Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Tolvaptan remt groei cystenieren aanmerkelijk

Door Merel Dercksen 

Voor de nierziekte autosomaal dominante polycystische nierziekte (ADPKD), een erfelijke aandoening, bestaat nog geen geneesmiddel. Op dit moment lopen er verschillende onderzoeken naar een mogelijke remedie. Een van de middelen die getest worden is tolvaptan. Dit weekend zijn de resultaten van een van die studies naar tolvaptan gepubliceerd, met net als in eerdere gevallen veelbelovende resultaten.

Bij patiënten met ADPKD vormen zich met vocht gevulde holtes, cysten, in beide nieren. Op den duur komt het nierweefsel zodanig in de verdrukking dat de nierfunctie hieronder gaat lijden. Vaak worden patiënten zelfs afhankelijk van nierfunctievervangende therapie: dialyse of transplantatie. Cystenieren komen vergeleken met andere erfelijke nierziekten veel voor.

Tolvaptan is een middel dat vasopressine remt. Vasopressine, ook anti-diuretisch hormoon genoemd, is een middel dat ervoor zorgt dat je niet te veel water uitplast, het speelt een rol in de vochthuishouding. Bij mensen met cystenieren zorgt een hoge concentratie van dit hormoon waarschijnlijk ook voor een snellere groei van niercysten en daarmee voor een snellere achteruitgang van de nierfunctie. De inzet van tolvaptan is erop gericht vasopressine te remmen, in de hoop dat de patiënten minder vocht in de cysten vasthouden en de cysten minder snel groeien.

Volgens het recente onderzoek onder 1.445 patiënten, een driejarige fase-3 studie waaraan ook onderzoekers uit Groningen onder leiding van Ron Gansevoort hebben meegewerkt, groeide het totale niervolume van patiënten die tolvaptan kregen met 2,8% per jaar, en bij degenen die een placebo kregen met 5,5%. Ook ging de nierfunctie van de tolvaptangebruikers iets langzamer achteruit dan bij het placebo.

Die verschillen zijn interessant genoeg om tolvaptan verder te bestuderen. Het levert alleen wel bijwerkingen op die zodanig zijn dat meer deelnemers stopten, vergeleken met de placebogroep. Hierbij moet gedacht worden aan dorst en leverproblemen. De deelnemers aan deze studie hadden al een groot niervolume (750 ml of meer), maar nog wel een relatief goede nierfunctie.

sterren Gepubliceerd: maandag 05-11-2012
Bron: New England Journal of Medicine | Nog geen reacties




Schiet mij maar lek

'Ben je niet bang Brenda?' Zijn vraag verrast mij. 'Bang? Waarvoor?' 'Nou, dat ik nu zo dicht bij mensen kom en dan eventueel iets mee naar huis neem.' Ik val even stil. Aan de andere kant van de lijn hoor ik het geruis van het asfalt duidelijker, nu hij even niets zegt. 'Tja… je doet wat je kunt, toch? Anderhalve meter buiten de auto, mondkapjes op in de auto, na de sessies alles laten doorluchten en desinfecteren. Wat kun je nog meer doen?' Ik kijk vanuit ons kantoor naar buiten en zie de takken en bladeren van de bomen zachtjes heen en weer wuiven. 'Misschien kun je als je thuiskomt even gaan douchen en je kleren buiten laten luchten? En ach, iemand met corona kan net zo goed langs mij heen lopen in de supermarkt en dan loop ik hetzelfde risico. Je weet hoe sommige mensen zijn tegenwoordig. En je moet toch weer een keer aan het werk.'

Het is een vreemde gewaarwording als we begin maart onze deuren moeten sluiten om corona het hoofd te bieden. Met zoveel tijd over, besluiten we lang uitgestelde klussen op te pakken, waaronder rommel opruimen. 'Ik kan de schuur bijna niet meer in. Als ik iets wil pakken, moet ik hem helemaal verbouwen' klaagt mijn man.

Lees meer »

Het kan altijd erger »

'Wat gaan we doen?' De ochtendzon gluurt langs de zijkant van de gordijnen en verlicht de slaapkamer een beetje. Mijn man zucht. 'Tja' begint hij: 'anderhalve meter afstand houden lukt niet in de auto. Dat betekent dat ik moet stoppen met de traumabegeleidingen.' Ik draai mijn hoofd terug en staar naar de vensterbank. 'Dat heeft nogal wat consequenties' zeg ik somber. Hij knikt. 'Ik krijg nu al afmeldingen en verzoeken om begeleidingen tijdelijk te stoppen.' Ik zucht.

Lees meer »

K(r)ater »

Hé, wat is dat nou? Ik wrijf met mijn vinger wat foundation over mijn linker neusvleugel. In de spiegel zie ik een holletje in mijn huid waar de foundation niet in glijdt. Als ik er nog een keer overheen ga, is het weg. Ik besteed er verder geen aandacht aan. Tot de volgende dag, als het patroon zich herhaalt. Dan bekijk ik de plek heel precies. Vreemd, denk ik. Volgens mij is dit niet goed.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier