Europa steekt 12 miljoen in onderzoek naar zeldzame nierziekten
Door Merel Dercksen
Prof.Dr. F. Schaefer
Het European Consortium for High-Throughput Research in Rare Kidney Diseases, kortweg EURenOmics, krijgt de komende vijf jaar in totaal 12 miljoen euro om onderzoek te doen naar zeldzame nierziekten. Projectleider Franz Schaefer, hoofd van de afdeling kindernefrologie van de universiteit van Heidelberg, maakte de toekenning door de Europese Commissie op maandag 23 april bekend.
Het doel van het onderzoeksprogramma is nieuwe genen, biomarkers en hopelijk ook therapieën te vinden, allemaal rond zeldzame nierziekten. Het project concentreert zich rond vijf groepen van deze aandoeningen waarbij, volgens de aanvragers van de subsidie, diagnostische en therapeutische vooruitgang het hardst nodig zijn, maar waarbij ook de kans dat er door onderzoek belangrijke stappen gezet kunnen worden, heel groot is. Het gaat om steroïdresistent Nefrotisch syndroom, Membraneuze nefropathieën, aandoeningen waarbij de tubulaire cellen in de nier aangetast zijn, ziektes die gekenmerkt worden door een extreme activatie van het complementsysteem en aangeboren afwijkingen van de nieren en de urinewegen. Die laatste groep is de belangrijkste oorzaak van chronische nierziekte bij kinderen.
Behalve de universiteit van Heidelberg maken ook instituten in de Verenigde Staten en tal van Europese landen waaronder Nederland en België deel uit van het onderzoeksconsortium. In Nederland en België gaat het om het UMC Utrecht (Nine Knoers), UMC St Radboud Nijmegen (Jack Wetzels, René Bindels en Joost Hoenderop) en het UZ Leuven (Elena Levtchenko). De verschillende instellingen zullen hun patiëntgegevens samenvoegen, zodat er een grote database ontstaat.
|
Immuungemedieerde nierschade door HIV vaker bij Afrikanen
Patiënten die geïnfecteerd zijn met het HIV-virus, lopen het risico op HIV-gerelateerde nierproblemen. Veel HIV-patiënten krijgen te maken met HIVAN (HIV-associated nephropathy) of HIVICK (HIV-associated Immuno Complex Kidney disease). Daar waar over HIVAN inmiddels vrij veel bekend is, is over HIVICK nog veel onduidelijk. Artsen van de Johns Hopkins universiteit in Baltimore (VS) proberen daar nu meer klaarheid in te scheppen.
HIVAN en HIVICK hebben gemeen dat in beide ziektes de glomeruli in de nieren worden aangetast. Bij HIVAN is dat echter direct gevolg van de HIV-infectie, terwijl bij HIVICK verbindingen van antilichamen van het immuunsysteem (immuuncomplexen) in de glomeruli neerslaan en die blokkeren. Het doel van het onderzoek was te bepalen welke HIV-patiënten een verhoogd risico lopen op HIVICK. De artsen deden dat door, gedurende bijna 15 jaar, 751 HIV-patiënten te volgen.
Trage start nieuwe nier gevaarlijker voor ouderen
Hoe ouder de ontvanger van een postmortale nier is, hoe groter de kans dat hij het niet overleefd wanneer de nier niet meteen werkt. Jonge getransplanteerden kunnen zo'n opstartfase meestal wel overbruggen. Er bestaat een verband tussen het vertraagd op gang komen van een pas getransplanteerde nier, en het overlijden van de getransplanteerde patiënt in de eerste maanden na transplantatie. Dr.
PEG als laxeermiddel kan acute nierschade veroorzaken
Hoewel het nog niet algemeen onderkend wordt, geeft ook het voorkeursmiddel bij laxeren voorafgaand aan een darmonderzoek risico op nierproblemen, schrijven Koreaanse onderzoekers. Dit middel geniet juist de voorkeur, omdat andere, eerder meer gebruikte middelen, onomkeerbare nierschade tot gevolg kunnen hebben. De onderzoekers denken wel dat de nierschade door het voorkeursmiddel meestal tijdelijk is, en vaak te voorkomen door voldoende vocht toe te dienen.

Gepubliceerd: dinsdag 24-04-2012 | 


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel