Dialyse op IC veiliger met citraat als bloedverdunner
Dialyseren op de intensive care kan beter met een substitutievloeistof waaraan citraat als bloedverdunner is toegevoegd. Deze vloeistof heeft dezelfde werking als andere vloeistoffen maar vergroot mogelijk de veiligheid. Dat zegt nefroloog Azam Nurmohamed die op 9 mei op zijn onderzoeksresultaten promoveert bij het VU medisch centrum.
De meest toegepaste vorm van nierfunctievervangende behandeling op de IC is continue venoveneuze hemofiltratie (CVVH). Dan wordt bloed door middel van een kunstnier 24 uur per dag gefiltreerd. De substitutievloeistof als aanvulling op het gefiltreerde bloed kan worden toegediend voor of na de passage door de kunstnier. Volgens het onderzoek van Nurmohamed zijn beide technieken gelijkwaardig.
Nurmohamed introduceert in zijn proefschrift een relatief nieuwe techniek van bloedverdunning waarbij alleen bloedcirculatie buiten het lichaam is ontstold. Bij CVVH is toediening van bloedverdunners ter preventie van stolling in de kunstnier essentieel. Onduidelijk is welke bloedverdunner het beste is. De meest voorgeschreven bloedverdunner hierbij is heparine. Dat heeft als nadeel dat het bloed in het lichaam ook wordt ontstold waardoor er een verhoogde kans ontstaat op bloedingen bij de ernstig zieke patiënt.
De promovendus beschrijft een techniek met citraat als bloedverdunner verwerkt in de substitutievloeistof. Deze techniek blijkt sowieso superieur te zijn aan CVVH zonder antistolling. Deze speciaal op maat gemaakte vloeistof is even goed als de gangbare substitutievloeistof maar mogelijk veiliger voor de IC-patiënt.
|
'Vitamine D en calciumsupplementen na transplantatie zinloos'
Volgens Noorse wetenschappers heeft het geen zin patiënten na een niertransplantatie extra vitamine D en calciumsupplementen te geven. Er is geen verschil in botdichtheid tussen mensen die dit wel en niet kregen. Het gaat wel om een vrij kleine steekproef. Bovendien is het in Oslo gebruikelijk patiënten na transplantatie een vrij intensieve fysieke training te laten volgen die kan helpen botafname te voorkomen.
De Noren presenteerden hun bevindingen op het American Transplant Congress in Seattle, zo meldt Renal and Urology News. Knut Smerud en zijn collega's van de Universiteit van Oslo bestudeerden 124 patiënten met een vroege stabiele nierfunctie na een niertransplantatie. Van deze 124 slikten er 63 tweemaal daags vitamine D3 en calcium gedurende een jaar. De overige 61 deden dat niet.
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS). Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.

Gepubliceerd: vrijdag 04-05-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel