks kans op een transplantatie. Dialyse is dan vaak de enige optie. Maar… er is een computerprogramma ontwikkeld, dat mogelijk uitkomst biedt. Het is gebaseerd op het bestaande cross-overprogramma en er zijn extra opties ingebouwd voor het vinden van een (bijna) passende match met nierpatiënten met veel antistoffen.

Op dit moment wordt dit systeem alleen voor patiënten van het Erasmus MC ingezet. Erasmus MC is in gesprek met de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) om het programma,  Computerised Integration of Alternative kidney Transplantation (CIAT), landelijk in te zetten. Meer weten? Lees de nieuwste Wisselwerking, het tijdschrift van de Nierpatiënten Vereniging Nederland. U kunt het blad lezen door een gratis proefnummer aan te vragen, een abonnement te nemen of lid te worden van de NVN. Bij leden en abonnees ligt het nieuwe exemplaar op donderdag 15 oktober op de mat.

Huisdieren mogelijk bron van hepatitis E »

Huisdieren zijn veel vaker dan gedacht besmet (geweest) met het virus dat hepatitis E veroorzaakt, en zouden daarmee wel eens een bron van besmetting voor mensen kunnen zijn. Dit is voor gezonde mensen over het algemeen niet gevaarlijk, maar kan dat wel zijn voor mensen die een verminderde afweer hebben, bijvoorbeeld getransplanteerden. Vrij veel mensen hebben op enig moment in hun leven een infectie met het hepatitis E-virus, meestal niet ernstig.

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier