Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Lees voor | Reageer | Verstuur | Druk af   

Allochtone kinderen maken minder kans op niertransplantatie

Door Merel Dercksen 

In Nederland en België heeft ruim 40% van de kinderen die dialyseren ouders die geïmmigreerd zijn uit een niet-westers land. Artsen en onderzoekers van vooral afdelingen kindernefrologie in verschillende Belgische en Nederlandse ziekenhuizen vroegen zich af of deze kinderen wel even goede zorg krijgen als kinderen met westerse ouders. Uit de Verenigde Staten is bekend dat mensen die tot een etnische minderheid of sociaal achtergestelde groep behoren, minder goede zorg krijgen.

Zij vergeleken de start van de dialyse, het vervolg van de behandeling en de resultaten hiervan onder alle kinderen (jonger dan 19 jaar) die in beide landen chronisch dialyseren, tussen september 2007 en mei 2011. Als niet-westerse kinderen zijn ook die patiëntjes aangemerkt, van wie een van beide ouders in een niet-westers land geboren is. Dat waren er 79 van in totaal 179 kinderen.

Deze kinderen blijken vaker met hemodialyse behandeld te worden, in plaats van dat er gestart wordt met buikdialyse, dat bij kinderen in principe de voorkeur heeft. Niet-westerse kinderen dialyseren gemiddeld twee keer zo lang als westerse kinderen (30 versus 15 maanden) voordat ze getransplanteerd worden. Ook hebben ze vaker last van botproblemen die het gevolg zijn van de nierziekte en, bij buikspoeling, veel vaker een acute buikvliesontsteking.

sterren Gepubliceerd: vrijdag 20-04-2012
Bron: Pediatric Nephrology | Nog geen reacties


Dikke dialysepatiënten reageren beter op EPO

Niet iedere nierpatiënt reageert even goed op middelen die bloedarmoede moeten tegengaan. Volgens Spaans onderzoek is die reactie te koppelen aan de hoeveelheid lichaamsvet: dikkere dialysepatiënten reageren beter en hebben per kilo lichaamsgewicht minder medicijnen nodig.

Erythropoëtine (EPO) uit de nieren zorgt ervoor dat het beenmerg nieuwe rode bloedcellen aanmaakt. Nierpatiënten hebben een tekort aan dit lichaamseigen EPO en als gevolg daarvan bloedarmoede. Ze krijgen daarom meestal een van de middelen die hiervoor op de markt zijn toegediend, om de aanmaak van rode bloedcellen te stimuleren. Maar niet iedere patiënt reageert hier even goed op. 

Spaanse onderzoekers hebben bij 218 dialysepatiënten (80% hemodialyse en 20% peritoneale dialyse) bekeken of de hoeveelheid EPO die zij in de praktijk nodig hebben, samenhangt met hun lichaamssamenstelling. Van iedere patiënt bepaalden zij de lichaamssamenstelling met behulp van bio-impedantie. Ook maten ze de patiënten op met weegschaal en centimeter en namen ze bloed af. Van iedere patiënt was bekend hoeveel EPO hij of zij nodig had.

Lees meer »

Eiwitverlies in urine verhoogt risico hersenbloeding »

Een slechtere nierfunctie betekent een hoger risico op een herseninfarct, terwijl eiwit in de urine een hoger risico inhoudt voor zowel herseninfarcten als hersenbloedingen, zo blijkt uit gecombineerd Nederlands-Amerikaans onderzoek. Macroalbuminurie verhoogt het risico op een hersenbloeding in een vergelijkbare mate als een te hoge bloeddruk dat doet. Een beroerte, ofwel cerebrovasculair accident (CVA), is een verstoring van de bloeddoorstroming in de hersenen.

Lees meer »

Thuisdialyse: minder hart- en vaatproblemen maar meer infecties »

Patiënten die ten minste vijf keer per week thuis hemodialyse doen worden minder vaak met hart- en vaatproblemen in het ziekenhuis opgenomen dan degenen die drie keer per week in een centrum dialyseren. Maar dat voordeel wordt, in de Verenigde Staten in elk geval, nu nog teniet gedaan doordat deze patiënten wel vaker infecties oplopen. Als hemodialysepatiënten worden opgenomen in het ziekenhuis, is dat vaak vanwege hart- of vaatproblemen.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.