Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Minder ammonium is signaal voor ontstaan acidose

Door Merel Dercksen 

Sommige patiënten met nierschade hebben wellicht al baat bij een behandeling die de zuurgraad van het bloed verlaagt, voordat er merkbaar sprake is van verzuring, denken onderzoekers uit Salt Lake City. Zij vonden namelijk een verband tussen een verminderde uitscheiding van ammonium, een verzurende stof, en een verhoogd risico op volledig nierfalen of overlijden.

Ammonium is een stof die ontstaat bij het verteren van eiwitten. De nieren zorgen ervoor dat ons lichaam het ammonium weer uitscheidt. Maar bij een verminderde nierfunctie lukt dat onvoldoende en stijgt de concentratie ammonium in het bloed. Dit is een van de redenen dat het bloed van nierpatiënten verzuurt: ammonium is zwak zuur en het bloed is onder normale omstandigheden licht basisch.

Maar het lichaam heeft een goed werkend buffersysteem, het CO2-waterstofcarbonaat-systeem. Dit buffersysteem zorgt ervoor dat beperkte schommelingen in de zuurgraad van het bloed opgevangen kunnen worden. Daardoor kan het dat soms de uitscheiding van ammonium al verminderd is, maar er nog geen veranderingen in de zuurgraad van het bloed gemeten worden.

Verzuring van het bloed, acidose, is een gevolg van nierschade, maar er is ook aangetoond dat de nieren van patiënten met ergere acidose, sneller achteruitgaan. De verzuring kan verminderd worden met bijvoorbeeld natriumbicarbonaat. Hiermee help je de natuurlijke buffer van het CO2-waterstofcarbonaat-systeem een handje en verschuif je die naar een meer gewenst evenwicht.

Onderzoekers van de University of Utah, Salt Lake City, hebben bij 1044 deelnemers aan de African American Study of Kidney Disease and Hypertension bepaald of er een verband was tussen de hoeveelheid ammonium die zij uitscheidden en het risico op noodzaak tot dialyse of overlijden dat zij in de loop van de studie bleken te lopen. De onderzoekers hebben de metingen gecorrigeerd voor een heleboel factoren, waaronder de eiwitinname. Vervolgens hebben zij de deelnemers in drie even grote groepen verdeeld, op grond van de relatieve uitscheiding van ammonium.

Toen bleek dat de deelnemers die in de groep vielen met de laagste ammoniumuitscheiding, bijna anderhalf keer zoveel risico liepen op volledig nierfunctieverlies of overlijden tijdens de studieduur als de groep met de hoogste uitscheiding. Ook onder deelnemers bij wie nog geen acidose van het bloed te zien was, maar wel een verschil in ammoniumuitscheiding, zagen de onderzoekers dit patroon. Bij de deelnemers met de laagste ammoniumuitscheiding was een jaar na het starten van de studie ten slotte ook vaker sprake van acidose.

De onderzoekers concluderen dat een lage ammoniumuitscheiding gepaard gaat met een verhoogde sterfte en meer volledig nierfalen, in elk geval bij mensen met nierschade door hoge bloeddruk. Dat geldt ook voor degenen bij wie het bloed (nog) niet verzuurd is. De onderzoekers denken ook dat dit een manier is om patiënten op te sporen die mogelijk al baat hebben bij behandeling met bicarbonaat, nog voordat er acidose ontstaat.

sterren Gepubliceerd: dinsdag 18-04-2017
Bron: Journal of the American Society of Nephrology | Nog geen reacties




Onderzoeksdeelnemers met cystenieren vooraf indelen voor meer effect

Amerikaanse onderzoekers hebben een methode ontwikkeld om patiënten met erfelijke cystenieren in te delen naar ernst, op basis van beeldvormend onderzoek. Ze hebben deze methode getest op een groep patiënten uit een ander onderzoek. De indeling blijkt het mogelijk te maken die patiënten te selecteren bij wie de aandoening het snelst verergert, en bij wie daardoor ook het grootste effect van de onderzochte ingreep te zien is. Zo kan een effectievere selectie van onderzoeksdeelnemers gemaakt worden.

Patiënten met dominant overervende cystenieren (ADPKD) kunnen een heel verschillend ziekteverloop hebben. Als degenen bij wie de nierfunctie langzaam daalt meedoen aan een onderzoek, is het effect van de onderzochte ingreep bij hen minder goed zichtbaar dan bij degenen van wie de nierfunctie zonder ingreep snel daalt. Daardoor kan het zijn dat er in een grote groep gemengde deelnemers geen significant effect gevonden wordt, terwijl dat er voor een subgroep wel is. Klinische trials kunnen daarom effectiever zijn als er voor deelname patiënten geselecteerd worden van wie de verwachting is dat hun aandoening sneller verslechtert.

Lees meer »

Opschonen medicatie bij hemodialyse kan wel »

Met het klimmen der jaren krijgen chronisch zieken vaak steeds meer medicijnen te slikken. Meer dan 25 pillen per dag is geen uitzondering. Sommige van die pillen helpen niet, terwijl andere zelfs schadelijk zijn. Op basis van dit idee ontstond vijftien jaar geleden een 'deprescribing' trend: gecontroleerd en verantwoord stoppen met bepaalde medicijnen. Uit Canadees onderzoek blijkt nu dat 'deprescribing' ook zin heeft bij hemodialysepatiënten.

Lees meer »

Verband zwaarlijvigheid en nierziekten lijkt aangetoond »

De obesitasepidemie die de Westerse wereld teistert, speelt waarschijnlijk een rol bij de toename van het aantal patiënten met ernstig nierfalen in de afgelopen twintig jaar. Dat betoogt Holly Kramer, arts en universitair docent, gespecialiseerd in nierziektes en obesitas, in het Loyola University Medical Center in Maryland, de Verenigde Staten. In een overzichtsartikel in het tijdschrift American Journal of Kidney Diseases zet zij het wetenschappelijk bewijs daarvoor op een rijtje.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.