Advagraf en Prograft niet zomaar onderling uitwisselbaar
Door Merel Dercksen
De afweeronderdrukkende medicijnen Advagraf en Prograft, die dezelfde werkzame stof bevatten, zijn niet zomaar onderling uitwisselbaar. De eerste hoeft maar een keer per dag genomen te worden, tegen Prograft twee keer. Maar patiënten blijken van Advagraf een hogere dosis nodig te hebben, dan twee capsules Prograft bij elkaar opgeteld.
Het immunosuppressivum Prograft, dat na transplantatie gegeven wordt, bevat de werkzame stof tacrolimus. Het medicijn moet twee keer per dag op een lege maag genomen worden. Sinds enkele jaren is ook Advagraf beschikbaar. Dit bevat dezelfde werkzame stof, maar dan verpakt in een capsule met gereguleerde afgifte. Hierdoor hieft het medicijn nog maar een keer per dag genomen te worden.
Volgens onderzoekers uit Barcelona is er weinig bekend over het gebruik ervan in de praktijk, behalve uit gesponsorde studies. Zij besloten daarom de effectiviteit bij niergetransplanteerden van beide toedieningsvormen te vergelijken. Beide onderzoeksgroepen bestonden uit 26 mensen die, naast andere medicatie, direct vanaf de eerste dag na hun transplantatie ofwel Prograft, ofwel Advagraf kregen. Voor alle deelnemers was de aanvangsdosering 0,2 mg/kg per dag.
Om vergelijkbare bloedspiegels van de werkzame stof tacrolimus te bereiken, bleken degenen die een keer per dag slikten, een hogere dosis per kilogram lichaamsgewicht nodig te hebben dan degenen die het over twee keer verdeelden. Drie maanden na de transplantatie lag de totale dagdosering gemiddeld zelfs bijna twee keer zo hoog. Dan was het effect wel gelijk. De onderzoekers vonden geen verschillen tussen de twee groepen in de andere medicijnen die ze slikten, die de hogere benodigde dosis konden verklaren. Het enige verschil wat ertoe deed vormden de normale capsules, of die met vertraagde afgifte.
|
Nier van kleine donor werkt wat minder hard
Nieren van kleine levende donoren hebben een lagere filtratiesnelheid dan nieren van grotere donoren, constateren onderzoekers van de Mayo Clinic Arizona in Phoenix.
Tijdens het American Transplant Congress maakten dr. Hasan Khamash en zijn collega's de resultaten van hun onderzoek bekend. Ze hebben daarvoor de gegenvens van 579 levende donor-ontvangerparen geanalyseerd. Van alle donoren berekenden ze het lichaamsoppervlak, en van alle ontvangers was de nierfunctie een jaar na transplantatie bekend.
De onderzoekers hebben geconstateerd dat onder ontvangers die een nier kregen van een donor met een lichaamsoppervlakte kleiner dan 1,7 m2, bij 19% de nier een filtratiesnelheid van minder dan 40 ml/min had, wat als laag bestempeld kan worden. Onder ontvangers van een nier van een donor met een groter lichaamsoppervlak had maar 8% een jaar na transplantatie een lage nierfunctie.
Trage start nieuwe nier gevaarlijker voor ouderen
Hoe ouder de ontvanger van een postmortale nier is, hoe groter de kans dat hij het niet overleefd wanneer de nier niet meteen werkt. Jonge getransplanteerden kunnen zo'n opstartfase meestal wel overbruggen. Er bestaat een verband tussen het vertraagd op gang komen van een pas getransplanteerde nier, en het overlijden van de getransplanteerde patiënt in de eerste maanden na transplantatie. Dr.
HLA-mismatch transplantatie zonder blijvende medicatie al mogelijk
Vijf jaar geleden rapporteerden onderzoekers van het Massachusetts General Hospital over vijf patiënten bij wie ze een gelijktijdige nier- en beenmergtransplantatie hadden uitgevoerd. Al deze patiënten vertoonden een HLA-mismatch met hun donor, wat betekent dat er onder normale omstandigheden afstoting zal optreden.

Gepubliceerd: dinsdag 15-09-2009


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel