PD-vloeistof met minder glucose beter voor diabetici
Door Merel Dercksen
en Jeroen van Setten
Uit twee grote internationale multicenter onderzoeken blijkt dat peritoneaal dialyse (PD) met een vloeistof met minder glucose gunstig is voor diabetici. Er zijn niet alleen positieve effecten op het bloedsuikergehalte, maar ook op cholesterol en op andere vetten in het bloed. De gecombineerde resultaten werden vorige week gepresenteerd op het 49ste ERA-EDTA congres in Parijs.
Sinds de start van peritoneaal dialyse is glucose de hoeksteen geweest van het osmotisch proces dat ervoor zorgt dat vocht en zout zich vanuit het lichaam, door het buikvlies, naar de dialysevloeistof verplaatsen. Het ligt voor de hand dat het verlagen van het glucosegehalte van de vloeistof dus nadelen heeft. Maar uit het onderzoek blijkt dat die nadelen niet opwegen tegen de voordelen voor de patiënt, zegt dr. Peter Rutherford, medisch directeur van Baxter Europe. Baxter is op dit moment het enige bedrijf dat de gebruikte combinatie van vloeistoffen kan leveren en is daarom zeer ingenomen met de resultaten van de onderzoeken IMPENDIA en EDEN. Volgens Rutherford is peritoneaal dialyse een nog steeds onderschatte techniek. 'Veel meer mensen zouden geholpen kunnen worden met PD', zegt hij.
De IMPENDIA en EDEN studies zijn gerandomiseerde gecontroleerde studies onder 251 volwassen PD-patiënten in 55 centra in 11 landen op vier continenten. Ze evalueren de effecten van een laag-glucose PD-regime op metabole factoren over een periode van zes maanden.
In beide onderzoeken samen werden gerandomiseerd 124 patiënten op een laag-glucose PD behandeld. Ze gebruikten daarbij 's nachts EXTRANEAL (icodextrine 7,5%), en deden overdag één wisseling met NUTRINEAL (PD4 1,1% aminozuren), een andere dialysevloeistof zonder glucose. Deelnemers aan IMPENDIA gebruikten voor de overige wisselingen overdag als glucosehoudende vloeistof PHYSIONEAL en deelnemers aan EDEN gebruikten DIANEAL. Een controlegroep van 127 patiënten gebruikte alleen DIANEAL en had dus de hele dag glucosehoudende dialysevloeistof in de buikholte. Het verschil tussen beide studies, PHYSIONEAL of DIANEAL, is het gevolg van de importbeperkingen die in Colombia gelden, waar alle deelnemers aan EDEN woonden.
De resultaten toonden een statistisch significante vermindering van het HbA1c in de interventiegroep van 0,5 procent: van 7,7 naar 7,2% (61 mmol/mol naar 55 mmol/mol). Het HbA1c bleef ongewijzigd in de controlegroep. HbA1c is de standaardmarker voor de beoordeling van de bloedsuikerregulatie bij patiënten met diabetes. Het geeft weer hoe hoog de bloedsuikerspiegel gemiddeld is geweest in de weken voorafgaand aan de meting. Desgevraagd meldt IMPENDIA hoofdonderzoeker Joanne Bargman, hoogleraar Nefrologie aan de Universiteit van Toronto, dat de patiënten in de interventiegroep zeiden ook nog eens minder medicijnen te gebruiken om hun bloedsuikerspiegel onder controle te houden, maar dit is verder niet gemonitord. In de studies werden bij een laag-glucose PD-regime ook significante reducties gezien van bepaalde lipideparameters waaronder serum triglyceriden (0,7mmol/l daling), VLDL-cholesterol (0,3mmol/l afname) en apolipoproteïne B (een eiwit dat LDL oftewel slecht cholesterol, helpt in het bloed).
Volgens Bargman is niet exact te zeggen wat de klinische effecten van deze verschillen zijn, maar ze gaat ervan uit dat er wel degelijk voordelen voor de patiënt zijn om minder glucose op te nemen. In de zes maanden die de studies duurden waren er in tegenstelling hiermee wat meer bijwerkingen in de interventiegroep en overleden daar juist ook meer mensen. Bij nader inzien blijken vrijwel alle sterfgevallen toe te schrijven aan twee van de centra in Colombia waar deelnemers aan de EDEN-studie onder behandeling waren. Waarschijnlijk is hier iets anders aan de hand geweest, wat niets met de studie te maken had.
'Een laag-glucose voorschrift dient te worden overwogen bij het managen van diabetespatiënten die peritoneale dialyse ondergaan', zegt Bargman. 'De gegevens tonen aan dat een laag glucose PD-schema nuttig kan zijn bij het onder controle houden van glucose en lipiden bij diabete PD-patiënten.'
Op dit moment zijn er wereldwijd meer dan 346 miljoen mensen met diabetes. Binnen deze groep zal ongeveer 30 procent van de patiënten met type 1 diabetes (jeugddiabetes) en 10 tot 40 procent van de mensen met type 2 diabetes (ouderdomsdiabetes) uiteindelijk lijden aan nierfalen. Diabetes is de oorzaak van 25 tot 50 procent van alle nieuwe gevallen van terminale nierinsufficiëntie in de ontwikkelde landen. Omdat het om zoveel mensen gaat, verwachten de onderzoekers dat hun resultaten een aanmerkelijke invloed kunnen hebben op de behandeling van nierfalen.
|
Grootste Europese nefrologiecongres voor 50ste keer van start
Gisteren ging het ERA-EDTA-congres in Istanbul van start. Het congres van de European Renal Association - European Dialysis and Transplant Association is na dat van de American Society of Nephrology het grootste jaarlijkse nefrologiecongres ter wereld. Dit jaar vindt het voor de vijftigste keer plaats.
De jubileumeditie heeft onderdak gekregen in Istanbul. De ruim 8.000 deelnemers geven een flinke economische impuls aan de stad, maar de Turkse leden van het organisatiecomité hopen vooral op meer bekendheid. In Turkije heeft, volgens een onderzoek dat is uitgevoerd door de Turkse federatie van nefrologen, 15,7% van de bevolking een vorm van nierschade.
Routinematig werk?
Volgens Wikipedia is routine 1) een reeks handelingen die, vaak zonder te hoeven nadenken, kan worden verricht door een verkregen vaardigheid. 2) Telkens terugkerende bezigheden. Ik werk als verpleegkundige op een dialyseafdeling en ik kreeg afgelopen week de vraag van een patiënt of ik mijn werk niet saai vond. Ik moest even nadenken over mijn antwoord.
Steeds meer Britse altruïstische donoren
Het aantal altruïstische donoren in het Verenigd Koninkrijk is het afgelopen jaar bijna verdrievoudigd, meldt de BBC. Dat waren vrijwel allemaal nierdonoren. De Human Tissue Authority (HTA) keurde 104 orgaandonaties bij leven aan een onbekende goed in het seizoen 2012-13, vergeleken met 38 in het jaar ervoor. Onder die 104 altruïstische donoren zat 1 persoon die een deel van zijn lever weggaf, de rest doneerde een nier. In totaal vonden er in deze periode ruim 1.



Gepubliceerd: woensdag 30-05-2012 | 



NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel