Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Tijdelijk geen doorbloeding bij niertransplantatie leidt tot chronische afstoting

Door Albert de Vreede 

Een traag op gang komende nier waarbij dialyse nodig is in de eerste week na transplantatie, is meestal het gevolg van schade door een tijdelijk gestopte doorbloeding. Het komt regelmatig voor, zeker nu het aantal non-heart-beating donoren toeneemt. Een traag op gang komende nier heeft een grotere kans op acute afstoting en heeft gemiddeld een kortere levensduur. Het wordt nu steeds meer onderkend dat de oorzaak een voortdurende ontsteking is, die vorming van bindweefsel in de nier en daarmee functieverlies veroorzaakt. Dit proces staat ook wel bekend als een chronische afstoting.

Onderzoekers uit Denver in de Verenigde Staten hebben bij muizen gekeken naar de ontwikkeling van antistoffen nadat de nieren verminderd doorbloed zijn geweest. Die muizen zijn geopereerd waarbij de bloedaanvoer naar beide nieren voor een korte tijd is onderbroken. De operatie en de tijdelijke onderbreking van de bloedaanvoer naar de nieren veroorzaakt een stijging van ureum in het bloed en ook een verlies van gewicht dat na drie dagen weer normaliseert. Nierschade blijft beperkt tot schade aan de nierbuisjes.

Om te kijken wat deze tijdelijke onderbreking van de bloedtoevoer doet met het afweersysteem hebben de onderzoekers na de operatie een eiwit ingespoten en onderzocht hoe de aanmaak van antistoffen tegen dat eiwit wordt beïnvloed. Het blijkt dat er bij de muizen waarvan de bloedaanvoer naar de nieren afgesloten is geweest veel meer antistoffen worden aangemaakt dan bij controlemuizen die wel zijn geopereerd maar waar de bloedaanvoer naar de nieren niet is afgeklemd. Dat effect is specifiek voor het ingespoten eiwit en wordt veroorzaakt doordat er meer B-cellen komen die die antistoffen maken. De aanmaak van meer antistoffen is afhankelijk van een andere klasse van cellen uit het afweersysteem, de T-cellen, en kan door calcineurineremmers zoals cyclosporine geremd worden. De aanmaak van meer antistoffen is niet op te wekken door de doorbloeding van maar een van de twee nieren te blokkeren. Er worden kennelijk alleen meer antistoffen gemaakt als de nieren flink beschadigd zijn en er een stijging van het ureum in het bloed plaatsvindt.

Om het mechanisme van de aanmaak van meer antistoffen na onderbroken doorbloeding van de nieren verder te onderzoeken, hebben de onderzoekers gebruik gemaakt van muizen die een wezenlijk onderdeel (factor B) van het complementsysteem missen. Zonder dit onderdeel van het complementsysteem blijkt de toename van antistoffen niet op te treden. Het complementsysteem werkt waarschijnlijk via de activatie van een bepaalde groep van T-cellen met behulp van het cytokine interleukine-10. Muizen die dit cytokine missen vertonen ook niet de verhoogde aanmaak van antistoffen na onderbroken doorbloeding van de nieren.

Als de resultaten van de experimenten in muizen naar mensen vertaald kunnen worden, zou dit kunnen betekenen dat een tijdelijk gestopte doorbloeding van een getransplanteerde nier aanleiding geeft tot een toename van de productie van antistoffen tegen die nier. Daardoor kan de nier sneller afgestoten worden en minder lang meegaan. Het mechanisme voor de productie van meer antistoffen lijkt gebruik te maken van het complementsysteem en interleukine-10. Als dit juist is, zijn er ook middelen beschikbaar of relatief gemakkelijk te ontwikkelen om de schade aan de getransplanteerde nier te voorkomen.

sterren Gepubliceerd: dinsdag 07-05-2013
Bron: Journal of the American Society of Nephrology | Nog geen reacties




Nederland voert internationale database aan in strijd tegen COVID-19 bij nierpatiënten

Europese artsen en onderzoekers, onder Nederlandse aanvoering, hebben een internationale database opgezet. Hierin verzamelen ze gegevens van dialysepatiënten en getransplanteerden die met COVID-19 besmet zijn. Het doel is deze patiënten beter te kunnen behandelen.

Nierpatiënten behoren tot de risicogroep in de huidige pandemie. Hierbinnen zijn dialysepatiënten en degenen die afweeronderdrukkende medicatie slikken extra kwetsbaar. Het risico dat een infectie bij hen fataal afloopt, is reëel. Dr. Ron Gansevoort: 'We willen nagaan wat de prognose is van dialyse- en transplantatiepatiënten die COVID-19 positief zijn. Bovendien willen we nagaan wat risicofactoren zijn voor overlijden, in de hoop daaraan te kunnen sleutelen op korte termijn, zodat we prognose gunstig kunnen beïnvloeden.'

Er bestaat al een database met Europese gegevens over niervervangende therapie: de ERA-EDTA Registry. ERA-EDTA is de Europese organisatie die zich bezighoudt met ontwikkeling van kennis, onderzoek en scholing op het gebied van nierziekten, en voor dat doel ook jaarlijks een van de grootste nefrologiecongressen ter wereld organiseert. Deze database wordt gecoördineerd vanuit Amsterdam. Maar de gegevens hieruit zijn niet te herleiden op individueel niveau, wat voor de huidige crisis wel nodig is.

Lees meer »

Het kan altijd erger »

'Wat gaan we doen?' De ochtendzon gluurt langs de zijkant van de gordijnen en verlicht de slaapkamer een beetje. Mijn man zucht. 'Tja' begint hij: 'anderhalve meter afstand houden lukt niet in de auto. Dat betekent dat ik moet stoppen met de traumabegeleidingen.' Ik draai mijn hoofd terug en staar naar de vensterbank. 'Dat heeft nogal wat consequenties' zeg ik somber. Hij knikt. 'Ik krijg nu al afmeldingen en verzoeken om begeleidingen tijdelijk te stoppen.' Ik zucht.

Lees meer »

Advies voor afweeronderdrukkers tijdens corona »

De richtlijncommissie van de Nederlandse Federatie voor Nefrologie (NFN) heeft een advies opgesteld voor de behandeilng met medicijnen van nier(transplantatie)patiënten tijdens de coronacrisis. De titel van het advies is 'Starten en aanpassen van immuunsuppressie voor nefrologische aandoeningen tijdens SARS-CoV2-epidemie'.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier