Hogere kwaliteit van leven door diëtist in dialysecentrum
Door Tjalda de Schepper
Verschillende factoren die met het dialysecentrum samenhangen hebben invloed op de kwaliteit van leven van dialysepatiënten. Zo ervaren mensen een hogere kwaliteit van leven als er een voltijds diëtiste in dienst is. In regionale vestigingen ervaren patiënten een hogere kwaliteit van leven en in universitaire dialysecentra juist een lagere.
Dit blijkt uit het CONTRAST onderzoek dat wordt uitgevoerd in 24 Nederlandse dialysecentra. Omdat dialysepatiënten zo veel tijd doorbrengen in de klinieken wilden de onderzoekers zien of dit invloed heeft op de kwaliteit van leven en of er veranderbare factoren zijn om de kwaliteit van leven te beïnvloeden. Hiervoor is bij 570 patiënten de vragenlijst Kidney Disease Quality Of Life Short-Form (KDQOL-SF) afgenomen.
Tussen de centra zijn significante verschillen te zien in drie items uit de vragenlijst. Dit zijn de physical composit score, quality of social interaction en dialysis staff encouragement. Daarnaast blijkt het aantal beschikbare uren van de diëtist per patiënt van belang. Patiënten ervaren meer steun van het dialysepersoneel als er meer diëtisten per patiënt aanwezig zijn.
De onderzoekers geven aan dat hier meerdere mogelijke verklaringen voor zijn; ten eerste de waardering voor goed dieetadvies, ten tweede de grote variatie in diëtistenuren tussen de klinieken en ten derde de positieve relatie tussen een goed dieet en kwaliteit van leven. Een dergelijk verband is niet gevonden tussen kwaliteit van leven en andere zorgverleners als dialyseverpleegkundigen of artsen.
Ook het soort dialysecentrum is van invloed. In regionale vestigingen is de kwaliteit van leven hoger. Dit wordt mogelijk verklaard doordat deze dichterbij zijn en er dus minder reistijd is voor de patiënt. In universitaire ziekenhuizen was de ervaren kwaliteit van leven juist lager. Dit kan samenhangen met het feit dat hier juist de mensen met een hogere ziektelast terecht komen terwijl de relatief gezonde mensen in een regionale kliniek dialyseren.
De onderzoekers noemen het opvallend dat de steun en aanmoediging die patiënten in de klinieken ervaren zo verschilt. Ze benadrukken daarom de noodzaak van regelmatige evaluatie van de dialysezorg, waarbij de patiënt centraal moet staan. Een patiënt die zich gesteund voelt in het dialysecentrum zal zich eerder aan de voorschriften en adviezen van zijn behandelaars houden.
|
Risico op gebroken heup onveranderd hoog bij dialysepatiënt
Heupfracturen komen nog steeds vaak voor bij nierpatiënten, ondanks de vooruitgang die de laatste jaren is geboekt bij het behandelen van nierziektegerelateerde botproblemen. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd aan Stanford University (Californië, VS).
Met de achteruitgang van de nierfunctie verslechtert ook de mineraalhuishouding van de botten, met pijn in de botten en botbreuken tot gevolg. Dit wordt 'renale osteodystrofie' genoemd. Vooral heupfracturen zijn riskant; bij oudere patiënten is het risico op overlijden groot. Daarom is er de laatste decennia veel aandacht besteed aan de behandeling van renale osteodystrofie, maar uit het Amerikaanse onderzoek blijkt dat deze behandeling maar gedeeltelijk effect sorteert. Het risico dat een dialysepatiënt een heupfractuur oploopt is nog altijd vijf keer zo hoog als bij vergelijkbare niet-nierpatiënten.
'Uitlaatgassen gevaarlijk voor de nieren'
Onderzoekers uit Boston zijn op het idee gekomen de plaats waar iemand woont, te koppelen aan de nierfunctie. Ze waren benieuwd of de nabijheid van een weg waar veel uitlaatgas wordt geproduceerd, samenhangt met een slechtere nierfunctie. Het was al bekend dat de nabijheid van een grote weg een risico vormt op hart- en vaatziekten.
'Onderscheid acute en chronische nierschade bij spoedopname klopt vaak niet'
Traditionele markers zijn niet geschikt om in de eerste 24 uur het onderscheid te maken tussen blijvende en herstellende acute nierschade bij patiënten die op een intensive care belanden, schrijven Franse onderzoekers. Misschien betekent dat zelfs wel dat het onderscheid tussen beide vormen van schade niet zo zwart-wit is als tot nu toe gedacht wordt, trekken Australische wetenschappers de conclusie.

Gepubliceerd: dinsdag 05-07-2011


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel