Allochtone kinderen maken minder kans op niertransplantatie
Door Merel Dercksen
In Nederland en België heeft ruim 40% van de kinderen die dialyseren ouders die geïmmigreerd zijn uit een niet-westers land. Artsen en onderzoekers van vooral afdelingen kindernefrologie in verschillende Belgische en Nederlandse ziekenhuizen vroegen zich af of deze kinderen wel even goede zorg krijgen als kinderen met westerse ouders. Uit de Verenigde Staten is bekend dat mensen die tot een etnische minderheid of sociaal achtergestelde groep behoren, minder goede zorg krijgen.
Zij vergeleken de start van de dialyse, het vervolg van de behandeling en de resultaten hiervan onder alle kinderen (jonger dan 19 jaar) die in beide landen chronisch dialyseren, tussen september 2007 en mei 2011. Als niet-westerse kinderen zijn ook die patiëntjes aangemerkt, van wie een van beide ouders in een niet-westers land geboren is. Dat waren er 79 van in totaal 179 kinderen.
Deze kinderen blijken vaker met hemodialyse behandeld te worden, in plaats van dat er gestart wordt met buikdialyse, dat bij kinderen in principe de voorkeur heeft. Niet-westerse kinderen dialyseren gemiddeld twee keer zo lang als westerse kinderen (30 versus 15 maanden) voordat ze getransplanteerd worden. Ook hebben ze vaker last van botproblemen die het gevolg zijn van de nierziekte en, bij buikspoeling, veel vaker een acute buikvliesontsteking.
|
'Vitamine D en calciumsupplementen na transplantatie zinloos'
Volgens Noorse wetenschappers heeft het geen zin patiënten na een niertransplantatie extra vitamine D en calciumsupplementen te geven. Er is geen verschil in botdichtheid tussen mensen die dit wel en niet kregen. Het gaat wel om een vrij kleine steekproef. Bovendien is het in Oslo gebruikelijk patiënten na transplantatie een vrij intensieve fysieke training te laten volgen die kan helpen botafname te voorkomen.
De Noren presenteerden hun bevindingen op het American Transplant Congress in Seattle, zo meldt Renal and Urology News. Knut Smerud en zijn collega's van de Universiteit van Oslo bestudeerden 124 patiënten met een vroege stabiele nierfunctie na een niertransplantatie. Van deze 124 slikten er 63 tweemaal daags vitamine D3 en calcium gedurende een jaar. De overige 61 deden dat niet.
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS). Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.

Gepubliceerd: vrijdag 20-04-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel