Monitoren risico op nierziekten bij diabetici kan beter
Huisartsen volgen niet altijd strikt de richtlijnen voor het opsporen van nierziekten bij patiënten met type 2 diabetes. Dat blijkt uit onderzoek van UMCG-promovenda Merel Hellemons.
Landelijke richtlijnen voor de preventie van nierziekten raden screening en behandeling van eiwituitscheiding in de urine aan voor de meeste diabetespatiënten. Maar uit onderzoek onder meer dan 14.000 patiënten met type 2 diabetes, die behandeld werden door de huisarts, bleek dat de aangeraden screening in een deel van de gevallen achterwege blijft.
De logistieke organisatie rondom de screening en onzekerheid over het nut van de screening spelen hierbij mogelijk een rol, aldus de promovenda. Aangezien de ontbrekende informatie van belang is bij de keuze van de juiste behandeling van deze patiënten, is verbetering van de screening van groot belang, zo stelt zij.
Hellemons bracht ook andere methoden in kaart om de preventie van nierziekten te verbeteren. Ze vond nieuwe biomarkers (GDF-15, hs-TnT; signaalstoffen in het bloed), die het risico op nierziekten bij diabetespatiënten nauwkeuriger helpen vaststellen. Verder stelt de promovenda vast dat patiënten die een longtransplantatie hebben ondergaan, steeds minder vaak nierziekten ontwikkelen, terwijl zij wel een steeds hoger risico hierop lopen. De verbetering van de zorg speelt hierbij een rol, stelt Hellemons.
Tot slot blijken veelgebruikte formules om de nierfunctie te schatten in plaats van te meten, ongeschikt te zijn om nierfunctieverlies bij longtransplantatiepatiënten vroegtijdig te onderkennen.
|
PEG als laxeermiddel kan acute nierschade veroorzaken
Hoewel het nog niet algemeen onderkend wordt, geeft ook het voorkeursmiddel bij laxeren voorafgaand aan een darmonderzoek risico op nierproblemen, schrijven Koreaanse onderzoekers. Dit middel geniet juist de voorkeur, omdat andere, eerder meer gebruikte middelen, onomkeerbare nierschade tot gevolg kunnen hebben. De onderzoekers denken wel dat de nierschade door het voorkeursmiddel meestal tijdelijk is, en vaak te voorkomen door voldoende vocht toe te dienen.
'Vitamine D en calciumsupplementen na transplantatie zinloos'
Volgens Noorse wetenschappers heeft het geen zin patiënten na een niertransplantatie extra vitamine D en calciumsupplementen te geven. Er is geen verschil in botdichtheid tussen mensen die dit wel en niet kregen. Het gaat wel om een vrij kleine steekproef. Bovendien is het in Oslo gebruikelijk patiënten na transplantatie een vrij intensieve fysieke training te laten volgen die kan helpen botafname te voorkomen.
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS). Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd.

Gepubliceerd: dinsdag 29-05-2012 | 


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel