Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Soort antilichaam tegen donor bepaalt afstoting

Door Merel Dercksen 

Patiënten die antilichamen aanmaken tegen hun donornier, maken niet allemaal dezelfde soort aan. Die details blijken te bepalen of de antilichamen een afstotingsproces in gang zetten, of dat er eigenlijk weinig aan de hand is.

Een van de manieren waarop afstoting van een getransplanteerde nier kan ontstaan is doordat de ontvanger antilichamen aanmaakt tegen specifieke eiwitten in het donororgaan: anti-HLA-antilichamen. Maar niet bij alle getransplanteerden die dit soort tegen de donornier gerichte antilichamen aanmaken gaat het fout: de een raakt de nier ondanks medicatie kwijt, bij de ander blijft de nier het heel behoorlijk doen.

Franse onderzoekers hebben eerder al ontdekt dat het ene antilichaam tegen donor-HLA het andere niet is; toen zagen ze een verschil in of die antilichamen zich aan het complementsysteem kunnen binden. Nu heeft een groep wetenschappers onder leiding van dr. Carmen Lefaucheur van het Hôpital Saint-Louis in Parijs weer een stukje van het mysterie verder ontrafeld.

Ze ontdekten dat het uitmaakt welke subklasse van het antilichaam immunoglobuline G (IgG) de patiënt aanmaakt. Onder de 125 patiënten die in het eerste jaar met de nieuwe nier anti-donor-HLA-antilichamen aanmaakten, uit een groep van 635 tussen 2008 en 2010 getransplanteerden, sprongen de subklasses IgG3 en IgG4 er op verschillende manieren uit. Een acute afstoting door antilichamen blijkt vooral in gang te worden gezet doordat de patiënt IgG3 aanmaakt. Patiënten die vooral IgG4 aanmaken krijgen later na de transplantatie, en niet per se direct merkbaar, te maken met afstotingsverschijnselen. In de onderzoeksgroep waren ook nog patiënten die wel (andere) antilichamen tegen het HLA van het donorweefsel aanmaakten, maar geen afstotingsverschijnselen kregen.

Acute en latere (subklinische) antilichaamgemedieerde afstoting lijken hiermee, zeker in combinatie met de verschillen die de onderzoekers op microscopisch niveau in de nier zagen, twee echt verschillende processen te zijn. Dat betekent ook, dat wellicht niet elke getransplanteerde patiënt die antilichamen tegen het HLA van zijn donornier aanmaakt, even agressief behandeld hoeft te worden.

sterren Gepubliceerd: maandag 24-08-2015
Bron: Journal of the American Society of Nephrology | Nog geen reacties




Schiet mij maar lek

'Ben je niet bang Brenda?' Zijn vraag verrast mij. 'Bang? Waarvoor?' 'Nou, dat ik nu zo dicht bij mensen kom en dan eventueel iets mee naar huis neem.' Ik val even stil. Aan de andere kant van de lijn hoor ik het geruis van het asfalt duidelijker, nu hij even niets zegt. 'Tja… je doet wat je kunt, toch? Anderhalve meter buiten de auto, mondkapjes op in de auto, na de sessies alles laten doorluchten en desinfecteren. Wat kun je nog meer doen?' Ik kijk vanuit ons kantoor naar buiten en zie de takken en bladeren van de bomen zachtjes heen en weer wuiven. 'Misschien kun je als je thuiskomt even gaan douchen en je kleren buiten laten luchten? En ach, iemand met corona kan net zo goed langs mij heen lopen in de supermarkt en dan loop ik hetzelfde risico. Je weet hoe sommige mensen zijn tegenwoordig. En je moet toch weer een keer aan het werk.'

Het is een vreemde gewaarwording als we begin maart onze deuren moeten sluiten om corona het hoofd te bieden. Met zoveel tijd over, besluiten we lang uitgestelde klussen op te pakken, waaronder rommel opruimen. 'Ik kan de schuur bijna niet meer in. Als ik iets wil pakken, moet ik hem helemaal verbouwen' klaagt mijn man.

Lees meer »

Werken als dialyseverpleegkundige tijdens covid-19 »

Hoe is de situatie in het ziekenhuis waar u momenteel werkt?Ivon Lijten, dialyseverpleegkundige: 'Er is veel onderling veel contact met andere dialyseverpleegkundigen op verschillende locaties en het is opvallend dat er weinig nierpatiënten en weinig dialyseverpleegkundigen besmet zijn met het coronavirus. In het begin waren de patiënten angstig en onzeker, maar de rust is inmiddels teruggekeerd.

Lees meer »

Kunnen ouderen met minder medicatie toe?  »

Ouderen die een nieuwe nier krijgen hebben veel minder vaak een afstoting dan jonge mensen. Als ze de eerste drie maanden na de transplantatie geen afstoting hebben gehad, dan is de kans ook klein dat dat nog gaat gebeuren. Dat ouderen minder vaak een afstoting hebben komt waarschijnlijk vooral doordat hun immuunsysteem minder goed werkt. Ouderen krijgen echter doorgaans wel dezelfde hoeveelheid medicatie als jongere mensen.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier