Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Kanttekeningen bij richtlijn IgA-nefropathie

Door Gerard Kok 

De huidige internationale richtlijnen voor behandeling van IgA-nefropathie, suggereren een kuur van zes maanden met corticosteroïden voor patiënten die structureel meer dan 1 gram eiwit per dag via hun urine verliezen. Deze richtlijn wordt ondersteund door een aantal kleine onderzoeken die lijken aan te tonen dat een dergelijke behandeling de kans op uiteindelijk nierfalen drastisch verkleint. Uit een groter, Chinees onderzoek komt echter naar voren dat er behoorlijke risico's kleven aan deze behandeling, en dat deze risico's zorgvuldiger moeten worden gewogen alvorens aan deze behandeling te beginnen.

IgA-nefropathie is een vorm van glomerulonefritis waarbij IgA-antilichamen onvoldoende worden opgeruimd. De IgA-antilichamen die niet worden opgeruimd slaan neer in de nieren, en veroorzaken daar blijvende schade. IgA-nefropathie kan heel verschillend verlopen, sommige patiënten krijgen acuut te maken met nierfalen, bij anderen duurt het jaren voordat zoveel nierschade is ontstaan dat niervervangende behandeling noodzakelijk wordt. Een deel van de patiënten hoeft zelfs nooit een beroep te doen op niervervangende behandeling.

Aangezien nog niet duidelijk is hoe IgA-nefropathie genezen kan worden, is de behandeling erop gericht de nierfunctie van de patiënt zo lang mogelijk te behouden. Om dit te bereiken zijn internationaal richtlijnen opgesteld (door de non-profit organisatie KDIGO - Kidney Disease: Improving Global Outcomes), die in Nederland worden gevolgd. Bij deze richtlijnen is 1 gram proteïnurie (eiwit in de urine) een belangrijke grens; daaronder zijn de vooruitzichten op het verloop van de ziekte beter dan daarboven. De KDIGO richtlijnen bevelen aan om patiënten die, ondanks de standaardbehandeling, meer dan 1 gram eiwit per dag verliezen, een halfjaarlijkse kuur met corticosteroïden te geven. Het klinische bewijs dat deze behandeling zin heeft, is echter wat mager.

Het Chinese onderzoek keek expliciet naar severe adverse events (ernstige ongewenste voorvallen) bij patiënten met IgA-nefropathie, die al dan niet een behandeling met corticosteroïden hadden gekregen. Het onderzoek omvatte iets meer dan duizend IgAN-patiënten over een periode van 11 jaar. Ongeveer een derde van alle deelnemers had corticosteroïden gekregen. Van de laatste groep kreeg 12,5% te maken met een severe adverse event (zoals overlijden, diabetes, of een ernstige infectie), tegenover slechts 2,7% van de patiënten die geen corticosteroïden hadden gekregen. Vooral oudere patiënten, met hogere bloeddruk en/of slechtere nierfunctie liepen een hoger risico op een severede adverse event.

Dit verschil tussen beide groepen is wel zo groot, dat de onderzoekers suggereren dat er meer voorzichtigheid moet worden betracht bij het voorschrijven van een kuur met corticosteroïden. Hoewel dit onderzoek groter en langer was dan de onderzoeken die als basis dienden voor de KDIGO-richtlijn, is ook dit onderzoek nog niet alleszeggend. Alle deelnemers waren bij hetzelfde centrum behandeld, en het onderzoek was retrospectief (de gegevens kwamen uit medische dossiers die in de voorbije jaren waren opgesteld, maar misschien was niet alles daarin opgenomen). Volgens de onderzoekers is een prospectief onderzoek nodig, waarbij meerdere behandelcentra zijn betrokken.

sterren Gepubliceerd: donderdag 10-08-2017
Bron: Kidney International Reports | Nog geen reacties




MRI-scan brengt acute afstoting in beeld

Na een niertransplantatie bestaat de kans op acute afstoting van de donornier. Dit kan tot enkele maanden na de transplantatie gebeuren. Mits tijdig herkend is dit tegenwoordig goed te behandelen, maar er zit nog wel een probleempje in tijdig herkennen, want de symptomen zijn nogal algemeen (koorts, vocht vasthouden, verhoogde bloeddruk), en hoeven dus niet op acute afstoting te wijzen. Sommige patiënten hebben zelfs deze klachten niet.

Duits-Amerikaans onderzoek op laboratoriumratten opent echter de deur naar een nieuwe methode om acute afstoting te ontdekken en op te volgen. Deze methode maakt gebruik van glucoCEST MRI, een techniek die slechts enkele jaren oud is. GlucoCEST MRI maakt het mogelijk om hoge concentraties suiker (glucose) in het lichaam zichtbaar te maken met een MRI-scan. De suiker die nodig is voor de scan, kan gewoon als drank worden ingenomen, vlak voordat de scan begint.

GlucoCEST MRI wordt nu vooral gebruikt om tumoren in beeld te brengen, omdat zij een hoger glucosemetabolisme hebben dan hun omgeving. Oftewel, tumoren trekken suiker aan, en zijn daarom goed zichtbaar in de MRI-scan. Bij acute afstoting van een nier is er sprake van een ontsteking waarbij de T-cellen van het afweersysteem een rol spelen. Deze ontsteking zorgt ook voor een lokaal hoger glucosemetabolisme, en is daarom ook met glucoCEST MRI zichtbaar te maken.

Lees meer »

NVN legt in ledenblad hersendood uit »

Ben je wel écht dood bij hersendood? Ongerustheid daarover laaide onlangs weer op, nadat de Tweede Kamer de nieuwe Donorwet (ADR) aannam. Tegenstanders van deze wet komen met verhalen over te gretige artsen die er bij familieleden op aandringen organen te mogen uitnemen en die te snel hersendood willen vaststellen om tot transplantatie over te kunnen gaan.

Lees meer »

Fresenius koopt fabrikant kleine thuisdialysemachine »

Het Duitse Fresenius Medical Care neemt NxStage, de fabrikant van het kleine dialyseapparaat NxStage System One, over. Fresenius Medical Care betaalt twee miljard dollar voor het Noord-Amerikaanse bedrijf dat 3.400 werknemers heeft en in 2016 een omzet had van 366 miljoen dollar. Dat komt overeen met 30 dollar per aandeel. De overname moet in 2018 zijn beslag krijgen. Het NxStage System One dialyseapparaat is zeker geen onbekende in Nederland.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.