Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

'Heb je de keus, kies dan voor oudere levende donor'

Door Merel Dercksen 

Klik voor vergroting

Onderzoeker drs. K.W.J. Klop

Het tekort aan nierdonoren zou deels opgevangen kunnen worden door meer oudere levende donoren. Maar herstellen zij wel net zo goed als jongeren? Nederlandse onderzoekers hebben een andere benadering dan gebruikelijk hiervoor gekozen. Zij stelden zich de vraag: voelen oudere donoren zich net zo snel hersteld na de operatie, als jongere? Het onverwachte antwoord luidt: nee, sneller. Eerste auteur Karel Klop (Erasmus MC): 'Als je de keus hebt uit een donor van 70 en een donor van 30, die allebei even geschikt zijn, kies dan de donor van 70'.

Zowel artsen en patiënten als potentiële nierdonoren zelf zijn erg voorzichtig met het inzetten van oudere donoren. Ouderen hebben vaker kleine kwaaltjes, en ze herstellen objectief gezien vaak minder snel dan mensen die enige tientallen jaren jonger zijn. Maar wat vinden de ouderen die een nier gedoneerd hebben zelf van het effect dat de ingreep op hun kwaliteit van leven heeft?

In het Erasmus MC worden veel nieren van levende donoren getransplanteerd, nu zo'n 150 per jaar. Hier zitten, vergeleken met andere centra, relatief veel oudere donoren tussen. Dat maakt deze populatie geschikt om oudere en jongere donoren met elkaar te vergelijken. De onderzoekers vroegen tussen mei 2001 en oktober 2010 aan 501 levende donoren om een vragenlijst in te vullen, de Short Form-36 questionnaire. Deze vragenlijst meet wat de respondent zelf ervaart aan bijvoorbeeld pijn en 'vitaliteit'. De donoren vulden de lijst in voor ze geopereerd werden, en 1, 3, 6 en 12 maanden erna. De onderzoeksgroep bestond uit 135 donoren van 60 jaar of ouder, en 366 jonger dan 60. Bijna allemaal vulden ze alle vragenlijsten in.

Zoals verwacht hadden de ouderen vaker last van kleine kwaaltjes of onvolkomenheden: ze waren vaker iets te dik, of hadden een licht verhoogde bloeddruk. Maar dat blijkt niet te betekenen dat ze zich minder snel hersteld voelen. Een maand na de operatie lag de score van de oudere donoren op de gebieden 'pijn', 'rolbeperkingen door fysieke gezondheidsproblemen' en 'vitaliteit' dichter bij hun antwoorden van voor de operatie, dan dat dat bij de jongere donoren het geval was. Ook na drie maanden voelden de oudere donoren zich beter hersteld, dan de jongere. Na een jaar voelden de jongere donoren zich wel wat beter hersteld op het gebied 'fysieke functie' dan de oudere.

Een verklaring voor het feit dat oudere donoren zich sneller weer op de been voelen, is er nog niet. Klop: 'Kwaliteit van leven is een subjectief begrip. We hebben er al wel met psychologen over gesproken, maar kunnen alleen nog speculeren over de redenen. Wat mee zou kunnen spelen, is dat er van ouderen minder snel weer van alles verwacht wordt, waardoor ze de tijd kunnen nemen om te herstellen en niet overvraagd worden. Misschien zijn ze ook wel beter dan jongere donoren in staat om alles in perspectief te plaatsen, en beïnvloedt pijn hun kwaliteit van leven minder.'

Oudere donoren herstellen relatief snel, concluderen de onderzoekers. Het vooruitzicht ook na de operatie een zeer goede kwaliteit van leven te hebben, kan individuele oudere potentiële donoren helpen overtuigen hun nier af te staan. Klop voegt daar aan toe: 'Dit overtuigt hopelijk ook artsen dat ze niet zo huiverig hoeven te zijn om ouderen die een nier willen afstaan als geschikt te beoordelen.'

sterren Gepubliceerd: maandag 26-08-2013
Bron: onderzoek: Transplantation | Nog geen reacties




Zeven vragen aan diëtist nierziekten Sophie Luderer

Waarom is uw werk zo’n mooi vak
Een dieet bij nierziekte is vaak complex. Het is een heel gepuzzel om nog een beetje met plezier te kunnen eten, áls je al eetlust hebt. Er moet rekening gehouden worden met veel verschillende voedingsstoffen. Soms zijn dit stoffen waar men nog nooit van gehoord heeft, die je niet proeft of herkent in je eten en die ook niet zijn terug te vinden op het etiket, maar die wèl levensbedreigend kunnen zijn. Goede dieetbegeleiding kan veel steun bieden en angst wegnemen. Het is erg mooi en dankbaar werk om iets te kunnen betekenen voor een ander op een moeilijk moment.

Wat maakt u het meest en het minst gelukkig in uw werk
Het meest: als ik merk dat patiënten zich prettiger gaan voelen en ik daaraan heb kunnen bijdragen. En het minst: op een dialyseafdeling vallen veel mensen weg door overlijden. Ik kan slecht omgaan met deze verliezen.

Lees meer »

Zeven vragen aan medewerker medische administratie Titia Mjambili »

Waarom is uw werk zo’n mooi vakIk werk graag met mensen en dat is het mooiste wat er is. Op de verpleegafdeling D4va zit ik bij de balie en ben dus eerste aanspreekpunt. Ik kan vragen beantwoorden, mensen wegwijs maken en alles rondom de opname van een patiënt regelen. Verder hebben wij een geweldig team van artsen, verpleegkundigen, voedingsassistenten en andere medewerkers.

Lees meer »

Zeven vragen aan internist-nefroloog Yvo Sijpkens »

Waarom is nefrologie zo’n mooi vakHet vak, inclusief nierziekten, hypertensie en elektrolytstoornissen, laat zich heel goed snappen vanuit de beschikbare kennis over (patho)fysiologie. Je hebt als nefroloog te maken met zowel jonge als oudere patiënten waarmee je als dokter een goede band kan opbouwen zonder een al te zware emotionele lading.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier