Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Onduidelijkheid rond hersendood en stellen van donatievraag

Door Jeroen van Setten 

Orgaandonatie heeft zich in de loop der jaren ontwikkeld tot een economisch verantwoorde, levensreddende therapie. Maar wel een die is ingehaald door zijn eigen succes. We hebben tegenwoordig te maken met een groeiend tekort aan organen.

'De dood geneest alle ziekten'. Zo begint Yorick de Groot zijn proefschrift Herkenning van orgaandonoren, praktische en ethische overwegingen. De promovendus pleit daarin onder meer voor een uniform gedefinieerde klinische indicatie van een potentiële orgaandonor.

De bestaande definitie van ernstig hersenletsel zou bijvoorbeeld moeten worden vervangen door nieuwe, effectievere, criteria. Ook zet De Groot vraagtekens bij de donatievraag die volgens hem te vaak in een te vroeg stadium aan de familie wordt voorgelegd. 

Die vraag zou pas na de diagnose van hersendood, in een afzonderlijk gesprek moeten worden gesteld. Het hele proces rond vaststelling van de hersendood zou volgens De Groot sowieso nog eens grondig onder de loep moeten worden genomen. Onder meer om het vertrouwen van nabestaanden van patiënten in dit systeem te vergroten. En daarmee hun bereidheid om in te stemmen met orgaandonatie.

Lees hier een uitgebreide samenvatting van het proefschrift.

sterren Gepubliceerd: maandag 12-03-2012 | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Paul Kentie, Alphen aan den Rijn
    03-04-2012 15:57

    Commentaar.
    Het stellen van de donatievraag is een lastig
    issue. Ik denk dat je die rond het overlijden
    van iemand die heel dicht bij je staat per
    definitie op het verkeerde moment stelt.
    Donatie is in mijn optiek geen ’doodsvraag’,
    maar een ’levensvraag’, één die iedereen al bij
    leven en vol verstand beantwoord moet hebben.
    Waarbij het antwoord iets zegt over waar jijzelf
    voor staat in het leven. En dus geen vraag die
    je moet doorschuiven aan nabestaanden. Nabestaanden die vervolgens jouw keus altijd moeten respecteren en niet moeten terugkrabbelen. Overigens ben ik er erg voor om de huidige donatieprocedure te veranderen in een geen bezwaar. Je blijft daarbij wel altijd zelf beslissen, maar je verandert de vraag van ’Waarom donor zijn?’ in ’Waarom niet?’ en dat levert een heel andere, veel interessantere en relevantere discussie met jezelf en anderen op...
    Paul Kentie




De maatschappelijk werker is er voor iedereen

In de eerste gesprekken die medisch maatschappelijk werker Laura Haasdijk met patiënten voert vragen mensen zich af waarom ze naar de maatschappelijk werker moeten. Het voelt alsof er iets met ze aan de hand is. Terwijl het maatschappelijk werk tot het standaard aanbod hoort bij een nierziekte, net zoals de diëtiste, verpleegkundige en de dokter. Onlangs hebben de maatschappelijk werkers die werkzaam zijn in de nefrologie hun visie op wat zij doen en hoe ze willen werken vastgelegd in de zogeheten kwaliteitsstandaarden. Deze zijn voor iedereen gratis te downloaden.

'Het kost altijd eventjes, misschien wel een paar gesprekjes, voordat mensen gaan ervaren wat maatschappelijk werk kan betekenen. Je hebt heel vaak een klein stukje weerstand te overwinnen,' vertelt Haasdijk. Zij werkt in het HagaZiekenhuis in Den Haag en is voorzitter van de Vereniging Maatschappelijk Werk Nefrologie. Haar werk is eigenlijk tweeledig, zo legt ze dat aan patiënten uit. Een nierziekte heeft heel veel invloed op je gewone leven. Een maatschappelijk werker kan je op weg helpen met praktische dingen, en ook psychosociale ondersteuning bieden.

Lees meer »

De regie over je leven krijgen kan je leren »

De regie over je leven met een chronische ziekte krijgen, dat kan je leren. Zelfmanagement is het toverwoord.

Lees meer »

Andreas Vesalius en zijn fascinatie voor de nier »

In de 16e eeuw was de medische wetenschap nog steeds gebaseerd op de wijsheid van de klassieke oudheid. Wetenschappers uit dit verre verleden bepaalden nog altijd hoe er over het menselijk lichaam werd gedacht. Ruim 2000 jaar lang waren de bevindingen van Aristoteles over de medische wetenschap onbetwist. Hoewel Aristoteles en later zijn volgeling Galenus (Grieks/Romeins arts 129-199 n.Chr.

Lees meer »







NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.
Ons Pricaystatement vindt u hier