Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Leefstijltraining wellicht standaard na transplantatie

Door Jeroen van Setten 

Vijftig transplantatiepatiënten, die zes tot twaalf maanden geleden een  nier, long of lever kregen in het UMC Groningen, gaan gedurende een week een leefstijlprogramma volgen in revalidatiecentrum Beatrixoord. Tijdens die week worden fysieke testen afgenomen en wordt de levensstijl van de deelnemers onder de loep genomen. De bedoeling is dat ze naar huis gaan met nieuwe kennis over een gezonde leefstijl en hoe zij deze kunnen toepassen in hun dagelijks leven. Ook krijgen ze een individueel afgestemd beweeg- en trainingsprogramma dat ze kunnen voortzetten onder begeleiding van een fysiotherapeut.

De levensverwachting van patiënten na transplantatie stijgt. Getransplanteerden worden steeds ouder met hun donororgaan, maar kunnen te maken krijgen met secundaire gezondheidsproblemen. Fysieke zaken als overgewicht, diabetes, botontkalking en huidafwijkingen door langdurig gebruik van medicatie, maar ook psychologische problemen. Voldoende beweging, gezonde voeding en psychosociale ondersteuning zijn volgens het UMCG  belangrijk om deze gezondheidsproblemen te voorkomen.

'De behoefte aan leefstijlbegeleiding bij transplantatiepatiënten is groot', stelt Edwin van Adrichem, onderzoeker en fysiotherapeut in het UMCG. 'Patiënten blijven na transplantatie vaak hangen in hun oude beweegpatronen en worden vaak zwaarder. Ook vinden ze het moeilijk om de grenzen op te zoeken tijdens het trainen. Dat is logisch, want voor de transplantatie waren zij noodgedwongen vaak een lange periode inactief en daarom weten ze nu niet goed wat ze mogen doen. Ook op het gebied van voeding leven veel vragen en daarnaast speelt soms ook de angst om het donororgaan te verliezen.'

Het leefstijlprogramma dat de deelnemers volgen in groepjes van vier, is gericht op beweging, voeding en psychosociale ondersteuning. Gedurende de week in het centrum worden op basis van de testgegevens individuele trainingsprogramma's onder intensieve begeleiding opgesteld, uitgeprobeerd en bijgesteld. Behalve deze trainingsmomenten zijn er ook activiteiten als zwemmen, wandelen en fietsen en verschillende workshops en voorlichtingsmomenten, bijvoorbeeld over voeding en medicatie. Het leefstijlprogramma is ontwikkeld door het Transplantatiecentrum en het Centrum voor Revalidatie van het UMCG.

De deelnemers komen een half jaar na het volgen van het programma opnieuw naar Beatrixoord om te meten hoe ze ervoor staan. Dat levert niet alleen waardevolle informatie voor de deelnemers op, maar ook voor de behandelaars. De gegevens zullen worden gebruikt om de toegevoegde waarde van het programma te laten zien aan zorgverzekeraars. Daarmee zou het een standaard onderdeel van de zorg na transplantatie moeten worden. De verwachting is dat begin 2018 alle gegevens verzameld zijn.

sterren Gepubliceerd: woensdag 10-05-2017 | Reacties (3)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • Bart, Urmond
    16-05-2017 10:25

    Het zou eens tijd worden.
    Het is toch al heel erg lang bekend dat getransplanteerden, zeker na een lange dialyse periode, moeite hebben met hun nieuwe leven. Door het niet los kunnen laten van het dieet ontstaat vaak overgewicht, vaak ook diabetes dat ook niet helpt.
    Ik was best een jonge redelijke fitte man (voor een nierpatiënt met dialyse), maar het heeft me een jaar gekost na de transplantatie om bewegen aan te durven, en nog weet ik niet zeker of ik niet meer zou kunnen dan ik nu doe.

  • Monique, Nijverdal
    13-05-2017 19:32

    Sowieso begeleiding in sporten voor getransplanteerden zou standaard moeten zijn. iig het eerste jaar. Dan weet je wat mag/en kan. Een goede start is t halve werk!

  • christa
    12-05-2017 13:15

    Een heel goed idee, zelf heb ik dit erg gemist en
    heb dit allemaal zelf moeten regelen.
    Was in mijn geval beslist geen overbodige luxe,
    ook mede getransplanteerde vrienden misten begeleiding na transplantatie




Onderzoeksdeelnemers met cystenieren vooraf indelen voor meer effect

Amerikaanse onderzoekers hebben een methode ontwikkeld om patiënten met erfelijke cystenieren in te delen naar ernst, op basis van beeldvormend onderzoek. Ze hebben deze methode getest op een groep patiënten uit een ander onderzoek. De indeling blijkt het mogelijk te maken die patiënten te selecteren bij wie de aandoening het snelst verergert, en bij wie daardoor ook het grootste effect van de onderzochte ingreep te zien is. Zo kan een effectievere selectie van onderzoeksdeelnemers gemaakt worden.

Patiënten met dominant overervende cystenieren (ADPKD) kunnen een heel verschillend ziekteverloop hebben. Als degenen bij wie de nierfunctie langzaam daalt meedoen aan een onderzoek, is het effect van de onderzochte ingreep bij hen minder goed zichtbaar dan bij degenen van wie de nierfunctie zonder ingreep snel daalt. Daardoor kan het zijn dat er in een grote groep gemengde deelnemers geen significant effect gevonden wordt, terwijl dat er voor een subgroep wel is. Klinische trials kunnen daarom effectiever zijn als er voor deelname patiënten geselecteerd worden van wie de verwachting is dat hun aandoening sneller verslechtert.

Lees meer »

Opschonen medicatie bij hemodialyse kan wel »

Met het klimmen der jaren krijgen chronisch zieken vaak steeds meer medicijnen te slikken. Meer dan 25 pillen per dag is geen uitzondering. Sommige van die pillen helpen niet, terwijl andere zelfs schadelijk zijn. Op basis van dit idee ontstond vijftien jaar geleden een 'deprescribing' trend: gecontroleerd en verantwoord stoppen met bepaalde medicijnen. Uit Canadees onderzoek blijkt nu dat 'deprescribing' ook zin heeft bij hemodialysepatiënten.

Lees meer »

Verband zwaarlijvigheid en nierziekten lijkt aangetoond »

De obesitasepidemie die de Westerse wereld teistert, speelt waarschijnlijk een rol bij de toename van het aantal patiënten met ernstig nierfalen in de afgelopen twintig jaar. Dat betoogt Holly Kramer, arts en universitair docent, gespecialiseerd in nierziektes en obesitas, in het Loyola University Medical Center in Maryland, de Verenigde Staten. In een overzichtsartikel in het tijdschrift American Journal of Kidney Diseases zet zij het wetenschappelijk bewijs daarvoor op een rijtje.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.