Fosfaattoevoegingen in voedsel zijn een risico voor de volksgezondheid
Door Albert de Vreede
Te veel fosfaat in het bloed is een risicofactor voor nierpatiënten. Het is al lang bekend dat het leidt tot hart– en vaatziekten en een vroegtijdig overlijden van met name dialysepatiënten. Dialysepatiënten proberen hun fosfaat in het bloed te verlagen door bij het eten fosfaatbinders zoals Renvela, Fosrenol, en Phos-ex in te nemen.
Het wordt nu duidelijk dat ook voor gezonde mensen een te veel aan fosfaat in het voedsel een gezondheidsrisico vormt. Het van nature in voedsel aanwezige fosfaat is geen probleem, omdat dat slecht wordt opgenomen. Eiwitrijk voedsel zoals kaas, eieren, noten, vlees en vis, maar ook peulvruchten, granen en brood bevatten van nature veel fosfaat. Deze producten zijn nodig voor een goede voeding en kunnen geen kwaad.
De boosdoeners zijn de toegevoegde fosfaten in de vorm van fosfaatbevattende zouten. Op de etiketten zijn ze te vinden als E339, E340, E341, en E350-352. Ze dienen om voedsel beter te kunnen bewaren, meer smaak te geven, en om de structuur van eiwitten te veranderen zodat ze meer (goedkoop) water kunnen opnemen. Producten waarin toegevoegd fosfaat zit zijn vaak kant-en-klaar eten en fast food. Frisdranken als cola hebben veel toegevoegd fosfaat, wat ze zuur maakt en smaak geeft.
Tot nu toe dacht men altijd dat te veel aan fosfaat wel door de (gezonde) nieren werd uitgescheiden, wat ook zo is, en niet zo veel kwaad kon. Het wordt duidelijk dat de uitscheiding van veel fosfaat door de nieren alleen kan als het niveau van de hormonen FGF23 (fibroblast growth factor 23) en PTH (bijschildklierhormoon) in het bloed toeneemt. Dit hormoonsysteem heeft ook zijn grenzen en zal bij te veel fosfaatconsumptie tot een hoog-normaal gehalte aan fosfaat in het bloed leiden. Een hoog fosfaatgehalte in het bloed leidt tot aderverkalking. Dat komt niet alleen doordat er kalkafzetting in de vorm van calciumfosfaat plaatsvindt, maar ook doordat spiercellen in de vaatwand veranderen in botvormende cellen. Het resultaat is dat de bloedvaten versneld verouderen met hart– en vaatziekten als gevolg.
Net zoals er te veel zout (natrium) in ons voedsel zit, blijkt er ook te veel fosfaat in te zitten. Een verantwoorde voeding zal veel minder fosfaat moeten bevatten. Het wordt tijd dat er behalve de E-nummers, die voor de gemiddelde consument niet te begrijpen zijn, ook de hoeveelheid fosfaat op de etiketten komt te staan. Behalve voor nierpatiënten zou dat ook voor iedereen een meer verantwoord eetpatroon mogelijk maken.
|
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS).
Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd. Vooral heupfracturen zijn riskant; bij oudere patiënten is het risico op overlijden groot. Daarom is er de laatste decennia veel aandacht besteed aan de behandeling van renale osteodystrofie, maar uit het Amerikaanse onderzoek blijkt dat deze behandeling maar gedeeltelijk effect sorteert. Het risico dat een dialysepatiënt een heupfractuur oploopt is nog altijd vijf keer zo hoog als bij vergelijkbare niet-nierpatiënten.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.
'Onderscheid acute en chronische nierschade bij spoedopname klopt vaak niet'
Traditionele markers zijn niet geschikt om in de eerste 24 uur het onderscheid te maken tussen blijvende en herstellende acute nierschade bij patiënten die op een intensive care belanden, schrijven Franse onderzoekers. Misschien betekent dat zelfs wel dat het onderscheid tussen beide vormen van schade niet zo zwart-wit is als tot nu toe gedacht wordt, trekken Australische wetenschappers de conclusie.

Gepubliceerd: woensdag 21-03-2012


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel