Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Lees voor | Reageer | Verstuur | Druk af   

Te weinig kalium niet directe oorzaak nierfunctieverlies

Door Merel Dercksen 

Nierproblemen bij een kaliumtekort lijken, anders dan gedacht, niet direct het gevolg te zijn van dat kaliumverlies, schrijven Britse en Franse onderzoekers. Vooral als er ook een verlies van natrium en water optreedt en een hormoonspiegel verstoord raakt, gaan de nieren namelijk achteruit.

Bij mensen met een chronisch overmatig kaliumverlies worden regelmatig nierproblemen gezien. Er ontstaan fibrose en andere afwijkingen in de nier, die tot gevolg hebben dat de nierfunctie afneemt. Wat de oorzaak van het kaliumverlies is, is daarbij van klein belang. Het treedt zowel op bij patiŽnten met een genetische aandoening waarbij de bijnieren te veel aldosteron produceren, als bij mensen die chronische diarree hebben, veel laxeermiddelen gebruiken of een eetstoornis hebben. Deze vorm van nierfalen heet, naar het kaliumtekort waarbij het voorkomt, hypokalemische nefropathie.

Het wordt ook gezien bij patiŽnten met twee verschillende genetische nierziekten waarbij kaliumverlies optreedt. Bij de ziekte van Bartter gaat een ernstig kaliumtekort samen met verlies van water en natrium en hebben relatief meer patiŽnten last van hypokalemische nefropathie. Bij het syndroom van Gitelman daarentegen, waarbij even ernstige kaliumverliezen kenmerkend zijn maar het natriumverlies meevalt, worden deze nierproblemen veel minder gezien.

Britse en Franse artsen veronderstelden dat hypokalemische nefropathie niet direct en alleen het gevolg is van het tekort aan kalium, maar van continue te hoge spiegels van het bijnierschorshormoon aldosteron, en mogelijk verergerd wordt door periodes van verminderde doorstroming van de nieren die daar bovenop komen. Aldosteron speelt een belangrijke rol in de regulatie van de kalium- en natriumspiegels in het bloed.

De onderzoekers doorzochten Europese databases om gegevens over de urine en het bloed van patiŽnten met de syyndromen van Bartter en Gitelman te vergelijken. Ze zagen dat patiŽnten met Gitelman vaak een lagere kaliumconcetratie in hun bloed hadden, maar dat juist de patiŽnten met Bartter een hogere creatininespiegel en een lagere filtratiesnelheid van de nieren hadden. Zoals verwacht hadden deze laatste patiŽnten ook een hogere natriumuitscheiding, en ook meer plasma-renineactiviteit en aldosteronspiegels.

De onderzoekers concluderen dat bij een genetisch bevestigd syndroom van Bartter of Gitelman de ernst van het kaliumtekort (als maat voor het chronische verlies) geen verband vertoont met de nierfunctie, zoals uitgedrukt door de filtratiesnelheid. Voortdurend verlies van water en natrium, en als gevolg daarvan een te hoge aldosteronspiegel, zijn mogelijk belangrijker bij het ontstaan van hypokalemische nefropathie.

sterren Gepubliceerd: dinsdag 28-06-2011
Bron: QJM | Nog geen reacties


Geluidssonde waarschuwt voor verminderde doorbloeding nier

Er gaan nog te veel donornieren verloren omdat ze na transplantatie niet goed doorbloed raken. Een nieuw type sonde kan daar hopelijk verandering in brengen. Deze 'implanteerbare Doppler' sonde wordt tijdens de transplantatie om de nierslagader heen aangebracht, en meet gedurende een week of de nieuwe nier voldoende bloed krijgt. Door de waardes die de sonde doorgeeft in de gaten te houden, kunnen behandelaars veel sneller dan met traditionele methoden reageren op verminderde bloeddoorstroming. Hierdoor hoeven minder donornieren na transplantatie te worden afgeschreven.

De sonde maakt gebruik van het Dopplereffect. Een kleine speaker in de sonde stuurt ultrahoge geluidsgolven de nierslagader in. Cellen in het bloed kaatsen deze golven terug, en een microfoontje in de sonde vangt de geluidsgolven op. Bewegende bloedcellen kaatsen de geluidsgolven echter terug met een iets andere frequentie, een andere toonhoogte. Dit is het Dopplereffect (het standaard voorbeeld van het Dopplereffect is een voorbijrijdende trein: zodra die passeert klinkt het geluid van de trein lager). Stilstaand bloed verandert de frequentie echter niet, en zo kan dus worden gemeten of het bloed wel stroomt.

Lees meer »

EPO bevordert functie van donornier na transplantatie »

Door ontvangers van donornieren te behandelen met een variant van erythropoëtine (EPO) treedt er na plaatsing van een donornier van een overleden donor mogelijk minder ontsteking op, is er minder structurele schade en werkt de nieuwe nier beter. Dat ontdekte Geert van Rijt. Hij onderzocht in zijn promotieonderzoek drie manieren om de uitkomsten na een niertransplantatie te verbeteren. Van die drie bleek behandeling met een EPO-variant de beste.

Lees meer »

Transplantatie-patiŽnten worden te weinig gevaccineerd »

In een willekeurig Amerikaans ziekenhuis blijken patiënten die kort voor een niertransplantatie staan, maar matig gevaccinneerd te zijn. De protocollen ten spijt. Dat schrijft Healio op basis van een posterpresentatie door Ankit Parikh, MD, Drexel University College of Medicine, Philadelphia.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.