Plotselinge vermindering nierfunctie in puberteit
Door Merel Dercksen
Wanneer kinderen met nierproblemen in de puberteit komen, gaat hun nierfunctie ineens sneller achteruit. Dat heeft mogelijk te maken met hormonale veranderingen, denken Italiaanse onderzoekers.
In Italië loopt een registratie van alle kinderen (tot 20 jaar) met een chronische nieraandoening: het ItalKid project. Onderzoekers van kindernefrologische afdelingen van verschillende Italiaanse ziekenhuizen hebben naar gegevens uit de database die binnen dit project is opgezet gekeken, om te specificeren wanneer kinderen het eindstadium van nierfalen bereiken, waarin ze dialyse of een transplantatie nodig hebben.
In hun analyse namen ze 935 kinderen op met een verminderde nierfunctie als gevolg van te kleine nieren. Sommigen van hen hadden andere aangeboren afwijkingen aan de urinewegen, anderen niet. Bij een subgroep van 40 patiënten maakten de onderzoekers een gedetailleerde analyse van het verloop van de puberteit. Verder definieerden ze de start van de puberteit als het moment waarop de kinderen met hun groeispurt begonnen.
De kans dat kinderen met nierproblemen nierfunctievervangende therapie nodig hebben is in de eerste tien jaar van hun leven niet zo groot, maar stijgt in de volgende tien jaar naar ruim 50%. Dit gaat niet in een vloeiende lijn: de onderzoekers zagen een sterke stijging van het risico op nierfalen op de leeftijd van 11,6 jaar bij jongens, en 10, 9 jaar bij meisjes.
De start van de puberteit gaat samen met een versnelde afname van de nierfunctie bij jonge nierpatiënten. Hoe dat precies komt hebben de onderzoekers met deze studie niet kunnen achterhalen, maar ze vermoeden dat geslachtshormonen er een rol in spelen.
|
'Vitamine D en calciumsupplementen na transplantatie zinloos'
Volgens Noorse wetenschappers heeft het geen zin patiënten na een niertransplantatie extra vitamine D en calciumsupplementen te geven. Er is geen verschil in botdichtheid tussen mensen die dit wel en niet kregen. Het gaat wel om een vrij kleine steekproef. Bovendien is het in Oslo gebruikelijk patiënten na transplantatie een vrij intensieve fysieke training te laten volgen die kan helpen botafname te voorkomen.
De Noren presenteerden hun bevindingen op het American Transplant Congress in Seattle, zo meldt Renal and Urology News. Knut Smerud en zijn collega's van de Universiteit van Oslo bestudeerden 124 patiënten met een vroege stabiele nierfunctie na een niertransplantatie. Van deze 124 slikten er 63 tweemaal daags vitamine D3 en calcium gedurende een jaar. De overige 61 deden dat niet.
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS). Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.

Gepubliceerd: vrijdag 03-08-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel