Bejaarde transplantatiepatiënt even goed af met mindere nier
Postmortale nieren bestemd voor nierpatiënten ouder dan 70 jaar hoeven niet te voldoen aan de normale strenge kwaliteitseisen. Toepassing van soepeler criteria leidt tot een gelijkwaardige levensverwachting. Het sterfterisico neemt daardoor niet toe.
Dit is de uitkomst van een recent onderzoek in de Verenigde Staten. De gangbare term voor toepassing van soepeler criteria is ECD (Expanded Criteria Donors). Een team wetenschappers van de Harbor Medical Center in Torrance, California heeft vergelijkend onderzoek gedaan naar transplantatie van ECD en niet-ECD nieren bij patiënten ouder dan 70 jaar.
Bij niertransplantatie spelen twee soorten overlevingskansen. Die van de patiënt en die van de getransplanteerde nier. De overlevingskansen van jongere ontvangers van een postmortale nier zijn duidelijk groter bij toepassing van de strengere niet-ECD eisen. Hoe lager de leeftijd van de patiënt, hoe negatiever het ECD-effect. De sterftekans van getransplanteerden van 18 tot 35 jaar blijkt met bijna de helft toe te nemen. Voor patiënten tussen 65 en 70 jaar blijft die toename beperkt tot 20%. Daarna is er geen aantoonbaar verschil meer.
Bij beoordeling van de mogelijke overlevingskansen van de getransplanteerde nier is eerst correctie nodig voor het overlijden van de patiënt zelf. Als de patiënt overlijdt voordat de getransplanteerde nier is uitgewerkt, dan telt dat niet mee. Het gaat immers om de 'technische' levensduur van die nier. Voor de diverse leeftijdsgroepen varieren de gecorrigeerde overlevingskansen van het transplantaat. In geval van ECD-transplantatie bij patiënten ouder dan 70 jaar functioneert het transplantaat grofweg half zo lang als bij niet-ECD. Maar voor de overlevingskansen van de patiënt maakt dat niet uit.
Een ECD-nier gaat gemiddeld genomen minstens zo lang mee als de bejaarde ontvanger daarvan
Levende orgaandonatie leidt echter tot de beste resultaten voor alle leeftijdsgroepen, concludeerden de onderzoekers. Maar elders is ook aangetoond dat de sterftekans van getransplanteerde nierpatiënten ruim 40% minder is dan die van nierpatiënten op de wachtlijst. Alles overziend zijn de onderzoekers daarom van mening dat transplantatie, indien mogelijk, ook bij 70+ patiënten de voorkeur verdient. Idealiter met een nier van een levende donor. Maar postmortale ECD-nieren bieden 70+ patiënten dezelfde overlevingskansen als kwalitatief betere niet-ECD nieren.
Ondermeer recent Noors onderzoek leidt tenslotte tot de conclusie dat tijdige transplantatie bij 70+ nierpatiënten zwaarder weegt dan de kwaliteit van het transplantaat. Dat is een extra reden om, als die sneller beschikbaar zijn, te kiezen voor ECD-nieren. Ook bevestigt dit Noorse onderzoek dat pre-emptieve transplantatie met een levende donor 70+ nierpatiënten de beste kansen biedt.
|
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS).
Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd. Vooral heupfracturen zijn riskant; bij oudere patiënten is het risico op overlijden groot. Daarom is er de laatste decennia veel aandacht besteed aan de behandeling van renale osteodystrofie, maar uit het Amerikaanse onderzoek blijkt dat deze behandeling maar gedeeltelijk effect sorteert. Het risico dat een dialysepatiënt een heupfractuur oploopt is nog altijd vijf keer zo hoog als bij vergelijkbare niet-nierpatiënten.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.
'Onderscheid acute en chronische nierschade bij spoedopname klopt vaak niet'
Traditionele markers zijn niet geschikt om in de eerste 24 uur het onderscheid te maken tussen blijvende en herstellende acute nierschade bij patiënten die op een intensive care belanden, schrijven Franse onderzoekers. Misschien betekent dat zelfs wel dat het onderscheid tussen beide vormen van schade niet zo zwart-wit is als tot nu toe gedacht wordt, trekken Australische wetenschappers de conclusie.

Gepubliceerd: vrijdag 02-03-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel