Dialyse kan uitkomst bieden als plaspillen zwak hart niet meer helpen
Door Albert de Vreede
Patiënten met een ernstig verzwakte hartfunctie en met bovendien een verminderde nierfunctie houden vaak veel vocht vast. Bij deze patiënten lukt het vaak ook niet meer om met plaspillen vocht kwijt te raken. Veel vocht gaat ook in de longen zitten en zorgt er voor dat mensen het erg benauwd kunnen krijgen. Het hart wordt door het vele vocht weer extra belast en gaat slechter werken. Het is moeilijk om deze patiënten een goede behandeling te geven. Dialyse kan helpen om vocht te verwijderen en kan er mogelijk voor zorgen dat deze ernstig zieke patiënten langer overleven met een betere kwaliteit.
Uit een eerder onderzoek van dr. Trijntje Cnossen (Universiteit Maastricht en collega's is gebleken dat buikvliesdialyse het aantal ziekenhuisopnames voor hart- en vaatziekten bij deze patiënten kan verminderen. In dat onderzoek is achteraf (retrospectief) gekeken naar de gegevens van de patiënten.
Nu hebben zij een onderzoek gedaan, waarbij drieëntwintig patiënten met chronisch hartfalen en sterk verminderde nierfunctie zijn behandeld met dialyse. Vocht afdrijven met behulp van een hoge dosis plaspillen lukte niet meer. Bij veertien patiënten moest vocht acuut verwijderd worden en is gestart met hemodialyse. De meeste van deze mensen hebben blijvend voor hemodialyse gekozen. Uiteindelijk deden elf mensen hemodialyse en twaalf buikvliesdialyse. Bij de meeste patiënten lukte het om door dialyse een betere hartfunctie te krijgen. De kwaliteit van leven van de patiënten werd ook wel wat beter.
Na dialyse is het aantal ziekenhuisopnames voor hart- en vaatziekten afgenomen, maar niet voor overige complicaties. Er zijn relatief veel ziekenhuisopnames geweest die veroorzaakt zijn door de dialyse. Het gaat daarbij om het plaatsen van een shunt, een verstopte shunt, lekken van een buikvlieskatheter, buikvliesontsteking en dergelijke.
In de onderzochte patiënten is het niet mogelijk geweest om een factor te ontdekken die kan voorspellen wie er een grotere kans heeft om langer te overleven en wie niet.
Het lijkt erop dat dialyse het functioneren van het hart kan verbeteren, omdat er minder vocht rondgepompt hoeft te worden. Dat het hart zelf er echt beter van wordt, is niet waarschijnlijk. Verder onderzoek is nodig om precies te weten bij welke patiënten dialyse wel en bij welke patiënten niet kan helpen.
|
Immuungemedieerde nierschade door HIV vaker bij Afrikanen
Patiënten die geïnfecteerd zijn met het HIV-virus, lopen het risico op HIV-gerelateerde nierproblemen. Veel HIV-patiënten krijgen te maken met HIVAN (HIV-associated nephropathy) of HIVICK (HIV-associated Immuno Complex Kidney disease). Daar waar over HIVAN inmiddels vrij veel bekend is, is over HIVICK nog veel onduidelijk. Artsen van de Johns Hopkins universiteit in Baltimore (VS) proberen daar nu meer klaarheid in te scheppen.
HIVAN en HIVICK hebben gemeen dat in beide ziektes de glomeruli in de nieren worden aangetast. Bij HIVAN is dat echter direct gevolg van de HIV-infectie, terwijl bij HIVICK verbindingen van antilichamen van het immuunsysteem (immuuncomplexen) in de glomeruli neerslaan en die blokkeren. Het doel van het onderzoek was te bepalen welke HIV-patiënten een verhoogd risico lopen op HIVICK. De artsen deden dat door, gedurende bijna 15 jaar, 751 HIV-patiënten te volgen.
Trage start nieuwe nier gevaarlijker voor ouderen
Hoe ouder de ontvanger van een postmortale nier is, hoe groter de kans dat hij het niet overleefd wanneer de nier niet meteen werkt. Jonge getransplanteerden kunnen zo'n opstartfase meestal wel overbruggen. Er bestaat een verband tussen het vertraagd op gang komen van een pas getransplanteerde nier, en het overlijden van de getransplanteerde patiënt in de eerste maanden na transplantatie. Dr.
PEG als laxeermiddel kan acute nierschade veroorzaken
Hoewel het nog niet algemeen onderkend wordt, geeft ook het voorkeursmiddel bij laxeren voorafgaand aan een darmonderzoek risico op nierproblemen, schrijven Koreaanse onderzoekers. Dit middel geniet juist de voorkeur, omdat andere, eerder meer gebruikte middelen, onomkeerbare nierschade tot gevolg kunnen hebben. De onderzoekers denken wel dat de nierschade door het voorkeursmiddel meestal tijdelijk is, en vaak te voorkomen door voldoende vocht toe te dienen.

Gepubliceerd: vrijdag 27-04-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel