In de VS is een discussie losgebarsten over het gebruik van donororganen van patiënten die een niet verklaarde neurologische aandoening hadden. Twee patiënten die een nier van zo'n donor hebben ontvangen, blijken nu een zeer zeldzame, meestal dodelijke, infectie meegetransplanteerd te hebben gekregen.
Twee mensen hebben in het Mississippi universiteitsziekenhuis de nieren ontvangen van een jongetje en zijn daarna ernstig ziek geworden. Toen pas kwamen de betrokken artsen erachter dat de epileptische aanvallen en afwijkingen in de hersenen waar het kind aan leed niet het gevolg waren van een niet-overdraagbare auto-immuunziekte, maar van een zeldzame infectie met een amoebe.
De (medische) autoriteiten bekijken nu of de regels voor het gebruiken van organen voor transplantatie als de donor leed aan een onverklaarde neurologische aandoening, aangescherpt moeten worden. Op dit moment mag elk ziekenhuis zelf bepalen of zo'n donor geschikt is. Maar het voorval in het Mississippi Ziekenhuis heeft het United Network for Organ Sharing, ertoe gebracht om landelijk uit te gaan zoeken hoe vaak deze patiënten na hun dood donor worden, zegt dr. Michael Ison, die bij deze organisatie betrokken is als adviseur 'overdracht van infectieziekten'.
Volgens dr. Shirley Schlessinger, transplantatienefroloog in het betreffende ziekenhuis, hadden ze nog extra tests uitgevoerd om de nieren te controleren en leek er niets mee aan de hand. 'Dit zal op nationaal niveau besproken worden, om te kijken of het systeem veiliger kan. Maar ik denk dat we niet alle mensen van wie we niet helemaal zeker zijn moeten afwijzen als donor. Want er zullen altijd aandoeningen blijven die niet te achterhalen zijn.'
In de VS wordt volgens cijfers sinds 2005 bij een procent van de transplantaties met organen van overleden donoren een ziekte overgedragen aan de ontvanger. Die aantallen stijgen, maar dat komt waarschijnlijk doordat de bekendheid van het meldpunt hiervoor toeneemt. Ziektes die meegetransplanteerd zijn in de afgelopen jaren zijn bijvoorbeeld hondsdolheid, tuberculose en sommige vormen van kanker. De ontvangers zijn extra kwetsbaar, omdat zij medicijnen slikken die hun immuunsysteem onderdrukken. Opvallend genoeg zijn de mensen die de lever en hart van het jongetje gekregen hebben, niet ziek geworden.