Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

TransplantatiepatiŽnten moeten meer groente eten

Door Shanty Sterke 

Je leefstijl veranderen is moeilijk. Maar welke hindernissen komen niertransplantatiepatiënten tegen als ze gezonder willen gaan eten? En wat maakt het makkelijker voor ze om het eetpatroon te veranderen? Daar doet Karin Boslooper, arts-onderzoeker, onderzoek naar aan het Universitair Medisch Centrum Groningen. Zij kijkt naar voeding na een niertransplantatie en met name wat ervoor nodig is om de voedingszorg ook beter te laten aansluiten op de behoeftes van de patiënt.

'Voor een transplantatie hebben patiënten met eindstadium nierfalen soms een dieet met heel veel beperkingen. Zoals een kaliumbeperking en een eiwitbeperking en eigenlijk is dat helemaal geen gezond dieet. Wanneer ze succesvol getransplanteerd zijn, komen die beperkingen te vervallen. Dan is het de bedoeling dat ze weer een grotendeels normaal eetpatroon oppakken. Maar we weten eigenlijk helemaal niet hoe goed dat lukt. Al zijn er wel aanwijzingen dat mensen na een niertransplantatie bijvoorbeeld minder groente eten dan de algemene populatie.'

Sinds november vorig jaar heeft Boslooper tot nu toe drie groepsdiscussies geleid met zes tot acht patiënten in elke groep. In zo'n zogeheten focusgroepdiscussie probeert ze een heel breed palet aan ervaringen te vangen. Al die materie moet nog geanalyseerd worden, maar er komt toch al een aantal zaken naar voren. 'Deelnemers die echt dieetbeperkingen voor de transplantatie hebben gehad, die vinden het moeilijk om weer in een andere routine te komen. Ze zijn bijvoorbeeld jarenlang gewend om weinig groente en fruit te eten vanwege de kaliumbeperking en dan is het heel lastig voor ze om een andere routine aan te meten waarbij ze meer groente en fruit mogen eten. Vooral patiënten die jarenlang gedialyseerd hebben voordat er een nieuwe nier voor hen beschikbaar was, lopen daar tegenaan. Een aantal patiënten is zo verknocht aan hun oude dieet dat ze het ook blijven volgen. Ze denken: ik volg een dieet en dat is goed, dus laat ik dat maar gewoon volhouden.'

Uit eerder onderzoek dat aan het UMCG gedaan is, maar ook uit de groepsdiscussie komt naar voren dat het voor patiënten makkelijker is om iets te gaan aanpassen in het dieet of in andere voorschriften wanneer ze een terugkoppeling krijgen van bloed- en urineonderzoek. 'Je kan bijvoorbeeld kalium meten in urine en daarmee kan je globaal uitrekenen wat iemand per dag aan kalium, een mineraal dat onder andere veel in groente en fruit voorkomt, binnen krijgt'.

Wat ook helpt is een proactieve partner. 'Een partner die betrokken is en die goed meedenkt met wat er allemaal wel en niet mag na een niertransplantatie, dat kan heel erg helpen voor iemand om gezond te eten. Om een voorbeeld te noemen, een aantal deelnemers geeft aan: ik bemoei me eigenlijk helemaal niet met het eten. Ik eet wat mij wordt voorgezet. Dus als mijn vrouw ervoor zorgt dat ik dagelijks vers fruit krijg voorgezet dan eet ik dat wel op. Maar als ze geen fruit krijgen voorgeschoteld, dan zouden ze dat niet eten.'

Omdat Boslooper en haar medeonderzoekers gemerkt hebben dat de rol van partners heel belangrijk is bij wat er thuis gegeten wordt, gaan ze de komende twee maanden ook een aantal groepsdiscussies met partners houden. Om de rol van partners beter in kaart te brengen en ook om te zien of er bij hen een behoefte is voor begeleiding. Daarnaast zal ook een focusgroep met zorgverleners worden georganiseerd, om te kijken waar zij tegenaan lopen in de begeleiding en op welke punten de zorg verbeterd kan worden.

Eind 2018 hoopt Boslooper dat ze alle gegevens ook echt goed geanalyseerd heeft en dat ze het kan opschrijven. 'De volgende stap is om te kijken met wat voor soort interventie we kunnen stimuleren tot een gezond voedingspatroon, onder andere door de voedingszorg beter te laten aansluiten bij de behoeftes van de patiënt. Dat doen we samen met het Louis Bolk instituut. Het Louis Bolk instituut kijkt in verschillende settingen hoe groente- en fruitconsumptie verhoogd kan worden. Wij zijn één van de centra die participeren in dat project. Zij kijken niet alleen naar nierpatiënten. Ook jongeren met gedragsproblemen, demente ouderen, sportclubs. Een breed aantal instellingen waar ze proberen de groenteconsumptie te verhogen.'

sterren Gepubliceerd: maandag 09-04-2018 | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • jjmoes, zeewolde
    09-04-2018 09:53

    als hartpatiŽnt/diabeet2 als gevolg van medicatie daarvoor/cystenieren mag ik dus: geen eiwit, geen kalium(ritmestoornissen tot gevolg),geen natrium, geen suiker, geen kunstmatige zoetstoffen(leverproblemen),geen sinasappels,geenfruit, geen peulvruchten, geen noten, geen ......misschien kan Bolkc.s. ook eens integraal kijken.Iedere voorschrijfster/-ver schrijft vanuit eigen kokertje voor......en anders gewoon meer medicatie (nu 16 pillen 's daags)




Vernieuwde zoutkit voor zorgverleners

In het kader van haar 50-jarig bestaan introduceert de Nierstichting een zoutpakket voor zorgverleners, als hulpmiddel bij de begeleiding van patiënten die proberen te minderen met zout. Het pakket bestaat deels uit bestaande, deels uit nieuwe producten.

Het overgrote deel van de Nederlanders eet te veel zout. Een vermindering tot de aanbevolen maximaal 6 gram per dag kan helpen om hoge bloeddruk en nierschade te voorkomen. Maar dat betekent een flinke aanpassing van het eetpatroon, omdat het grootste deel van dit zout uit gekochte voedingsmiddelen afkomstig is en het dus geen kwestie is van het zoutvaatje laten staan. Hulp is hierbij voor veel mensen onontbeerlijk.

Het zoutpakket dat de Nierstichting aanbiedt is bedoeld voor zorgverleners, als hulpmiddel om zoutminderaars te ondersteunen. Het biedt bijvoorbeeld snel inzicht in de grote verschillen tussen gangbare voedingsmiddelen. Het pakket bestaat uit het vernieuwde zoutboek en zoutfolder, de bekende kruidenwijzer en als nieuwe producten de zoutposter en het zakkaartje zoutmeter.

Lees meer »

Bewust minder zout: nu het moment »

Door Brechje van Adrichem - De maand maart staat in het teken van bewust minder zout. Van de Nederlanders krijgt 85% teveel zout binnen, voornamelijk afkomstig uit toegevoegd zout (kant-en-klare producten). We krijgen in Nederland gemiddeld 9 à 10 gram zout per dag binnen, terwijl we maar 1 tot 3 gram nodig hebben voor onze vochthuishouding, spierfunctie en bloeddruk.

Lees meer »

Game helpt nu ook nierpatiŽnt bij dieet »

Het is de week van de e-health en ter gelegenheid daarvan is de serious game 'Beter weten, beter eten', nu voor iedereen als app beschikbaar. Diëtist Sophie Luderer, een van de ontwikkelaars, hoopt dat veel mensen hem gaan gebruiken. 'Niet alleen patiënten kunnen er iets aan hebben, maar ook hun naasten en zorgverleners'.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.