Niercyste verkleint risico nierstenen bij jichtpatiënten
Door Merel Dercksen
Mensen met jicht lopen een verhoogd risico om ook nierstenen te krijgen. En ook op kleine, enkelvoudige cystes in hun nieren. Maar in dat geval neemt het risico op nierstenen weer opvallend veel af, blijkt uit Braziliaans onderzoek.
Nierstenen en jicht zijn twee aandoeningen die relatief vaak samen voorkomen. Jicht ontstaat wanneer zich een afzetting van urinezuurkristallen in de gewrichten vormt. Urinezuur dat ook, wanneer het onvoldoende wordt uitgescheiden, kan neerslaan in de nieren en daar nierstenen vormen. Braziliaanse wetenschappers wilden nagaan of jicht ook relatief vaak samengaat met een andere, in principe onschuldige aandoening aan de nieren: het voorkomen van enkele kleine cystes.
Ze maakten een echo van de nieren van 146 jichtpatiënten; 47 gezonde levende nierdonoren die een routinematige echo hadden ondergaan dienden als gematchte controlegroep. Ruim een kwart van de jichtpatiënten bleek kleine niercystes te hebben, tegen maar 10 procent van de controlegroep. En hoewel ook in dit onderzoek de jichtpatiënten als totale groep veel vaker nierstenen bleken te hebben dan de gezonde controlegroep, constateerden de onderzoekers hier een ander onverwacht verband: Bij de jichtpatiënten met niercystes kwamen nierstenen vijf keer minder voor dan bij de jichtpatiënten zonder niercystes. De onderzoekers vonden geen relatie met factoren als leeftijd, geslacht of hoge bloeddruk.
Of niercystes een beschermend effect hebben dat de vorming van nierstenen bij jicht tegengaat, is iets wat de onderzoekers zich nog afvragen. Er kan ook een ander proces ten grondslag liggen aan deze relatie.
|
'Vitamine D en calciumsupplementen na transplantatie zinloos'
Volgens Noorse wetenschappers heeft het geen zin patiënten na een niertransplantatie extra vitamine D en calciumsupplementen te geven. Er is geen verschil in botdichtheid tussen mensen die dit wel en niet kregen. Het gaat wel om een vrij kleine steekproef. Bovendien is het in Oslo gebruikelijk patiënten na transplantatie een vrij intensieve fysieke training te laten volgen die kan helpen botafname te voorkomen.
De Noren presenteerden hun bevindingen op het American Transplant Congress in Seattle, zo meldt Renal and Urology News. Knut Smerud en zijn collega's van de Universiteit van Oslo bestudeerden 124 patiënten met een vroege stabiele nierfunctie na een niertransplantatie. Van deze 124 slikten er 63 tweemaal daags vitamine D3 en calcium gedurende een jaar. De overige 61 deden dat niet.
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS). Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.

Gepubliceerd: donderdag 05-04-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel