Overlijdensrisico dialysepatiënt groter na falen transplantaatnier
Door Merel Dercksen
Dialysepatiënten die al eens getransplanteerd zijn geweest, lopen een groter risico te overlijden in de eerste drie jaar van hun behandeling dan patiënten die niet eerder getransplanteerd zijn geweest.
Dr. Lynsey Webb, onderzoeker bij de U.K. Renal Registry aan het Southmead Hospital in Bristol, en haar collega's onderzochten de overleving van nierpatiënten na het verloren gaan van een transplantaatnier. Ze keken daarbij alleen naar patiënten die, terwijl ze dialyseerden, binnen twee jaar opnieuw op de wachtlijst stonden om getransplanteerd te worden.
Ze vergeleken bijna 1.500 patiënten die eerder getransplanteerd waren geweest met bijna 11.500 patiënten voor wie de dialyse hun eerste nierfunctievervangende behandeling was. Ook deze patiënten stonden op de wachtlijst om (voor de eerste keer) getransplanteerd te worden.
Nierpatiënten die getransplanteerd zijn hebben over het algemeen betere overlevingskansen dan dialyserenden. Maar patiënten die starten met dialyse na een periode getransplanteerd te zijn geweest, hebben slechtere vooruitzichten dan patiënten die nog maar net hun eigen nierfunctie verloren hebben. Tijdens het ERA-EDTA-congres in Parijs gaf Webb als mogelijke verklaring dat deze eerste groep al veel langer kampt met eindstadium nierfalen, en daardoor meer bijkomende problemen heeft.
Volgens Webb kan het zinvol zijn om patiënten van wie de getransplanteerde nier het aan het begeven is, op de wachtlijst te plaatsen voordat zij opnieuw moeten gaan dialyseren, om zo hun sterfterisico niet overmatig te laten toenemen.
Onder de data die Webb gebruikte waren geen gegevens over comorbiditeit. Ze vermoed wel dat die groter is onder de patiënten die al langer geen eigen nierfunctie meer hebben. En dat dit verschil tussen de groepen patiënten in stand blijft ondanks dat de patiënten met de meeste klachten al uitgeselecteerd waren omdat die überhaupt niet in aanmerking komen voor een tweede transplantatie.
In het onderzoek zijn ook geen gegevens opgenomen over de doodsoorzaak van de patiënten die overleden tijdens de dialyseperiode. 'We zijn wel van plan om te onderzoeken waar deze patiënten precies aan overlijden. Bijvoorbeeld: zijn het hart- en vaatproblemen, of infecties? Dit zal meer doelgerichte screening en bewaking van de gezondheid van deze patiënten mogelijk maken.'
|
Immuungemedieerde nierschade door HIV vaker bij Afrikanen
Patiënten die geïnfecteerd zijn met het HIV-virus, lopen het risico op HIV-gerelateerde nierproblemen. Veel HIV-patiënten krijgen te maken met HIVAN (HIV-associated nephropathy) of HIVICK (HIV-associated Immuno Complex Kidney disease). Daar waar over HIVAN inmiddels vrij veel bekend is, is over HIVICK nog veel onduidelijk. Artsen van de Johns Hopkins universiteit in Baltimore (VS) proberen daar nu meer klaarheid in te scheppen.
HIVAN en HIVICK hebben gemeen dat in beide ziektes de glomeruli in de nieren worden aangetast. Bij HIVAN is dat echter direct gevolg van de HIV-infectie, terwijl bij HIVICK verbindingen van antilichamen van het immuunsysteem (immuuncomplexen) in de glomeruli neerslaan en die blokkeren. Het doel van het onderzoek was te bepalen welke HIV-patiënten een verhoogd risico lopen op HIVICK. De artsen deden dat door, gedurende bijna 15 jaar, 751 HIV-patiënten te volgen.
Trage start nieuwe nier gevaarlijker voor ouderen
Hoe ouder de ontvanger van een postmortale nier is, hoe groter de kans dat hij het niet overleefd wanneer de nier niet meteen werkt. Jonge getransplanteerden kunnen zo'n opstartfase meestal wel overbruggen. Er bestaat een verband tussen het vertraagd op gang komen van een pas getransplanteerde nier, en het overlijden van de getransplanteerde patiënt in de eerste maanden na transplantatie. Dr.
PEG als laxeermiddel kan acute nierschade veroorzaken
Hoewel het nog niet algemeen onderkend wordt, geeft ook het voorkeursmiddel bij laxeren voorafgaand aan een darmonderzoek risico op nierproblemen, schrijven Koreaanse onderzoekers. Dit middel geniet juist de voorkeur, omdat andere, eerder meer gebruikte middelen, onomkeerbare nierschade tot gevolg kunnen hebben. De onderzoekers denken wel dat de nierschade door het voorkeursmiddel meestal tijdelijk is, en vaak te voorkomen door voldoende vocht toe te dienen.

Gepubliceerd: donderdag 14-06-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel